Het land van RembrandStudiën over de Noordnederlandsche beschaving in de zeventiende eeuwCd. Busken Huet
bron
Cd. Busken Huet, Het land van Rembrand. Studiën over de Noordnederlandsche beschaving in de zeventiende eeuw (2 delen in 3 banden). H.D. Tjeenk Willink, Haarlem 1882-1884.
codering
DBNL-TEI 1
dbnl-nr busk001land02_01
logboek
- 2006-06-23 DH colofon toegevoegd
verantwoording
gebruikt exemplaar exemplaar universiteitsbibliotheek Leiden, signatuur: 1122 F 9, F 10, F 11
algemene opmerkingen Dit bestand biedt, behoudens enkele hierna te noemen ingrepen, een diplomatische weergave van de eerste druk van Het land van Rembrand. Studiën over de Noordnederlandsche beschaving in de zeventiende eeuw van Cd. Busken Huet uit 1882-1884. Het werk bestaat uit twee delen, verdeeld over drie banden.
redactionele ingrepen De ‘Verbeteringen’ op p. 704 (eerste deel), p. 446, 447 (tweede deel) en p. 565, 566, 567 (tweede deel, tweede helft) zijn in de lopende tekst doorgevoerd. Aan het begin van elk deel is de betreffende deeltitel tussen vierkante haken toegevoegd. Aan het begin van elk hoofdstuk zijn de hoofdstuktitels uit de inhoudsopgave tussen vierkante haken toegevoegd. Tweede deel, p. 382: dankbare → denkbare: ‘De koning begeert alle denkbare middelen aan te wenden, ten einde het cijfer op hetwelk zijne onderdanen regt hebben een weinig meer nabij te komen’. Tweede deel, p. 447: de verbetering ‘Bladz. 251, r. 4 v.o. Voor "2" lees "4".’ is niet gevonden. Tweede deel, tweede helft, p. 243: het nootteken op p. 243 is veranderd in ††.
Bij de omzetting van de gebruikte bron naar deze publicatie in de dbnl is een aantal delen van de tekst niet overgenomen. Hieronder volgen de tekstgedeelten die wel in het origineel voorkomen maar hier uit de lopende tekst zijn weggelaten. Ook de blanco pagina's (eerste deel: p. π1v, IV; tweede deel: p. 2, 448; tweede deel (tweede helft): p. II, 580) zijn niet opgenomen in de lopende tekst.
[eerste deel] [pagina ongenummerd (p. π1r)] Het land van Rembrand
[pagina ongenummerd (p. π2r)] Het land van Rembrand
Studien over de Noordnederlandsche beschaving in de zeventiende eeuw door Cd. Busken Huet Korresponderend Lid van het Bataviaasch Genootschap voor Kunsten en Wetenschappen
Eerste deel
Haarlem H.D. Tjeenk Willink 1882
[pagina ongenummerd (p. π2v)] Snelpersdruk van H.C.A. Thieme, te Nijmegen.
[pagina ongenummerd (p. III)] Inhoud Eerste Hoofdstuk. Dertiende eeuw. - Olivier van Keulen. Tweede Hoofdstuk. Veertiende eeuw. - Graaf Jan van Blois. Derde Hoofdstuk. Vijftiende eeuw. - Thomas a Kempis. Vierde Hoofdstuk. Zestiende eeuw. - Erasmus. Zestiende eeuw. - Lucas van Leiden. Zestiende eeuw. - Overzicht der Letterkunde.
[pagina 698] Inhoud van het eerste deel.
EERSTE HOOFDSTUK.
Dertiende Eeuw. - Olivier van Keulen.
[pagina 699] TWEEDE HOOFDSTUK.
Veertiende Eeuw. - Graaf Jan van Blois.
DERDE HOOFDSTUK.
Vijftiende Eeuw. - Thomas a Kempis.
[pagina 700]
VIERDE HOOFDSTUK.
Zestiende Eeuw. - Erasmus.
[pagina 701] VIJFDE HOOFDSTUK. Zestiende Eeuw. - Lucas van Leiden.
[pagina 702]
ZESDE HOOFDSTUK.
Overzigt der Letteren.
