Nippon (eds. H.T.M. van Vliet, J.B. Robert en Gerard Nijenhuis)


auteur: Louis Couperus


editeur: H.T.M. van Vliet, Jan Robert en


bron: Louis Couperus, Nippon (eds. H.T.M. van Vliet, J.B. Robert en Gerard Nijenhuis). Uitgeverij L.J. Veen, Amsterdam/Antwerpen 1992  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 221]

Verantwoording

[p. 223]

In mei 1921 bezocht Couperus de hoofdredacteur-eigenaar van de Haagsche post, S.F. van Oss, in zijn kantoor te Den Haag. Bij die gelegenheid stelde Van Oss hem voor als ‘speciaal correspondent’ van de Haagsche post een reis door het Verre Oosten te maken.1 Op 24 mei bevestigde Van Oss schriftelijk de gemaakte afspraken: ‘Voor de goede orde hebben wij de eer hiermede onze afspraak van heden te bevestigen. Wij zijn overeengekomen dat U ongeveer begin October als speciaal correspondent van de Haagsche Post in gezelschap van Mevrouw, Uw echtgenote een reis zult ondernemen naar Nederlandsch Indië, door enkele der voornaamste Chineesche havens en Japan. Uit die gewesten zendt U ons een niet nader bepaald aantal brieven waarvan U ons het auteursrecht geheel afstaat, met dien verstande dat indien wij later mochten overgaan de Indische en Japansche brieven in boekvorm uit te geven, wij de helft der netto winst op deze uitgave aan U zullen afdragen. Vaststelling van het reisplan laten wij geheel aan U over, eveneens bepaling van het aantal brieven; ofschoon wij hopen dat dit aantal met het oog op de zeer hooge kosten, niet al te klein zal zijn.

‘Wij verzoeken U beleefd elk Uwer brieven aangeteekend te willen verzenden; en verder nemen wij acte van Uw belofte te zorgen voor een flinke sorteering mooie fotografieën of desnoods prentbriefkaarten voor de illustraties in het boek.’2

Couperus vertrok op 1 oktober 1921 met ‘De Prins der Nederlanden’. Aan het einde van die maand arriveerde hij te Sabang op

[p. 224]

Sumatra. Zijn eerste reisbrief was toen al verschenen in de Haagsche post van 22 oktober. Couperus reisde bijna vier maanden door Nederlands-Indië. Half februari 1922 vertrok hij naar Hongkong. Na een verblijf van zes dagen in Balik-Papan op Borneo zette hij zijn reis voort. Hij bleef een week in Hongkong en maakte uitstapjes naar Macao en Kanton waarover hij twee reisbrieven schreef. Half maart vertrok hij via Shanghai met de ‘Empress of Asia’ naar Nagasaki.

Voor zijn verblijf in China en Japan had Couperus een aantal aanbevelingsbrieven van officiële instanties meegenomen. Zo verzocht het Ministerie van Buitenlandse Zaken te Den Haag aan de Nederlandse waarnemend consuls te Shanghai en Hongkong, en aan de Nederlandse ‘Buitengewoon Gezant en Gevolmachtigd Minister’ te Peking Couperus behulpzaam te zijn en bijstand te verlenen. Volgens de brieven begaf Couperus zich ‘naar het land uwer vestiging [...] teneinde van de toestanden aldaar een beschrijving te geven voor het weekblad “De Haagsche Post” [...].’3 De Japanse ambassade in Londen had voor diverse personen in Tokio aanbevelingsbrieven geschreven, waarin Couperus werd geïntroduceerd als ‘a leading Dutch writer’, op reis door Japan als ‘special correspondent’ van de Haagsche post, ‘widely read amongst the upper classes of the Netherlands’. Doel van zijn reis was volgens deze brieven: ‘[...] to witness with his own eyes the time-honoured civilisation the Far Eastern nations are justly proud of and to reveal for the appreciation of his countrymen the romance and beauty he is confident to enjoy in the surroundings these countries provide.

