Armando

Ps. van Herman Dirk van Dodeweerd, Nederlands schilder en dichter (Amsterdam 18.9.1929). Was een van de belangrijkste woordvoerders van de tijdschriften Gard Sivik en Nieuwe Stijl, waarin hij op neorealistische wijze teksten publiceerde die door isolering en verschoven perspectiefwerking een nieuwe kijk op de werkelijkheid bewerkstelligen.

Een geruchtmakende cyclus was De boksers, geheel bestaande uit citaten, die uit de mond van twee combattanten waren opgetekend. Zijn bundel Verzamelde gedichten (1964) wordt vooral door dit isoleringsprocédé bepaald. In later poëtisch en prozaïsch werk staat één thema centraal: een gewelddadige confrontatie in de bossen rondom Amersfoort. Telkenmale omcirkelt Armando deze pijnlijke en fascinerende jeugdervaring in vrij gesloten, soms archaïsche teksten, waarin geheimen tegelijk prijsgegeven en verhuld worden.

Een belangrijke oriëntatie vormt het werk van de dichter Ernst Jünger, bij wie geweld en tucht eveneens een onontkoombare fascinatie vormen. In dezelfde stijl moet men ook het aandeel van Armando in de televisiereeks Herenleed zien: absurde, traag verlopende taferelen uit een leven met meester-knechtverhoudingen.

Voor Machthebbers (1983), verslagen uit Berlijn en Toscane, kreeg hij in 1984 de Bordewijkprijs. In 1985 ontving hij de Jacobus van Looyprijs.

Werken:

De SS-ers (met Hans Sleutelaar, 1967); Hemel en aarde (1971); Vorstin der machtelozen (1972); De denkende, denkende doden (1973); Dagboek van een dader (1973); Het gevecht (1976); De ruwe heren (1978); Geschiedenis van een plek (met Hans Verhagen en Maud Keus, 1980); Aantekeningen over de vijand (1981); A. uit Berlijn (1982).

Uitgave:

Tucht: gedichten 1971-1978 (1980).

Literatuur:

R.H. Fuchs, `A.', in De Gids (1979); H. Beurskens, in Schrijver zonder stoel (1982); L. Ferron (ed.), Armando (1985).

 

[R. Bloem]