Berghe, Jan van denMiddelnederlands prozaschrijver (Handzame ca. 1360-7.10.1439). Behorend tot de kleine Vlaamse landadel, bekleedde hij achtereenvolgens een aantal baljuwschappen, tot hij in 1413 voor zijn diensten aan de landsheren beloond werd met een bevordering tot raadsheer bij de Raad van Vlaanderen. Schreef o.m. Dat kaetspel ghemoralizeert, een allegorische uitbeelding aan de hand van het kaatsspel van de in zijn tijd gebruikelijke rechtspleging, en de Juridictien van Vlaenderen, over een aantal specifieke juridische problemen. Uitgave:J.A. Roetert Frederikse (ed.), Van het kaetspel (1915). Literatuur:E. Strubbe, in Biographie nationale, 26 (1938); Idem, `De briefwisseling tussen J.v.d.B. en Johanna van Harcourt (1420-1437)', in Hand. Kon. Comm. voor Gesch., 125 (1960); J. van Rompaey, in Nationaal biografisch woordenboek, 5 (1972); E.G.I. Strubbe, `J.v.d.B., écrivain et juriste flamand 1360-1439', in Idem, De luister van ons oude recht (1973).
|