[pagina 703]
[pagina 704] Verbeteringen. Bladz. 47. Het in eene noot bedoelde werk van Koenen is de ook later aangehaalde Geschiedenis van den Boerestand. - Bladz. 109, regel 10 v.o. Voor ‘van Nederland’ lees ‘over Nederland’. - Bladz. 134, regel 4 v.o. Voor ‘in de boeren zelven’ lees ‘de boeren zelven in’. - Bladz. 189, noot. Voor ‘Luse’ lees ‘Luce’; voor ‘Marlet’ lees ‘Merlet’. - Bladz. 261, regel 8 v.o. Voor ‘zelfvoldoening’ lees ‘voldoening’. - Bladz. 310, regel 5 v.o. Voor ‘zijne moeder’ lees ‘zijne moei’. - Bladz. 326, noot, regel 2 v.b. Voor ‘ooggetuigen’ lees ‘tijdgenooten’. - Bladz. 333, regel 2 v.b. Voor ‘vrolijkheid in’ lees ‘vrolijkheid en’. - Bladz. 340, regel 11 v.b. Voor ‘Vereenigde Nedelanden’ lees ‘Vereenigde Provinciën.’ - Bladz. 345, regel 14 v.b. Voor ‘het monarchale’ lees ‘het monachale’. - Bladz. 369, regel 2 v.o. Voor ‘grootmoeder’ lees ‘moeder’. - Bladz. 407, noot. Voor ‘Paucis’ lees ‘Si paucis.’ - Bladz. 443, regel 2 v.o. Voor ‘kwamen’ lees ‘kunnen’. - Bladz. 447, regel 5 v.o. Voor ‘bazen’ lees ‘nederlandsche bazen’. - Bladz. 448, noot 2. Voor ‘terrim’ lees ‘turrim’. - Bladz. 479, regel 4 v.b. Voor ‘achterneef’ lees ‘neef’. - Bladz. 483, noot 2. Voor ‘Vita’ lees ‘Vite’. - Bladz. 493, noot 2. Voor ‘Beitrage’ lees ‘Beiträge’. - Bladz. 555, regel 9 v.o. Voor ‘den trap’ lees ‘een trap’. - Bladz. 563, regel 14 v.o. Voor ‘vóórttrekkend’ lees ‘vóórtrekkend’. - Bladz. 575, regel 6 v.b. Voor ‘tekstuitgaven’ lees ‘teksten’. - Bladz. 577, regel 5 v.b. Voor ‘dezer gedichten’ lees ‘dezer laatste gedichten’. - Bladz. 592, noot 1. Voor ‘1713’ lees ‘1716’. - Bladz. 623, regel 2 v.o. en noot 2. Voor ‘Feesteye’ lees beide malen ‘Teesteye’. - Bladz. 634, regel 9 vgg. v.b. De cijfers 1 en 2 te veranderen in 2 en 3. - Bladz. 636, regel 3 v.o. Voor ‘gelijkt Olivier’ lees ‘en Olivier’. - Bladz. 647, noot 2. Voor ‘ongehuwd meisje’ lees ‘meisje’. - Bladz. 659, regel 7 vgg. v.b. Voor ‘kwaad’, ‘doodlijcke’, ‘beider’, ‘om’, ‘hij’ lees ‘quaet’, ‘dootlijcke’, beyder’, ‘voor’, ‘hy’. - Bladz. 671, noot. Voor ‘1297’ lees ‘I 297’. - Bladz. 673, regel 14 v.b. Hier begint eene nieuwe strofe. - Bladz. 685, noot 2. Voor ‘Etymologetion’ lees ‘Etymologeticon’.
[tweede deel] [pagina ongenummerd (p. 1)] Het land van Rembrand
[pagina ongenummerd (p. 3)] Het land van Rembrand
Studien over de Noordnederlandsche beschaving in de zeventiende eeuw
door
Cd. Busken Huet Korresponderend Lid van het Bataviaasch Genootschap voor Kunsten en Wetenschappen
Tweede deel
Haarlem H.D. Tjeenk Willink 1883
[pagina ongenummerd (p. 4)] Snelpersdruk van H.C.A. Thieme, te Nijmegen.
[pagina 443] Inhoud van het tweede deel. Eerste helft.
Eerste hoofdstuk. Het Geloof.
[pagina 444]
Tweede hoofdstuk. De Handel.
[pagina 445]
[pagina 446] Verbeteringen.
Eerste Hoofdstuk.
