Volgens mij is er altijd een zeer oorzakelijk verband geweest tussen intelligentie en kindertal. Hoe meer hersens, hoe minder nageslacht. Ik kan het niet met cijfers staven, ik zou niet eens weten of er op dit veld onderzoek gedaan is - het is eigenlijk meer een gevoel, en ik wil onmiddellijk toegeven dat het misschien wel een tamelijk stompzinnig gevoel is, maar dat klopt dan: ik heb vier
kinderen en dat is voor Nederland honderd percent te veel.
Toch trof me van de week weer een aardige illustratie voor mijn theorie. De beroemde maatschappijkritische medicus dr O.M. de Vaal lanceerde in Het Parool het nieuws van een nieuw voorbehoedmiddel de zogenaamde C-film. C-film openbaarde de dokter, is een vliesje van een oplosbare kunststof waarmee sperma wordt gedood. Weinig problemen met het inbrengen, geen hinderlijke nevenverschijnselen, als het goed gaat ook nog goedkoop - kortom: een blijde gebeurtenis op het gebied van de geboortebeperking. Maar wat lees ik gisteren in datzelfde Parool van de hand van diezelfde arts?
‘Een paar bevriende collega's hebben mij laten weten dat zij niet zo ingenomen zijn met C-film. Eén van hen vertelde mij dat haar pupillen van een jeugdorganisatie er niet voldoende door beschermd waren.’ (dokter bedoelt waarschijnlijk: zwanger raakten - J.B.). ‘Maar die hadden dan ook geklaagd dat het zilverachtige vliesje zo'n raar propje werd en helemaal niet oploste. Het blijkt dat er aan de gebruiksaanwijzing van C-film dus iets ontbreekt. Er is geen rekening gehouden met de kans dat de gebruiker de verpakking toepast en het middel weggooit’.
De cursivering is van mij.
Begrijp me goed - ik voel me niet verheven boven het type steenezels dat zich op deze wijze toch weer voortplant. Ik heb in mijn eigen familie een nichtje gehad dat 't zilverpapier om een bonbonnetje mee opvrat en niet wist dat je een sinaasappel beter kunt pellen. Je hebt hele volksstammen ontzettend aardige mensen die hun belastingbiljet niet kunnen invullen, die in 'n openbare telefooncel waar alles gedrukt voor ze staat voorgekauwd toch niet kunnen opbellen, die niet weten hoe je hij heb schrijft en die altijd een kwartje in een dubbeltjesautomaat proberen te gooien.
‘Ik moet toegeven’, schrijft dr O.M. de Vaal in Het Parool, ‘dat ik tot gisteravond zelf geen moment gedacht heb dat de hier bedoelde vergissing zich zou kunnen voordoen’. Dat verbaast me niks. Dr De Vaal heeft gestudeerd, dat is een intelligente man, die weet precies wat je wel en wat je niet moet inbrengen. Ik taxeer hem op één, hooguit twee kinderen. En hij is koningklanterig genoeg om de fabrikanten van C-film alsnog met klem te sommeren de mensen uitvoeriger te informeren in de bijsluiter. Maar ver-
wacht hij nou echt dat de pupillen van de jeugdorganisatie zich dan ook helemaal zullen ontdoen van dat rare propje dat helemaal niet oplost?
Soms wou ik dat ik echt links was - dan kon ik bitter geloven dat er een complot achter zat om de mensen dom te houden.