De Nederlandse en Vlaamse auteurs


auteur: G.J. van Bork en P.J. Verkruijsse


bron: G.J. van Bork & P.J. Verkruijsse (red.), De Nederlandse en Vlaamse auteurs van middeleeuwen tot heden met inbegrip van de Friese auteurs. De Haan, Weesp 1985


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

Székely-Lulofs, Magdalena (Madelon) Hermine

Nederlandse romanschrijfster (Soerabaja 24.6.1899-Amsterdam 22.5.1958). Bracht als dochter van een bestuursambtenaar, daarna als plantersvrouw een groot deel van haar leven in voormalig Nederlands-Indië door. In 1930 keerde zij met haar tweede echtgenoot, de Hongaarse planter en schrijver László Székely, naar Europa terug; verbleef tot 1938 in Boedapest, daarna in Nederland.

Zij schreef een aantal veel gelezen, vaak vertaalde, doch ongelijkwaardige romans in de traditie van het psychologisch realisme, waarin zij een kleurig beeld ophangt van het leven in de tropen (met name Deli), later ook wel van dat in Hongarije. Opmerkelijke bijval oogstte vooral haar ook voor toneel en film bewerkte eersteling Rubber (1931, herz. uitg. 1952 en 1983), die het milieu van de rubberplanters in Deli beschrijft; in later werk behandelde zij met veel kennis van zaken en kritische zin andere koloniale toestanden (bijv. een tragische patrouille uit 1911 in De hongertocht, 1936). Maar niet altijd kon zij weerstaan aan jacht op goedkoop succes. Zij vertaalde ook, vooral uit het Hongaars.

Werken:

Koelie (1932); Emigranten (1933), verh.; De andere wereld (1934); Het laatste bedrijf (1937; herz. uitg. Weerzien in Boedapest, 1950); De kleine strijd (1941); Tjoet Nja Din (1948); Onze bedienden in Indië (1948).

Literatuur:

J. Last, in Links richten (1932-1933, 19732); J. Goedegebuure, in Literatuur, 1 (1984); C. van den Wijngaard, `M.L. (1899-1958), vrouw van Deli', in Bzzlletin, 12 (1983-1984).

 

[W. Gobbers]