Bladz. 17, noot 1, regel 9. Voor ‘supposter’ lees ‘supporter’. - Bladz. 28, regel 11 v.b. Voor ‘ontperst hebben’ lees ‘kunnen ontperst hebben’. - Bladz. 39, noot 1, regel 2. Voor ‘Van Moll’ lees ‘van Moll’. - Bladz. 46, noot 4. Voor ‘Gedenkstukken Van’ lees ‘Gedenkstukken van’. - Bladz. 53, r. 10-12 v.b. Lees ‘waarmede deze tusschen Maastricht en Luik te vergeefs de Maas was overgetrokken’. - Bladz. 69, noot 4. Lees ‘Trigland’. - Bladz. 70, regel 13 v.b. Voor ‘De zaak is’ lees ‘De waarheid is’. - Bladz. 78, r. 12 v.b. Bijvoegen ‘Allen of de meesten, en evenzoo Palamedes’. - Bladz. 81, regel 15 v.b. Voor ‘tyrannie’ lees ‘tyrannis’. - Bladz. 92, regel 2 v.b. Voor ‘Jozef in 't Hof’ lees ‘Jozef aen 't Hof’. - Bladz. 117, noot 5, laatste regel. Voor ‘1882’ lees ‘1878’. - Bladz. 119, regel 1 v.b. Voor ‘beide’ lees ‘beiden’. - Bladz. 122, regel 2 v.b. Voor ‘tekstvervalsching’ lees ‘vervalsching’. - Bladz. 124, regel 3 v.b. Voor ‘Maar een’ lees ‘Een’. - Bladz. 130, regel 1 v.o. Voor ‘theologische professoren’ lees ‘orthodoxe theologische professoren’. - Bladz. 134, regel 7 v.b. Voor ‘zes en dertig’ lees ‘zes en twintig’. - Bladz. 135, regel 1 v.b. Voor ‘acht en twintig’ lees ‘dertig’. - Bladz. 137, regel 13 v.b. Voor ‘dertig’ lees ‘twintig’. - Bladz. 141, noot 3. Bijvoegen ‘Van Vloten bij Arend, 1879, IV2 555-565’. - Bladz. 142 noot 2. Voor ‘113’ lees ‘111 vg.’ - Bladz. 143, noot, regel 2. Voor ‘1860’ lees ‘1861’. - Bladz. 144, noot, laatste regel. Voor ‘noot 3’ lees ‘noot 1’. - Bladz. 147, noot 3. Bijvoegen ‘Works of William Temple, II 278 vgg. der uitgaaf van 1770’. - Bladz. 152, regel 9 v.b. Voor ‘en Melchior’ lees ‘Melchior’. - Bladz. 159, noot 1, slot. Bijvoegen ‘Portret der volwassene in de oude uitgaven van Jacob Cats’. - Bladz. 161, r. 5 v.o. Voor ‘Maar door’ lees ‘Door’. - Bladz. 164, noot. Bijvoegen ‘Van Vloten bij Arend, 1879, IV2 1099, met Spinoza's portret. Ander portret vóór het 2de Deel van Spinoza's werken door Van Vloten en Land, 1883.’ - Bladz. 166, r. 6 v.b. Voor ‘vierlet’ lees ‘verliet’. - Bladz. 168, noot. Bijvoegen ‘Bayle's portret bij Rauwenhoff, Protestantisme, II 144’. - Bladz. 178, r. 13 v.b. Voor ‘in onzen tijd’ lees ‘in onze dagen.’ - Bladz. 184, r. 10 v.b. Lees ‘die onder Karel V en onder Alva eene breede schaar anabaptisten en kalvinisten enz’. - Bladz. 189, r 1 v.b. Voor ‘Lofzang op’ lees ‘Lofzang van’. - Bladz. 195, r. 5 v.b. Voor ‘Hofwyck en Biddaghsbede’ lees ‘Biddaghsbede en voorname gedeelten van Hofwyck’.
Tweede Hoofdstuk.
Bladz. 220, noot 2. Bijvoegen ‘J. Scheltema, Onoverwinnelijke Vloot, 1825, bladz. 220’. - Bladz. 226, noot 1. Bijvoegen ‘B.