‘Modern institutions, western erectures of imitation and what not of the sort he abhors. What he really desires to see are the products of art Japan has inherited from the past. [...]

‘I shall therefore be deeply indebted if you will be good enough to afford him such facilities as you may agreeably command in

[p. 225]

realizing his hope to see and feel the Old Japan.’4

Couperus verbleef vier maanden in Japan, waaronder door ziekte gedwongen zeven weken in het International Hospital in Kobe. Begin augustus 1922 vertrok hij vanuit Yokohama met de Franse mail ‘André Lebon’ via Shanghai naar Singapore. Op 23 augustus schreef hij vandaar aan Van Oss: ‘Mijn laatste brief uit het Oosten. Komt vermoedelijk voor mij aan. Ik ontving je laatste schrijven hier. [...]

‘Ik schreef je juist over vermindering van copie, toen ik je brief ontving. Ik heb toch veel aardigs over Japan ook kunnen geven. Ik hoop, dat je tevreden bent over mijn werk. Als de gevierde schrijver een roman schrijft, heeft hij maling aan het publiek maar deze schetsen moesten een zekeren toon en accent hebben en ik heb dus volstrekt geen maling aan je oordeel en hoop van harte, dat het werk was, zoo je verwachtte. Nu, dat mag ik wel gelooven.’5

Couperus ging half september 1922 aan boord van de ‘Johan de Witt’ waarmee hij op 10 oktober in Nederland terugkeerde. Henri Borel, die Couperus vlak na zijn thuiskomst interviewde, vroeg hem of hij tevreden was over zijn artikelen in de Haagsche post: ‘“Ja”, zeide hij, “je moet niet vergeten: het was geen heelemaal vrij werk, maar een opdracht; het was voor al de duizenden lezers van de Haagsche Post; van Oss, die bij me is geweest, heeft me gezegd: Het is precies geweest wat we van je verwacht hadden, en dat heeft me echt voldoening gegeven. En charmant als ze me behandeld hebben! In Indië, toen ik naar de Japansche hotelprijzen informeerde, begreep ik al dat mijn credietbrief niet uit zoû reiken, ik telegrafeerde toen naar Holland en direct had ik een nieuwen, ik ben zoo royaal en coulant behandeld als je je maar denken kunt, maar mijn grootste satisfactie is toch, dat ze over

[p. 226]

mijn werk tevreden zijn. Je zult nu nog maanden lang in de h.p. mijn artikelen lezen, terwijl ik al lang terug ben, want ik ben natuurlijk de h.p., die maar eens in de week verschijnt, vooruit.”‘6 Couperus' eerste reisbrief uit Japan verscheen in de Haagsche post van 23 september 1922, zijn laatste in de Haagsche post van 5 mei 1923.

De Japanse reisbrieven met de twee feuilletons uit Macao en Kanton werden onder de titel Nippon in mei 1925, bijna twee jaar na Couperus' dood, gebundeld uitgegeven door uitgeverij H.P. Leopold te 's-Gravenhage.7 Deze uitgeverij was door Van Oss opgericht om de boekuitgave van Couperus' reisschetsen mogelijk te maken. De uitgave van Nippon is zonder bemoeienis van Couperus tot stand gekomen.

Bronnen

Voorzover ons bekend, zijn van de feuilletons in de bundel Nippon de volgende door de auteur geautoriseerde bronnen overgeleverd:

A. een onvolledig manuscript van de hand van Couperus dat zich bevindt in het Nederlands Letterkundig Museum en Documentatiecentrum te Den Haag (sig. c.383 h.i). Het bestaat uit 96 gelinieerde bladen van eenzelfde (folio)formaat, die voor het grootste deel eenzijdig zijn beschreven.8 De bladen bevatten negentien feuilletons; ze zijn als volgt genummerd of getiteld: l, li, 52-64, 66, ‘Yoshiwara’, ‘Yoshiwara ii’, 75.9 Elk feuilleton bestaat uit een

