Berger, Simon PeterNederlands dichter en essayist (Abcoude-Proostdij 15.8.1936). Studeerde rechten te Leiden en was als criticus verbonden aan Het Vaderland. Later werkzaam als medewerker van het ministerie van crm. Vanaf 1963 redacteur van het tijdschrift Kentering, waaraan hij literair-kritische essays bijdroeg. Berger debuteerde met poëzie in Deze voorlopige naam (1961), waarvoor hij de Anne Frankprijs kreeg. In 1965 volgde de bundel Perm. Zelf karakteriseerde hij poëzie als een `tweevoudige manier van zien', daarmee doelend op het paradoxale werkelijkheidsbesef in zijn poëzie. In De twee seizoenen van liefde (1976) reflecteert hij als 40-jarige op de thema's liefde en dood. In 1964 stelde hij de bloemlezing Paradox, profiel van een generatie samen, gekozen uit de poëzie van de zestigers. Samen met anderen schreef hij over Karel Appel (1977). Werken:Op tegenspraak (1968), p.; Alle mense (1969), curs.; Liever het aardse (1969), p. Literatuur:M.J.G. de Jong, `Kritische warande der kritici', in Nieuw Vl. Tijdschr., 30 (1977); C. Engelbrecht, interview, in Gezegd en geschreven is twee (1980).
|