Schrijvers en dichters (dbnl biografieënproject I)


auteur: G.J. van Bork


bron: Schrijvers en dichters werd niet eerder gepubliceerd.


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

Doolaard, A. den

Pseudoniem van Cornelis Johannes George Spoelstra, Nederlands dichter, journalist en romanschrijver (Zwolle 7.2.1901 - Hoenderloo 26.6.1994). Den Doolaard trok na een baan bij de Bataafse Petroleummaatschappij door Frankrijk, Tsjecho-Slowakije, Oostenrijk, Joegoslavië, Albanië en Noord-Afrika.

In 1926 debuteerde hij met gedichten in De verliefde betonwerker en in 1929 met zijn eerste roman De laatste ronde. Als journalist schreef hij talrijke reportages, vooral over de Balkan van voor en na WO II. In 1934 kwam hij in dienst van Het Volk, waarvoor hij als reizend correspondent werkte. Bij het uitbreken van de oorlog vluchtte hij via België naar Frankrijk vanwege zijn antifascistische opvattingen en kwam uiteindelijk via Portugal in Londen terecht, waar hij voor Radio Oranje werkte.

Na de oorlog bleef hij reisreportages schrijven en samen met fotograaf Cas Oorthuys schreef hij De toekomst in uw handen (1955), een boek over de gevaren van een atoomoorlog.

Den Doolaard maakte vooral naam met een aantal veelgelezen romans: De druivenplukkers (1931), De herberg met het hoefijzer (1933), Oriëntexpress (1934) en Wampie. De roman van een zorgeloze zomer (1938). Veel van deze romans zijn gesitueerd in de Balkan en spelen onder bergbewoners van dat gebied. Met zijn grote reportage Het hakenkruis over Europa (1938) wees hij op de gevaren van het fascisme en de oorlogsdreiging die ervan uitging.

In 1956 nam Den Doolaard de draad van zijn Balkanromans weer op en publiceerde hij Het land achter Gods rug, een roman over de partizanenstrijd van de Montenegrijnen tegen de Italiaanse fascisten. Zijn laatste grote roman was De goden gaan naar huis (1966). Het is een roman tegen de Westerse technocratie, de biologische gevaren ervan en de mogelijke milieuproblemen die hij daarvan verwachtte.

Den Doolaard was vice-voorzitter van de PEN en nam het initiatief tot oprichting van de Stichting Schrijvers in Nood, waarvan hij voorzitter werd. De enige belangrijke literaire prijs die hem ten deel viel, de Meiprijs van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde 1934, werd door hem geweigerd.

 

Literatuur: Kritisch lexicon; Oosthoek; WP-lexicon; Liber amicorum voor A. den Doolaard (1961); J. de Ceulaer, ‘A. den Doolaard. Eerbied voor het leven’, in: Te gast bij Nederlandse auteurs (1966), p. 18-29; G.H. 's-Gravesande, ‘A. den Doolaard’, interview in: Al pratende met... (1980), p. 135-144; H. van de Waarsenburg. A. den Doolaard: gesprekken over zijn leven en werk (1982); W. Kusters, ‘Over het beklimmen van de Parnassus’, in: Literatuur 16 (1996) 2, p. 86-91.

 

G.J. van Bork
[nieuw, februari 2003]