terug  begin  verderprepost

XV

Onder haren gordel droeg Soetkin het kenmerk van eene nieuwe bevruchting; ook Katelijne was zwanger, doch uit schrik, dorst zij heur huis niet verlaten.

Soetkin ging heur bezoeken.

- Heere God! sprak de jammerende vrouwe, wat ga ik aanvangen met de ongelukkige vrucht van mijn lichaam? Moet ik het wichtje versmachten? Ik zou het besterven! Maar als ik een kind heb zonder getrouwd te zijn, zullen de serjanten mij pakken. Zij zullen mij, als eene ontuchtige deerne, twintig gulden doen betalen, en op de Groote Markt zal ik gegeeseld worden.

Om haar te troosten, sprak Soetkin heur toen eenige zoete woorden toe. Bezorgd en nadenkend keerde zij huiswaarts. Op een morgen sprak zij tot Klaas:

[p. 30]

- Zoudt ge mij slaan, Klaas, als ik nu twee kindjes had in steê van maar één?

- Dat weet ik nog niet, antwoordde Klaas.

- Maar, sprak Soetkin, als het tweede kindje uit mijn lichaam niet kwam en, gelijk dat van Katelijne, verwekt was door een onbekende, door den duivel misschien?

- De duivel, antwoordde Klaas, verwekt wel vuur en dood en rook, maar geen kinderen. Het kind van Katelijne zal ik voor het onze aanzien.

- Zoudt gij dat? vroeg zij.

- Gelijk ik U zeg, hernam Klaas.

Soetkin ging die goede mare aan Katelijne kondschappen.

Katelijne was uiterst gelukkig, en opgetogen riep zij uit:

- De goede man heeft gesproken voor 't heil van mijn lichaam. God zal hem zegenen, en ook de duivel, sprak zij huiverend, als 't een duivel is die U verwekte, arm schaapje dat in mijn boezem leeft.

Soetkin bracht een zoon, en Katelijne eene dochter ter wereld. Beiden werden ten doop gebracht als zoon en dochter van Klaas. De knaap werd Hans genoemd en bleef niet in 't leven, het meisje werd Nele geheeten en groeide flink op.

Aan vier bekers dronk zij het levenssap: aan de borsten van Soetkin en aan die van Katelijne. En een zoete strijd ontstond tusschen de twee vrouwen, om de kleine de borst te mogen geven. Maar tot haar groot leed, moest Katelijne hare melk laten verdrogen, want men hadde heur gevraagd van waar die kwam, zonder dat zij moeder was.

Als Nele gespeend was, nam Katelijne heure dochter bij zich. Zij liet ze maar bij Soetkin gaan, als zij heur moeder genoemd had.

En de buren spraken dat het schoon was voor Katelijne, die have en goed had, van het kind op te brengen, want Soetkin en Klaas leefden veelal in kommer en armoe.

prepostterug  begin  verder