terug  begin  verderprepost
[p. 20]

September

 
Vannacht schrok Pluis, de eekhoorn, op:
 
er viel iets boven op zijn kop.
 
 
 
Zijn snuitje rond zijn snor werd bleek,
 
wat zag hij toch, dat hij zo keek?
 
 
 
Een doodgewoon, geel beukeblad
 
en dat betekent iets, maar wat?
 


illustratie

[p. 21]
 
Zo'n blad zit aan een boom in 't bos,
 
dan wordt het geel en laat het los.
 
 
 
Het dwarrelt wat, dan ligt het stil
 
en Pluis weet wat dat zeggen wil.
 
 
 
Zò gauw al weer?, zegt hij verbaasd,
 
dan denkt hij na en krijgt hij haast.
 
 
 
Hij rent en roetsjt, boom in, boom uit,
 
omhoog, omlaag, op zoek naar buit.
 
 
 


illustratie

 
En ieder gaatje, ieder hol,
 
stopt hij met eekhoorneten vol.
 
 
 
Hij is pas tegen donker klaar:
 
Val nou maar blaadjes, val nou maar!
 
 
 
Regen maar regen, waai maar wind,
 
knap die iets tegen Pluis begint!
 
 
 
Al duurt de winter maandenlang,
 
Pluis heeft genoeg. Pluis is niet bang.
prepostterug  begin  verder