[p. 227]

eerste blad met het nummer of de titel en verder genummerde bladen 2-5; alleen het laatste feuilleton bestaat uit 6 bladen, twee met het feuilletonnummer 75, en vier genummerde bladen 2-5.10

De ductus is in het algemeen regelmatig, behalve die van feuilleton 59: de eerste drie bladen wijken af van de overige bladen. Er zijn in de handschriften betrekkelijk veel doorhalingen en toevoegingen in inkt en soms in potlood. De bladen zijn beschreven in zwarte en blauwe inkt en met potlood. De handschriften vertonen geen sporen van de zetterij, zoals zwarte vegen en vouwen in het papier. We moeten aannemen dat de overgeleverde handschriften van de feuilletons niet als kopij voor de Haagsche post hebben gediend.11 Waarschijnlijk zijn de handschriften voor de Haagsche post in het net overgeschreven, of overgetypt zoals met het handschrift van Het snoer der ontferming is gebeurd.

B. voorpublikaties in de Haagsche post:

Tussen 9 september 1922 en 5 mei 1923 verschenen 32 feuilletons. De nummering sluit aan op die van de feuilletons uit Nederlands-Indië. Alle feuilletons zijn in de Haagsche post door de redactie voorzien van een of meer titels:

‘Het roode Canton. Oostersche en Westersche cultuur’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus naar Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 454 (9 september), p. 1399.

‘Tempels in Canton. Plaatsbespreking voor het hiernamaals’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus naar Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 455 (16 september), p. 1435.

‘Het land van het uiterste Oosten. De tempel van het Bronzen

[p. 228]

Paard’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus naar Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 456 (23 september), p. 1471.

‘De toekomstvoorspelling uit een automaat. Kermis in den tempel’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus naar Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 457 (30 september), p. 1507.

‘De Japansche dynastie stamt van de zongodin. De oorsprong van het Japansche ras’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 458 (7 oktober), p. 1543.

‘Camelia-weelde in den Ooievaar-tuin. Een volk van uitersten’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 459 (14 oktober), p. 1579.

‘De bloeiende kersenbongerds. Het trio van landschap-schoonheden’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 460(21 oktober), p. 1619.

‘Het land der tempels. De vloer, die als de nachtegaal zingt’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 461 (28 oktober), p. 1659.

‘Het land van den mest. Schoonheid te midden van veel leelijks’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 462 (4 november), p. 1699.

‘De pracht van het Nijo-kasteel. De strijd om de macht van het oude Japan. De alles bezoedelende bureaucratie’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 463 (11 november), p. 1739.

‘Kabeltouwen van vrouwenvlechten. Spookbeelden in den tempel. Afternoon tea en oorlogsgeweld’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 464 (18 november), p. 1784.

‘Waarom ik geen pioenroos zag. Japansche nurses’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 465 (25 november), p. 1819.

‘De man, die door een vos bezeten was. Het gebed tot Amida’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 466 (2 december), p. 1859.

‘Het Simiëske type des Japanners. Een Hollandsche boer in een

[p. 229]

kimono’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 467 (9 december), p. 1901.

‘Een worstelwedstrijd van vetklompen. De karper als levens-symbool’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 468 (16 december), p. 1941.

‘De berg, die eeuwig duren zal. De legende van de dansende Tennin’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 469 (23 december), p. 1977.

‘De cultuur van dwergboompjes. Karper-filosofie’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 9 (1922), nr. 471 (30 december), p. 2019.

‘Japansche advertenties. Geluk en ongeluk’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 472 (6 januari), p. 10.

‘De groote kunst van Japan in Amerika. Michel Angelo in het land der Rijzende Zon’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 473 (13 januari), p. 43.

‘De roman van Nami-Ko. Een draak van een schoonmoeder’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 474 (20 januari), p. 79.

‘Het feest der poëzie. De poëtische koekoek, die bloed spuwt’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 475 (27 januari), p. 131.

‘Het gat Tokio. Een teleurgesteld toerist’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 477 (10 februari), p. 193.

‘Het land van contrasten. Shopping in een Japansch warenhuis’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 478 (17 februari), p. 239.