[pagina 447] Woordenboek van Van der Aa, XI 490 vgg.’ - Bladz. 244, r. 4 v.b. Bijvoegen ‘Antonides zal de Oost-Indische Compagnie bezingen (Ystroom, 2de Boek)’. - Bladz. 248, r. 5 v.o. Voor ‘met welke’ lees ‘helden eener litteratuur met welke.’ - Bladz. 251, r. 4 v.o. Voor ‘2’ lees ‘1’. - Bladz. 254, r. 11 v.b. Voor ‘keizerlijke’ lees ‘roomsch-koninklijke’. - Bladz. 254, noot 1, r. 4. Voor ‘V 69’ lees ‘IV 69’. - Bladz. 264, noot 2. Bijvoegen ‘Dagverhaal van Jan van Riebeeck, in Werken van het H. Genootschap, 1848’. - Bladz. 266, noot 3. Bijvoegen ‘Edmond Plauchut, Armées de la Civilisation, 1879, bladz. 15, 51’. - Bladz. 274, r. 8 v.b. Voor ‘bleef op’ lees ‘bleef nagenoeg op’. - Bladz. 275, r. 5 v.o. Voor ‘van Europa’ lees ‘uit Europa’. - Bladz. 276, r. 8 v.b. Voor ‘den Europeaan’ lees ‘Europeaan’. - Bladz. 279, noot, r. 4 v.o. Voor ‘moord, van’ lees ‘moord van’. - Bladz. 280, noot 3. Bijvoegen ‘Nieuwe bijzonderheden bij Van der Chijs Jr., Tijdschrift Bataviaasch Genootschap 1883, XXVIII v 392-453, opstel: Kapitein Jonker’. - Bladz. 281, noot, r. 1. Voor ‘De Jonge Jz.’ lees ‘De Jonge Jr.’ - Bladz. 282, r. 7 v.o. Voor ‘Soedanezen’ lees ‘Soendanezen’. - Bladz. 288, noot 2. Bijvoegen ‘De Jonge Jr., Opkomst, VII cvii, 308. No. lxviii der O. Stukken’. - Bladz. 295 r. 5 en r. 10 v.b. Voor ‘Modjopahit’ lees ‘Modjopait’. - Bladz. 296, r. 9 v.b. Voor ‘keizer Anom’ lees ‘den keizer’. - Bladz. 298, r. 1 v.o. Voor ‘n'y a rien’ lees ‘il n'y a rien’. - Bladz. 366, r. 7 v.b. Voor ‘niet lang’ lees ‘niet altijd’. - Bladz. 367, r. 15 v.b. Voor ‘de voorspoedige’ lees ‘onze voorspoedige’. - Bladz. 376, noot 1, r. 5. Voor ‘wat’ lees ‘war’. - Bladz. 380, r. 7 v.o. Voor ‘Colbert’ lees ‘De koopmanszoon Colbert’. - Bladz. 382, noot. Bijvoegen ‘Vreede, Inleiding tot eene geschiedenis der nederlandsche diplomatie, II2 Bijlage xxviii, 1861’. - Bladz. 383, noot 2, r. 3. Voor ‘suffient’ lees ‘suffirent’. - Bladz. 398, r. 9 v.b. Voor ‘dien wij den kring’ lees ‘die wijde halve maan’. - Bladz. 423, r. 1 v.o. Voor ‘aanwendsel’ lees ‘aanwensel.’
[tweede deel (tweede helft)] [pagina ongenummerd (p. I)] Het land van Rembrand
[pagina ongenummerd (p. III)] Het land van Rembrand
Studien over de Noordnederlandsche beschaving in de zeventiende eeuw door Cd. Busken Huet Korresponderend Lid van het Bataviaasch Genootschap voor Kunsten en Wetenschappen
Tweede deel Tweede Helft
Haarlem H.D. Tjeenk Willink 1884
[pagina ongenummerd (p. IV)] Snelpersdruk van H.C.A. Thieme te Nijmegen.
[pagina 562] Inhoud van het tweede deel.
Tweede Helft.
Derde hoofdstuk.
De Wetenschappen en de Letteren.
[pagina 563)]
Vierde hoofdstuk.
Zeden en Personen.
[pagina 564]
Vijfde hoofdstuk.
De Kunsten.
[pagina 565] Verbeteringen.
Derde hoofdstuk.
