terug  begin  verderprepost
[p. 69]

18
Johan Scutken:
vertaling van het Nieuwe Testament

Rond 1390 vertaalde Johan Scutken († 1423) het Nieuwe Testament en de oudtestamentische perikopen. Daarnaast voltooide hij waarschijnlijk de incomplete psalmvertaling van Geert Grote. Scutken was convers in het klooster van Windesheim. Zijn bijbelvertaling heeft tot in de zestiende eeuw veel invloed gehad op de bijbeltraditie in het Nederlands (Deschamps 1972, p. 159-161).
In zijn proloog (uitgegeven in De Bruin 1979, p. 189-190) benadrukt Scutken het belang van de epistelen van Paulus. Paulus probeert de eenheid van de kerk te bewerkstelligen door een eenduidige uitleg aan de boodschap uit het evangelie te geven. Hij deed dat in het Latijn, Grieks en Hebreeuws, aldus Scutken (in werkelijkheid schreef Paulus alleen in het Grieks). En wat voor het gewone volk dat die talen sprak van belang was, is dat ook voor het Dietse volk. Maar Scutken gaat nog een stap verder. Zijn Latijnse bron hanteert een zeer gecondenseerd soort taalgebruik, waardoor de betekenis moeilijk te doorgronden is. Om nu te voorkomen dat iedereen de Schrift naar zijn eigen behoeftes gaat uitleggen, belooft Scutken waar nodig de tekst van (door de kerk geautoriseerd) commentaar te voorzien.

1Paulus, die apostel ons Heren Jhesu Cristi, heft ghescreven viertien epistolen. Die 2 tien scrijft hi tot kerken of totten ghehelen ghestichten die keersten gheworden wa-23ren, om hem luden int ghelove te sterken. Ende die ander vier scrijft hi toe ghe-4noemden personen, hoe si hem regieren souden, ende ander lude mede inden keers-45tenen ghelove.

6Ende mit drierehande ghetughe scrijft hi ende proeft hi dat hi leren wil, want6 7 drie isser inden hemel die ghetughe gheven. Daer om neemt hi oec drie ghetughe

[p. 70]

8 inder eerden, als Moyses, die propheten ende die ewangelie. Dese drie sijn daer8 9 hi op getughet. Sijn woerde sijn grondich ende sware te verstaen den onverstande-99-1010len ende den onghenadighen int ghelove, alse sunte Peter. Ende of si sunte Peter10 11 zwaer duchten te verstaen, wat sollen si ons dan wesen? Het en is gheen wonder 12 dat si den menschen in dien deel, daer si menschelic verstaen willen, verborghen12 13 sijn, want hi ghetughet selve ende seyt op een stede: ‘Bruders, ic maect u keenlic13 14 dat ic dat ewangelium, dat u overmids mi gepredict is, niet nae den menschen ont-14-1615fangen hebbe, noch vanden menschen gheleert, mer overmids der apenbaringhen 16 ons Heren Jhesu Cristi.’ Ende daer om en machse nieman verstaen, het en si dat 17 hi den selven sin heb die Paulus hadde, of ten minsten hem daer nae beghere te 18 richten. Paulus is also vole te segghen als cleyne, ende want hi cleyn was in hem18 19 selven, daer om wort Cristus groet in hem. Soe wie se verstaen wille, die werde 20 cleyn, want de cleynen ghevet God verstant.