‘De stad der graven. Het zeer eerwaardige diepste van het allerdiepste’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 479 (24 februari), p. 264.

‘De schoonheid van Nikko. De trits der beroemde landschappen’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 480 (3 maart), p. 300.

[p. 230]

‘Overdadige tempeltooi. De toevlucht der bedrukte zielen’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 481 (10 maart), p. 336.

‘De eeredienst van Amida. Het Nô-spel en onze mysterie-spelen’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 484 (31 maart), p. 446.

‘De blinde prins. Het sprookje van den vos met negen staarten’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 485 (7 april), p. 495.

‘Het sfinx-achtig letterschrift. De kat is de hond, die miauw zegt’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 486 (14 april), p. 520.

‘De stad der nachtlooze paleizen. Het namelooze leed der bewoonsters’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 487 (21 april), p. 557.

‘De schilder der nachtlooze huizen. Het slavinne-leven der geisha’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 488 (28 april), p. 590.

‘Het einde van een lange reis. Sumatra's natuur het schoonst’ onder de verzameltitel ‘Met Louis Couperus in Japan’. Haagsche post 10 (1923), nr. 489 (5 mei), p. 626.

Van de feuilletons die al in de Haagsche post waren verschenen vóór Couperus' terugkeer in Nederland zijn geen handschriften bewaard gebleven. Het is derhalve niet duidelijk welke veranderingen in Couperus' tekst door de redactie van de Haagsche post zijn aangebracht. Het is bekend dat de redactie op eigen gezag in Couperus' teksten heeft geschrapt, indien plaatsgebrek dit noodzakelijk maakte.12 Uit de verschillen tussen de bewaard gebleven handschriften en de daarmee corresponderende Haagsche post-feuilletons kan worden opgemaakt dat Couperus na zijn terugkeer in Nederland de drukproeven van de nog te verschijnen feuilletons zelf heeft gecorrigeerd. Verschillende wijzigingen in de tekst kunnen onmogelijk aan de zetter of de corrector van de

[p. 231]

drukkerij worden toegeschreven. Couperus stond er trouwens altijd op de proeven van de voorpublikatie en de eerste druk van zijn werk zelf te corrigeren. Er zijn geen aanwijzingen dat hij voor de feuilletons in de Haagsche post hiervan is afgeweken.

Over de produktie van de boekuitgave van Nippon zijn geen nadere gegevens bekend. Couperus overleed bijna twee jaar vóór het verschijnen van het boek. De ‘Inhoudsopgave’ voorin is, evenals die in Oostwaarts, zeker niet van de hand van Couperus, maar samengesteld door Van Oss of een van zijn medewerkers. Gezien de ongeautoriseerde status van Nippon is hiervan voor deze editie geen gebruik gemaakt. Alleen zijn de illustraties uit de eerste druk overgenomen. Ze werden door Couperus zelf in Japan met zorg verzameld ten behoeve van de toekomstige boekuitgave. Een deel van de foto's is gemaakt door Couperus' laatste gids in Japan, Kawamoto.

Het is niet zeker of de titel Nippon nog door Couperus zelf is bedacht. Wij hebben echter gemeend de bundeling van de feuilletons wel onder deze vertrouwde titel te laten verschijnen.

De feuilletons in de Haagsche post bevatten niet alle noten die Couperus in zijn handschrift had toegevoegd. Omdat hij ze soms op de achterkant van de bladen had genoteerd, zijn ze waarschijnlijk bij het overschrijven (of overtypen) van de kopij over het hoofd gezien. Het is niet aannemelijk dat Couperus sommige noten in de proeven van de feuilletons heeft geschrapt. Evenmin menen wij dat er in de feuilletons noten met opzet zijn weggelaten. Daarom zijn de ontbrekende noten door ons op basis van de overgeleverde handschriften op de desbetreffende plaatsen in deze editie toegevoegd.