Bladz. 24, r. 3 v.b. Voor ‘in 1584’ lees ‘sedert 1582’. - Bladz 37, r. 4 v.b. Voor ‘en hij’ lees ‘en dat hij’. - Bladz. 38, noot 2. Voor ‘rectum’ lees ‘rectam’. - Bladz. 51, r. 12 v.o. Aldus: ‘De methoden en de werktuigen waarvan hij zich bediende zijn sedert overtroffen; andere en betere zijn in de plaats gekomen; doch hetgeen Condorcet omtrent één dier nieuwere doet opmerken enz.’ - Bladz. 51, noot 1. Bijvoegen: ‘Poggendorff, Geschichte der Physik, 1879, bladz. 589 vgg.’ - Bladz. 52, r. 14 v.b. Voor ‘nagelaten reliek’ lees ‘reliek’. - Bladz. 77, r. 2 v.b. Voor ‘uit voedsand’ lees ‘int voedsand’. - Bladz. 80, r. 2 v.o. Voor ‘1733’ lees ‘1723’. - Bladz. 99, r. 14 v.o. Voor ‘maar door’ lees ‘maar om’. - Bladz. 109, r. 9 v.b. Voor ‘onder drie’ lees ‘onder vier’. - Bladz. 111, r. 2 v.b. Voor ‘uitnemend en’ lees ‘uitnemend leerling en’. - Bladz. 126, r. 5 v.o. Voor ‘en zij al’ lees ‘en al’. - Bladz. 140, noot 2. Bijvoegen: ‘A. Pierson, Wijsgeerig Onderzoek, 1882’. - Bladz. 152, r. 2 v.b. Voor ‘jurist’ lees ‘onroomsch jurist’. - Bladz. 162, noot 1. Bijvoegen: ‘R. Dareste, Essai sur François Hotman, 1850; Ed. Cougny, Étude sur Hotman, 1875.’ - Bladz. 177, noot 1. Bijvoegen: ‘Elf fransche brieven van De Groot, gevonden door De Caix de Saint-Aymour, zijn verschenen in de Revue Libérale van 1884’. - Bladz. 193, r. 10 v.b. Voor ‘Marie’ lees ‘Maria’. - Bladz. 196, noot 1. Voor ‘vorzügligsten’ lees ‘vorzüglichsten’. - Bladz. 222, r. 10 v.o. Voor ‘in plaats van’ lees ‘liever dan’. - Bladz. 243, noot 1. Bijvoegen: ‘Jan Te Winkel, Vondel als Treurspeldichter, 1881, 8ste en 9de Hoofdstuk’.
Vierde hoofdstuk.
Bladz. 271, r. 9 v.b. Voor ‘op den stang’ lees ‘op de stang’. - Bladz. 271, r. 9 v.o. Voor ‘Van Mieris’ lees ‘Mierevelt’. - Bladz. 279, noot 3, aan het slot. Voor ‘1481’ lees ‘1841’. - Bladz. 283, r. 15 v.b. Voor ‘van het goede’ lees ‘aan het goede’. - Bladz.
[pagina 566] 285, r. 13 v.o. Voor ‘een korten’ lees ‘een korte’. - Bladz. 301, r. 1 v.b. Voor ‘ten offer te brengen’ lees ‘op te offeren’. - Bladz. 324, noot 3 aan het slot. Voor ‘d'eshonorent’ lees ‘déshonorent’. - Bladz. 346, r. 3 v.o. Aldus: ‘Al de verslaagentheit, die de gemoederen der ingezetenen sedert de ramp van 's Landts vloot in Junius hieldt beklemt’. - Bladz. 361, noot 1. Voor ‘1840’ lees ‘1842’. - Bladz. 380, r. 5 v.o. Voor ‘Denemarken’ lees ‘Rusland en Denemarken’. - Bladz. 382, noot 4. Voor ‘veertienhonderd’ lees ‘dertienhonderd’. - Bladz. 387, r. 9 v.o. Voor ‘verdere studien’ lees ‘overige studien’. - Bladz. 388, r. 10 v.o. Voor ‘amsterstamsch’ lees ‘amsterdamsch’. - Bladz. 389, noot 4. Bijvoegen: ‘Voor ‘hoofdpersoon’ lees ‘type’. - Bladz. 399, r. 12 v.b. Voor ‘bali’ lees ‘balie’. - Bladz. 404, r. 4 v.b. Voor ‘wetenschappelijke ontwikkeling’ lees ‘algemeene ontwikkeling’. - Bladz. 405, r. 7 v.b. Voor ‘Urie’ lees ‘Uriel’. - Bladz. 409, noot 4. Voor ‘1884’ lees ‘1844’. - Bladz. 409, r. 2 v.o. en Bladz. 410 noot 1. Voor ‘Margaretha’ lees ‘Margareta’. - Bladz. 411, r. 5 v.o. Lees: ‘de uit Brabant herkomstige Anna Maria van Schurman’. - Bladz. 413, r. 1 v.b. Voor ‘de twee eenige vrouwen’ lees ‘de twee eenige hollandsche vrouwen’. - Bladz. 413, noot 1. Voor ‘zijner kinderen’ lees ‘zijner vier kinderen’.
Vijfde hoofdstuk.