21Die waerom ende zake alle sijns scrivens ende sijnre epistolen is dat wij dat21 22 ewangelium nae rechter edelheyt ontfanghen solden, ende de ewangelio inder waer-23heyt mitten leven ghehoersam worden, want op anders gheen fundament en heeft hi 24 ghesticht, noch anders en ghenen eynde en draecht alle sijn leringhe. Het was wael 25 noet dat hi die ghene diet ghelove ontfanghen hadden totter ghelijcheyt der ewan-26gelien driven ende stueren wolde, want daer wasser vole die se daer af toghen, als26 27 hi dicwil beclaghet in sijnre epistolen. Ende dit mach die zake wesen, want inder 28 ewangelien is een edel puerheyt die sober is van alre anderheyt, ende een onbegri-2829pelic licht, een onverganclic leven ende die ewighe durende waerheyt verborghen, 30 alsoe dat die duuster oghen der sinnen niet begripen en connen. Ende omdat si en3030-34 31 dat niet en verstaen, soe wanen si dat dat niet en is ende trecken dat ewangelium 32 tot alsolken sinnen alse selven sijn ende volghen noch en dienen der edelheyt der 33 ewangelien niet, mer si willen dat dat ewangelium hem volghe ende diene nae ho-34ren verstane, alst hem ghenoecht. Ende hier uut comet manighe dwalinghe, om dat 35 een yeghelic sinen sinnen ghenoech wesen willen.35

[p. 71]

36Dit te voorhoeden ende allen menschen toe den sinne Cristi toe trecken, soe 37 hevet sunte Paulus sijn epistolen ghescreven, sommich in Latijnscher talen, som-38mich in Griexer talen ende sommich in Ebreuscher talen, op dat een yeghelic ghe-39leert worde daer in. Ende eest dat deze epistolen den ghenen die Latijn verstaen, 40 ende den Grieken ende den Ebreuschen orbaerlic sijn ende nutte, soe sijn si oec 41 den Duutschen goet. Ende het is wat vremde, dat men alsoe menich Duutsche ghe-42scrijft maket ende vindet ende dese lichtscinende, claer epistolen, uten Gheest des 43 levenden Godes ghedicht, niet ghemeynre en sijn onder den ghemeynen luden, die 44 minne hebben toe Cristus leven. Want naest den ewangelien sijn sie die leerlicste44 45 scrifture die ghescreven is. Overmids dat die epistolen zwaer sijn ende dicwil mit45-46 46 luttel woerden voel sijns begripen - want Latijn is bequamer mede te spreken dan 47 Duutsch - daer om is hem somwile hulpen ghecomen mitter heyligher keerken ende 48 die leerers glose, op dat men den sin te bet verstae ende gheheel blive onghebro-4848-4949ken, want alsoe vole sinnes als hi nemet, en mach men mit alsoe luttel woerden niet49 50 beduden als hi uitghesproken heeft.

2ghestichten: bisdommen.
4regieren: gedragen.
6drierehande ghetughe: drie bronnen.
8als: te weten.
9grondich: diepgravend.
9-10onverstandelen: domme mensen.
10sunte Peter: de apostel Petrus, verwezen wordt hier naar de tweede brief van Petrus, vs. 3, 15-16.
12in ... willen: voorzover zij het in menselijke proporties willen begrijpen.
13op een stede: bedoeld is hier de brief aan de Galaten, vs. 1, 11-12.
keenlic: bekend.
14-16dat ... Cristi: Paulus beweert hier dat het evangelie geen menselijk product is, maar een rechtstreekse openbaring van God.
18vole: veel.
cleyne: klein, nederig.
21Die waerom ende zake: de reden en het doel.
26daer ... toghen: er waren veel interpretaties die de gelovigen van een gelijkgestemde uitleg van het evangelie afdreven.
28die ... anderheyt: die zich onderscheidt in haar eenvoud.
30die ... connen: de verblinde ogen van de menselijke zinnen kunnen (de diepe waarheid van het evangelie) niet begrijpen.
30-34Ende ... ghenoecht: omdat de mensen de diepere waarheid van het evangelie niet kunnen begrijpen en dienen, willen zij het evangelie naar hun eigen behoeften voegen.
35ghenoech wesen willen: wil bevredigen.
44leerlicste: meest leerzame.
45-46mit ... begripen: met weinig woorden veel gezegd wordt.
48die leerers glose: de marginale aantekeningen van de bijbelcommentatoren.
48-49gheheel blive onghebroken: (en de betekenis van Paulus' tekst) niet wordt aangetast.
49alsoe vole sinnes: zoveel kennis, wijsheid.
prepostterug  begin  verder