totdat deze in 1878 ontbonden werd. Hij overleed in Den Haag, 21 December 1881.
Schr. een groot aantal bijdr. in numismatische werken, artikelen over kunst en oudheden en hare toenmalige aangelegenheden in Ned. Spect., Arnh. Crt. en Het Vaderland; Levensberichten in Hand. Letterk.; zijne nasporingen over Johan van Nijenborch, z.a., in Bibliogr. Adversaria en gen. Handelingen, en een afzonderlijk verschenen werk: Friesland en de Friezen, Leid. 1881. In de lijst achter onderst. levensbericht moest nog vermeld worden zijn aandeel in de uitgave der Oude Verhalen van het Beleg en Ontzet van Leiden en in de samenstelling van het Repertorium der Vaderl. Geschiedenis.
(Hand. Mij. Ned. Lett., 1870.)