terug  begin  verderprepost
[p. 264]

V

Heele dagen en zelfs halve nachten zat de sombere koning Philips, papieren en perkamenten te bekladden. Aan hen vertrouwde hij de gedachten van zijn ongevoelig harte. Daar hij nooit eenig wezen bemind had en wist dat niemand hem beminde, wilde hij zelf zijn onmetelijk rijk bestieren en de droefgeestige Atlas ging onder den last gebogen. Weemoedig en gevoelloos, werd zijn zwak lichaam ondermijnd door den bovenmatigen arbeid. Daar hij een afschuw had van blijde gezichten, had hij een haat opgevat tegen onze landen om hunne vroolijkheid; tegen onze kooplieden om hunne weelde en hunnen rijkdom; tegen onzen adel, om zijne vrijmoedigheid en de vurige geestdrift zijner dappere blijgeestigheid. Hij wist, men had het hem gezegd, dat de opstand tegen den Paus en de Roomsche Kerk, die zich in onze landen onder verschillende vormen van secte geopenbaard had, in al de hoofden borrelde als kokend water in een gesloten ketel, lang reeds vóór dat kardinaal de Couza omtrent het jaar 1380 op de misbruiken der Kerk en op de noodzakelijkheid der hervormingen gewezen had.

Hij geloofde, de koppige ezel, dat zijn wil over de gansche wereld drukken moest als de wil van God; hij wilde dat onze landen, die de gehoorzaamheid ontwend waren, bogen onder het oude juk, zonder eenigerhande hervorming te bekomen. Hij wilde Zijne Heilige Moeder de katholieke, apostolische en Roomsche Kerk één, geheel en algemeen, ongewijzigd en onveranderd, zonder eenige andere reden om dit te willen dan dat hij zulks wilde, aldus handelende als eene onredelijke vrouwe, die des nachts woelt in heure slaapkoets als op een bed van doornen, gedurig gefolterd als hij was door zijne gedachten.

- Ja, heilige Philippus, ja, heer God, al moest ik van de Nederlanden een groot graf maken en er al de inwoneren in smijten, tot U zullen zij komen, mijn gelukzalige patroon, en tot U ook, heilige santen en santinnen des hemelrijks.

[p. 265]

En hij beproefde te doen wat hij zeide, zich aldus Roomscher toonend dan de Paus en katholieker dan de kerkvergaderingen.

En Uilenspiegel en Lamme, en het volk van Vlaanderen en van de Nederlanden, meenden met angstvolle harten, van verre, in de sombere halle van 't Escuriaal, die gekroonde spinnekop, met heure lange, ruige pooten, heure geopende grijpers, het net te zien spannen dat hen vangen en het beste van hun bloed zuigen moest.

Hoewel, onder de regeering van Keizer Karel, de pauselijke inquisitie honderd duizend christenen gedood had met den viere, den putte, de galge; hoewel de goederen der arme martelaren in de kisten van keizer en koning gevloeid waren als regen in de goot, oordeelde Philips dat dit niet voldoende was; hij legde den lande de nieuwe bisschoppen op, en wilde er de Spaansche inquisitie invoeren.

En overal lazen de stadsherauten, bij geschal van trompetten en tamboerijnen, de plakkaten af waarbij kond gegeven werd dat alle de ketteren, mannen, vrouwlieden en meidekens, met den viere zouden sterven als zij hunne dolingen niet afgingen, en met de koorde als zij die wel zouden afgaan. De vrouwlieden en meidekens zouden levend begraven worden en de beul zou op heure lichamen dansen.

En als een vuur liep de wederstand heel het land door.

prepostterug  begin  verder