Een heel nieuw leven beginnen.
Zo loop ik al anderhalve week met een advertentie in m'n zak waarin de Sociale Academie Amsterdam voor haar middelbare beroepsopleiding kultureel werk een DOCENT(E) vraagt die een baan van 3 dagen per week wil hebben.
Dan vraag ik je.
‘Wij stellen,’ zegt de Academie, ‘attitudevorming primair, en verzetten ons tegen schools leren.’
Een kolfje naar mijn hand dus.
‘Wij geven,’ lees ik verder, ‘de voorkeur aan (weer te leren) leren door reflectie op eigen ervaring in werk, privé en opleiding.’ Precies eigenlijk wat ik al jarenlang voel zonder 't ooit onder woorden te hebben kunnen brengen, laat staan onder zulke.
‘Wij gaan er van uit,’ vervolgt de oproep, ‘dat we op de opleiding te maken hebben met de totale mens, en hechten grote waarde aan (re)integratie van denken, voelen en handelen.’
Ik geef eerlijk toe dat ik niet helemaal begrijp wat ze daarmee bedoelen, maar ik weet bijna (ze)ker dat het (on)geveer neerkomt op wat in mij leeft en in ieder geval geïntegreerd zou kunnen worden in wat het leven voor mij altijd heeft be-teken-t.
Maar ja, wie ben ik.
De belangstelling van de Sociale Academie Amsterdam blijkt tenslotte uit tegaan naar hen die
‘bovenstaande visie op opleiden onderschrijven;
- inzicht en ervaring hebben in het kultureel werk;
- in hun handelen zicht hebben op de politieke dimensie ervan;
- willen werken in een zich demokratiserende opleiding;
- konkreet willen werken;
- zich kwetsbaar willen opstellen.’
Het is natuurlijk niet niks, en het moet je misschien wel in je bol geslagen zijn om meteen te denken dat je voor die betrekking geknipt bent - maar als je het nou puntsgewijs even naloopt zit ik, dacht ik, toch niet zo ontzettend vèr uit de buurt.
Dat ik de visie van de Sociale Academie Amsterdam (de bovenstaande uiteraard) onderschrijf spreekt eigenlijk voor zichzelf. Inzicht en ervaring in kultureel werk - tja, je leest 's een boek, je fluit zonder moeite een Beethoven mee, je hebt al in '69 de Zonnebloemen van Van Gogh ingeruild voor een protestposter van het Maagdenhuis, dus wat wil een mens nog meer.
Zicht in mijn handelen op de politieke dimensie ervan. Hèb ik. Heb ik als de pest had ik bijna geschreven, maar ik weet niet of ik dat in m'n sollicitatiebrief zo nadrukkelijk moet formuleren, hoewel aan de andere kant die mensen van Sociale Academies (zeker in Amsterdam) misschien juist weer tippelen op informele taal die toch feitelijk een uitdrukking is van (re)integratie van denken, voelen en handelen, bovendien berust op een soort reflektie op m'n eigen ervaring (privé) en alleen al daarom de politieke dimensie aanbrengt, want politiek is tenslotte proberen er het beste van te maken, en als ik een baan van drie dagen per week kan krijgen door een eind weg te ouwehoeren tegen een stelletje totale mensen die de pest aan (schools) leren hebben, dan laat ik niks na.
Zeg nou zelf.
‘Willen werken in een zich demokratiserende opleiding’ - oké, jongens, mij heb je; als het maar niet betekent dat ik die andere twee werkdagen per week in Woudschouten over conflictmodellen hoef te vergaderen, dan hebben jullie aan mij op het punt van de demokratisering geen kind.
Wat jullie je voorstellen bij ‘konkreet werken’ merk ik wel - en dat ik me daarbij kwetsbaar zal moeten opstellen lijkt me nogal wiedes.
Nog iets? Ja, nog iets.
Aan het eind van de advertentie staat:
‘Een doctoraal examen in één der menswetenschappen is vereist.’
En dat heb ik natuurlijk weer niet.
Maar zou het tot aanbeveling strekken dat ik op het kerstrapport in de derde klas van de HBS een drie voor scheikunde had?
Beleefd aan(be)velend.