Bladz. 432, r. 14 v.b. Voor ‘den gierigaard’ lees ‘den vaderlandschen gierigaard’. - Bladz. 446, r. 6 v.b. Voor ‘zekeren opgang gemaakt’ lees ‘zekere lauweren geplukt’. - Bladz. 449, r. 1 v.o. Voor ‘bijbelsche tragedie’ lees ‘bijbelsche tragedien’. - Bladz. 430, r. 12 v.b. Aldus: ‘De remonstrant Paschier de Fyne laat in een zijner traktaten een orthodox predikant enz.’ - Bladz. 449, r. 7 v.o. Aldus: ‘Te onzent, waar van de onderliggende katholieke gemeente geen uitspattingen te duchten waren, toonden de roomsche herders zich welwillender’. - Bladz, 454, r. 10 v.b. Voor ‘de heerschappij’ lees ‘de storende heerschappij’. - Bladz. 457, r. 7 v.o. Voor ‘bezoeken’ lees ‘het bezoek’. - Bladz. 482, r. 3 v.b. Bijvoegen: ‘Het westfriesch muzeum te Hoorn’. - Bladz. 493, r. 2 v.o. Voor ‘één allegorie’ lees ‘één groote allegorie’. - Bladz. 495, r. 4. v.o. Aldus: ‘De voorwerpen, waarop deze kunst-industrie hare keus vestigde’. - Bladz. 495, noot 2. Bijvoegen: ‘Ook van Antony Leeuwenhoek bestaan portretten in delftsch aardewerk. Haaxman's monografie, bladz. 17 vg. noot. - Bladz. 499, r. 1 v.b.
[pagina 567] Voor ‘ontstaan’ lees ‘geboren’. - Bladz. 506, r. 3 v.o. Voor ‘een historisch verschijnsel’ lees ‘een verschijnsel van den dag’. - Bladz. 509, r. 10 v.o. Voor ‘was de eenige’ lees ‘was nevens de psalmwijzen van Goudimel de eenige’. Over Goudimel bij Viotta, Lexicon der Toonkunst, I 613. - Bladz. 524, r. 10 v.o. Voor ‘linnenwevende’ lees ‘wolspinnende’.
Deel I bladz. 138 noot 2. Bijvoegen: ‘P.J. Blok, Eene Hollandsche stad in de middeleeuwen, 1883, en: Eene Hollandsche stad onder de bourgondisch-oostenrijksche heerschappij, 1884’. Deel I bladz. 378 noot. De uitgevers van Erasmus' brieven kunnen gemeend hebben dat Tornehensis de ware lezing was. Anna van Borssele's schoonvader, Antony van Bourgondie bijgenaamd de Groote Bastaard, werd in 1479 door Lodewijk XI begiftigd met het kasteel Tornehem, bij de stad van dien naam in het voormalig Artois. Overblijfselen in het tegenwoordig fransch departement Pasde-Calais, arrondissement Saint-Omer. ‘Heer van Tornehem’ is langen tijd een titel van Antony van Bourgondie's nakomelingen geweest. Deel I bladz. 568 r. 6 v.b. Staat ‘Ernest Daudet’. Moet zijn ‘Alphonse Daudet’. Deel I bladz. 653 noot 2. Van Mander's bedoelde tooneelstukken worden in den katalogus der Mij van Letterkunde niet genoemd. Deel I bladz. 667 noot 1. Bijvoegen: ‘AEm. W. Wybrands, Het geestelijk drama hier te lande in de middeleeuwen, 1876. Studien en Bijdragen, III 193-293’. Deel I bladz. 668 r. 5 vgg. v.b. Te lezen: ‘Die hem vonnisten waren twee raadsheeren uit het Hof van Holland, door Alva in kommissie gesteld en uit Den Haag naar Haarlem gekomen’. Deel II 1ste Helft bladz. 44 r. 5 v.o. Staat ‘Toen zijne dochter’. Moet zijn ‘Toen Quiryn's dochter’. Deel II 1ste Helft bladz. 51, r. 15 v.b. Staat ‘noordfransche’. Moet zijn ‘westfransche’. Deel II 1ste Helft bladz. 391 r. 3 v.o. Staat ‘tien jaren’. Moet zijn ‘achttien jaren’. Deel II 2de Helft bladz. 90 noot, aan het slot. Van Rheede was in 1691 op nieuw in Indie en is 15 December van dat jaar op eene inspektiereis gestorven. Zijne graftombe wordt nog heden, volgens mededeeling van den reiziger J.A.B. Wiselius, te Suratte gevonden. Valentyn, 6de Stuk, bladz. 149. |