terug  begin  prepost
[p. 517]

Hedendaegsch tydvak.
Korte aenteekening der gebeurdtenissen onzes tyds.

Hoofdstuk I.
België ouder de fransche republiek. - Napoleon. - België met Holland tot een koningryk vereenigd. - Slag van Waterloo. - Willem I koning der Nederlanden. - Omwenteling van 1830. - Leopold, prins van Saksen-Coburg, tot koning der Belgen verkoren en te Brussel ingehuldigd.
Van 1797 tot 1831.



illustratie

Ingelyfd by de fransche republiek, bleef België door derzelver wetten beheerscht en vastgehecht aen het lot zyner overwinnaers, zonder nog andere rampen te doorstaen dan die welke onvermydelyk het gevolg moesten zyn van de menschverslindende oorlogen des keizerryks. Zeker, wy hadden veel verloren, tot het gebruik onzer moedertael en ons volksbestaen zelven; maer toch schonk de fransche overheersching, wat kwaed zy ook aen onze zeden hebbe gedaen, ons eenige voordeelen, welke wy niet kunnen miskennen. Er werden in ons Land, bovenal te Antwerpen en te Oostende, door Napoleon vele nuttige en reusachtige werken uitgevoerd; wy kwamen in eene lange aenraking met een woelend volk, dat uit zyne omwenteling eenen overdreven geestdrift had geput, en ons deed opstaen uit den sluimer waerin

[p. 518]

wy sedert zoo langen tyd waren vervallen; wy werden aen de hedendaegsche grondwettelyke vormen gewend en leerden dezelve, ten minste gedeeltelyk, in hunne toepassing op het maetschappelyk en staetkundig leven kennen.

Toen Napoleon van zynen togt in Rusland met het overblyfsel van zyn ongelukkig leger was teruggekeerd, kreeg hy de nederlaeg by Leipsig; de bondgenoten drongen korts daerna in Frankryk, namen Parys in, den 31en meert 1814, en verbanden Napoleon op het eiland Elba. Ons vaderland werd door de verbondene mogendheden by Holland gevoegd om gezamentlyk het koningryk der Nederlanden uit te maken, onder Willem van Oranje-Nassau, die, met den naem van

illustratie
willem i.

Willem I, den nieuwen troon beklom en in de maend february 1815 den Belgen aenkondigde dat zyn Bestuer aenvang genomen had.

Niet langer dan eene maend daerna verliet Napoleon eensklaps het eiland Elba, landde in Frankryk, kwam zegepralend in Parys en stelde zich weder op den keizerlyken troon. Hy vergaderde een leger om door eene beslissende pooging op de dreigende magt der bondgenoten

[p. t.o. 519]



illustratie
Slag van Waterloo.

[p. 519]

inbreuk te doen, en kwam over de belgische grenzen zyne vyanden opzoeken.

Den 18en juny 1815 bevinden de twee legers zich in de vlakte van Waterloo; de schrikkelyke slag begint; honderd-zestig-duizend menschen worstelen daer op het bloedig veld; het lot schynt zich voor de Franschen te verklaren, reeds is een vleugel der bondgenoten door de ruiters der lyfwacht des keizers achteruitgeslagen en omvergeworpen; maer de komst van den pruisischen veldheer Blücher, die met 33,000 man onvoorziens op het slagveld verschynt, doet de kans keeren: de Franschen krygen de nederlaeg; zy worden verstrooid en ontvlugten langs alle zyden; Napoleon wil nog stand houden met de heldenbenden zyner lyfwacht, doch alles is welhaest verloren; zyne eigene mannen rukken hunnen keizer van het slagveld, en vlieden met hem naer Frankryk.

In den slag van Waterloo, die het leven kostte van meer dan veertig duizend menschen, hadden de Belgen met de bondgenoten tegen de Franschen gestreden en zich door hunne dapperheid doen onderscheiden; de belgische generael Van Merlen, van Antwerpen, door eenen kanonbal getroffen, vond er de dood.

De wonderbare loopbaen van Napoleon was dan ook ten einde; hy moest voor de tweede mael afstand doen van het keizerryk en werd naer het eiland St-Helena vervoerd, waer hy na een ballingschap van zes jaren overleed.

