[p. 26]
Gedachten by het graf van den twaalfjarigen Hendrik Christiaan Capadose, 28 maart 1845.
aant.
De kleinen gaan ons voor in 't koninkrijk des Heeren;
Door kindren wil ons God Zijn diepe wegen leeren!
Hier rust het stof eens kinds, in 't midden van de pijn
Gegrepen, om eerlang voor eeuwig vrij te zijn.
o Hendrik Christiaan! vrij is uw geest daarboven,
Daar 's Hemels Englen 't Lam, dat voor u bloedde, loven,
Terwijl in 's aardrijks schoot uw lichaampje uitgestrekt
Den Engel sluimrend wacht, die eens Gods dooden wekt!
o Kind van rouw en vreugd, van tranen en gebeden!
Hoe zijt gy dus de rust al lijdend ingetreden!
[p. 27]
Hoe dus van 's levens lust en zoetheên losgesnoerd,
En als op vleugelen aan 't oudrenhart ontvoerd?
U maakte Christus vrij door eigen lijdensbanden.
Zijn liefde deed uw hart in heilbegeerte ontbranden.
Zijn Geest was dáár, - gy leedt, beleedt, en overwont,
Gy - thans van zonde en pijn voor eeuwig zielsgezond.