Marion Eugenie Bloem, Nederlands schrijfster (Arnhem 24.8.1952). Dochter van uit Indonesië naar Nederland uitgeweken ouders. Studeerde klinische psychologie in Utrecht en schreef tijdens haar studie leesboekjes voor kinderen. Trouwde in 1971 met Ivan Wolffers, publicist over geneeskunde, en schreef samen met hem een aantal filmscripts. Vervaardigde documentaires voor het IKON en de VPRO, onder meer Wij komen als vrienden en Het land van mijn ouders.
In 1983 debuteerde Bloem als romanschrijfster met de roman Geen gewoon Indisch meisje, een roman over de problemen van de tweede generatie Indonesiërs in Nederland van wie de gezinssituatie nog sterk op het ‘oude’ Indië geënt is, maar die dat Indië nog nauwelijks als hun vaderland herkennen. Dezelfde thematiek beheerst de romans Rio (1987), Vaders van betekenis (1989) en De honden van Slipi (1992). De meeste van deze romans vertonen een sterk autobiografische inslag en zijn geschreven in een dagboekachtige stijl met korte zinnen, waardoor ze vaak een wat kortademige indruk maken. Voor een aantal recencenten vormde die stijl een punt van kritiek, maar veel van Bloems lezers werden aangetrokken door de Indisch-Nederlandse atmosfeer, waarmee ze in de traditie komt te staan van auteurs als Tjalie Robinson, Breton de Nijs en andere Indisch-Nederlandse schrijvers.
Vanaf 1977 is Bloem gaan reizen en schreef ze reportages. Vanaf 1986 is ze ook actief als beeldend kunstenares. Samen met haar echtgenoot schreef ze een studie over Hyperventilatie (1979). In 1993 ontving ze voor haar literaire werk de E. du Perronprijs.
Literatuur: Kritisch lexicon; Lexicon jeugdlit.; Lexicon lit. werken; Oosthoek; R.A.J. Kraaijeveld, ‘Alles is waar wat ik verzin’, in: Dietsche Warande & Belfort 136 (1991) 5, p. 622-624; H.G. Visser, ‘Marion Bloem. Een meisje van betekenis’, interview in: Indië in Holland. Schrijvers over hun Rijk van Insulinde (1992), p. 85-93; Roos-Marie Tummers, ‘Marion Bloem, schrijfster tussen twee culturen’, interview in: Furore 10 (1992), p. 10-14; S. van Rijnswou. Marion Bloem (1993).
G.J. van Bork
[nieuw, februari 2002]