Onder koning Willem I, en deelmakende van het koningryk der Nederlanden, genoot België den vrede gedurende vyftien jaren; de koophandel en de nyverheid herleefden en geraekten tot eenen ongemeenen bloei; wy herwonnen, met het gebruik onzer moedertael, gedeeltelyk onze echtvaderlandsche zeden; het onderwys werd verbeterd en tot alle standen der maetschappy uitgestrekt; wy volmaekten onze staetkundige opvoeding en kregen eene nadere kennis van alle grondwettelyke bestuerzaken. Eventwel, de twee landen, welke men zonder eenige voorbereiding had aen elkander gehecht, bleven immer in yverzucht tegen elkander; alvroeg lieten de Belgen hunne klagten hooren over

[p. 520]

verschillende bezwaren, en de ontevredenheid groeide onverpoosd tot in het jaer 1830, alswanneer er te Brussel eene omwenteling losbarstte, die welhaest zich over geheel het Land verspreidde; het koninglyk leger werd met geweld van wapenen uit de zuidelyke Nederlanden gedreven, en België vormde zich tot eenen onafhanglyken staet.

Den 4en juny 1831 werd te Brussel, in het Congres, tot koning der

illustratie
z.m. leopold i.

Belgen verkoren Leopold-Joris-Christiaen-Frederik van Saksen-Coburg.

[p. 521]

De vyf mogendheden erkenden hierop de onafhanglykheid van het belgisch koningryk.

Onder de toejuiching en de blyde kreten eener ontelbare volksmenigte, deed Leopold zyne plegtige intrede te Brussel, den 21en july 1831, bezwoer naer voorvaderlyk gebruik 's Lands grondwet in de open lucht, en werd als eerste koning der Belgen ingehuldigd.

Van dit heuglyk oogenblik af begint voor België eene nieuwe schitterende loopbaen. Hadden nu reeds de inspanning aller volkskrachten, de uitzetting der nyverheid, de aengewonnen kunstroem en de uitgevoerde werken niet genoegzaem bewezen, dat ons vaderland, met een krachtig leven bezield, vooruitsnelt om eenen hoogen trap van stoffelyke welvaert en van verstandelyke ontwikkeling te bereiken, de geschiedenis zou ons de overtuiging dier schoone toekomst onwederstaenbaer indrukken. België was immer groot en gelukkig telkenmale dat het niet door vreemde vorsten werd beheerscht; nu heeft het eenen vaderlandschen Koning, wiens doorluchtige naem zyn bestaen tusschen de europische volkeren waerborgt; wiens geliefde zonen, eens over hunnen eigen geboortegrond en over onze kinderen heerschende, geroepen zyn om het belgisch vorstenbloed en het belgisch koningryk te vereeuwigen.

Na zoo vele onheilen, na eene verdrukking die gewis elke andere natie voor altyd zou hebben ontzenuwd, zyn wy nog met wonderbare krachten uit de vernedering en uit den slaep des geestes opgestaen. De wondende slagen van het lot, de eeuwenlange overheersching des vreemden, hebben toch het bloed des voorgeslachts niet in onze aderen kunnen verzwakken: het uer der ontwaking vond ons nog sterkmoedig, nog arbeidzaem, nog kuisch, nog vol liefde tot het herboren vaderland. Als onze vaderen mogen wy het hoofd opbeuren en regt gaen tusschen de volkeren der aerde: de naem van Belg is nog eens het zinnebeeld geworden der vreedzame vryheidsmin, der innige kunstliefde, der ingeboren deugd en der vlytige nyverheid!

God behoede ons dierbaer vaderland voor den heerschzuchtigen vyand, die sedert eeuwen zoo hongerig uit het Zuiden op ons loert:

[p. 522]

Hy bescherme de schutsengelen onzer onafhangelykheid - eendragt tusschen alle Belgen, moedertael en zuivere zeden - en, verhoort Hy dit gebed, dan vooruit, met hoop en met moed: op de kim der komende tyden blinkt eene straelryke zon!



illustratie

prepostterug  begin