terug  begin  verderprepost

5

Amice!

Neem het stuk van Heloïse12 s.v.pl maar op in het februari-nummer, met de door u voorgestelde inkorting van de regels, zoodat niet telkens de naam op eene nieuwe alinea staat.

Wordt de aflev. te dik, zoo kunt Ge het stuk v. Winkler Prins over Potgieter tot Maart uitstellen.13

Ik zend U hierbij een brief v. Heloïze om advies op de velerlei vragen. Daar ik haar man, om vele redenen niet al te zeer genegen ben, zoo doe ik mijn best tegenover haar geen enkel verzuim te begaan. Meld mij bij de terugzending v. d. brief uwe beslissing omtrent hare vragen.

't Doet me leed, dat de inteekeningen verminderen, al is 't niet veel. Maar bij 't begin van 't jaar is er altijd mutatie.

Een stuk van Mevrouw Jolles14 van nog geen 2 vel - dit kan gaan. Ik zal 't zelf in orde brengen met de proef.

Gij denkt inmiddels nog wel eens aan het gevraagde wisseltjen, niet waar?

[p. 22]

Hebt gij nog jaargangen 1870 en 1872 van Nederl. Mij ontbreken enkele aflev. en mijne geheele kollektie is daardoor zonder waarde.

Wanneer zijt Gij met Nederland begonnen?

van harte
tt
Jan ten Brink

15 Januari 76

den Haag.

12Heloïse is het pseudoniem van mevrouw M. Douwes Dekker-Hamminck Schepel. Het bedoelde stuk is: Twee vrouwen, Proeve van een tooneelspel in vijf bedrijven (II, blz. 109-169). BA
13J. Winkler Prins, een verdienstelijk dichter, heeft veel novellen en romans geschreven. Hij was geregeld medewerker van Nederland. Zijn Studiën over Potgieter zijn in vier stukken in de jaargang 1876 geplaatst (I, blz. 170-184, 379-398; II, blz. 41-56; III, blz. 69-90). Het eerste stuk staat nog in het februarinummer. BA
14Mevrouw J.C. Jolles-Singels, schrijfster van romans en novellen, werd door Busken Huet gunstig beoordeeld. Onder het pseudoniem Catharina droeg zij bij Een oude geschiedenis op nieuw verteld (I, blz. 358-378). BA
prepostterug  begin  verder