De Nederlandse en Vlaamse auteurs


auteur: G.J. van Bork en P.J. Verkruijsse


bron: G.J. van Bork & P.J. Verkruijsse (red.), De Nederlandse en Vlaamse auteurs van middeleeuwen tot heden met inbegrip van de Friese auteurs. De Haan, Weesp 1985


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

Auwera, Fernand

Ps. van Fernand van der Auwera, Vlaams romanschrijver (Antwerpen 26.11.1929). Ambtenaar in zijn geboortestad. Had door veel ziekten een eenzame jeugd. Een korte periode van literaire activiteiten in De Nevelvlek, een Antwerpse culturele vereniging, leerde hem hoe sterk hij in zijn persoonlijke contacten was geremd. Zijn tien romans en verhalenbundels werden met een zekere regelmaat gepubliceerd, met een breukpunt tussen 1968 en 1973. De revolutionaire wind die in 1968 door Europa waaide, introduceerde in Auwera's werk het probleem van het engagement, wat eveneens tot uiting kwam in zijn interviewbundels en jeugdverhalen.

De eerste romans vertonen een intens beoefenen van een nogal steriele navelstaarderij. Pas met Mathias 't Kofschip (1967) treedt de relatie literatuur-maatschappij op de voorgrond. De astmatische eenling Mathias verlaat zijn schrijfcel en engageert zich in een revolutie, maar komt uiteindelijk opnieuw voor zijn spiegelbeeld te staan. Na zijn crisisjaren 1968-1973 gaat Auwera resoluut therapeutisch schrijven, vooral in de bundels Zelfportret met gesloten ogen (1973) en We beginnen de dag opgeruimd en lopen rond de tafel (1974). Laatstgenoemde bundel is geschreven in een ziekenhuis.

Werken:

De weddenschap (1963), r.; De donderzonen (1964), r.; De koning van de bijen (1966), r.; Vogels met rode beulskoppen (1968), verh.; Bloemen verwelken, schepen vergaan... (1976), r.; Zonder onderschriften, 'n kleurboek voor volwassenen (1977), r.; Ik wou dat ik een marathonloper was (1978), r.; De nachtridders (1978), pr.; Cowboy spelen (1980), essays; Uit het raam springen moet als nutteloos worden beschouwd (1983), r.

Literatuur:

P. de Wispelaere, in Facettenoog (1968); H. Bousset, in Schreien, schrijven, schreeuwen (1973); Idem, in Woord en schroom (1977); P. de Wispelaere, in Kritisch lexicon van de Nederlandstalige lit. na 1945 (1983).

 

[H. Bousset]