Chiromantie betekent handleeskunde, in de Middeleeuwen behorend tot de onzekere kunsten, omdat het niet zeker was of hij was ingegeven door God of door de duivel. Maar volgens de auteur van deze Cyromanchie, een priester uit Ham, was het ongetwijfeld een goddelijke wijsheid (vgl. vs. 1-5).
De (vijftiende-eeuwse?) tekst beschrijft de handleeskunde aan de hand van concrete gebeurtenissen uit het leven van de mens: voorspoed, ongeluk, rijkdom, armoede, huwelijk en dood. Na een uitgebreide introductie op dit onderwerp geeft de auteur aan waarom hij zijn tekst vertaalt (vs. 46 vlg.). Het werk is interessant en nuttig genoeg om ook toegankelijk gemaakt te worden voor diegenen die het Latijn niet machtig zijn. Hij wil met zijn vertaling zo dicht mogelijk bij het origineel blijven. De enige vrijheid die hij zichzelf toestaat, is het toevoegen van passende rijmvormen. Vgl. De Pauw 1893 (uitgave van de proloog op p. 272-274) en Lie 1985 (m.n. p. 164-167).