Tekstkeuze

Voor deze uitgave van Nippon zijn de voorpublikaties van de feuilletons in de Haagsche post als basistekst gekozen: zij vertegenwoordigen de laatste door de auteur actief geautoriseerde versie. Couperus heeft de kopij ervan geleverd en de proeven ervan (gedeeltelijk) zelf gecorrigeerd. Voor de tekstsamenstelling is ge-

[p. 232]

bruik gemaakt van uitgeknipte feuilletons die zich bevinden in het Nederlands Letterkundig Museum en Documentatiecentrum te Den Haag en van exemplaren van de Haagsche post die zich bevinden in de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag.

Correcties

In de tekst van deze uitgave zijn, mede op grond van een woordvoor-woord vergelijking van de overgeleverde handschriften van Nippon met de tijdschriftpublikaties van de feuilletons, de hieronder volgende correcties aangebracht. Na het paginacijfer en het regelnummer wordt eerst de verbeterde versie gegeven; na de ‘Duitse komma’ (/) volgt de oorspronkelijke, foutieve lezing van de tijdschriftversie. De laatste is voorzien van een asterisk (*) als zij ook in het handschrift voorkomt.13

10,28 veel weet/veel er van weet
13,11 Kweilin/Kweilimg
17,3 V/5
23,22 baaien/haaien
24,21 krinkelen/krinkeren
26,5 heuvel/tempel
27,5 elkaâr/elkaar
28,3 lucks”’/lucks”
29,13 weêr/weer
29,29 Tor-Hôtel/Tor hotel
30,4 Tor-Hôtel/Tor-Hotel
35,10 Japanese/Japanése
35,11 meêsleepen/meesleepen

[p. 233]

35,22/23 Renaissances/Renaissainces
35,26 geschreven./geschreven
35,28 laat./laat,
41,7/8 verweren/verweeren
41,20 zoû/zou
50,27 leêg/leeg
51,3 lange/langs
51,21 witroze/uit roze
52,3 zilvergrijs wollig/zilver, grijs-wollig
52,22 rickshaw-mannen/ricksaw-mannen*
52,25 takje/bakje
53,28 groene thee-poeier/groene-theepoeier
54,10 rood-en-blauw, paars-en-zilver/rood en blauw, paars en zilver
54,22 bordje-en-al/bordje en al
55,25/26 Zonschijnweêrglans,/Zonschijnweêrglans
56,15 elkaâr/elkaar
56,28 33.333/33,333
57,19 verguldsel/vergudsel
58,17 Yoshimitsu,/Yoshimitsu
58,25 meê/mee
59,16 tuinarchitecten/beroemde tuinarchitecten
60,27 wijst/wipt
61,8 jinrikisha/jinriksha
62,4 elkaâr/elkaar
63,11 Japan/Japan.
64,7 Outamaro/Outomaro
64,12 Naudeau/Nandeau
64,19 contoer/lijncontoer
66,7 die/die,
66,19 inbegrepen,/inbegrepen
67,23 nektar/Nektar
67,34 -gehobbeld/gehobbeld
68,6 Naudeau's/Nandeau's
68,26 gedanst/gedansd

[p. 234]

69,20 Tokùgawa's/Tekùgawa's
70,8 Tokùgawa's,/Tokùgawa's
70,19 gedakt/gedekt
70,20 diminuendo/diminuende
72,5 schuifdeuren,/schuifdeuren
72,21 traliënde/tralieënde
72,31 waren/was*
72,31 veldheer;/veldheer,
73,22 hebben/heeft
73,24 militairisme/militarisme
75,8 parallel/parellel
76,5 zoû/zou
76,7 hadt/had
76,12/13 sight-seeing/sight-seeïng
76,17 -planken/planken
76,28 reuzentempel/reuzentempl
77,30 Ashikaga-dynastie/Ashikago-dynastie
78,14/15 zit! [alinea] Een/zit! - Een
79,8 leêr/leer
79,21 traditioneele/traditionneele
80,17 van/met
80,20 Yoshimochi/Yosimochi
80,25 Yoshiharu/Yoshihara*
80,25 Yoshimasa/Yosrimasa
80,26 Yoshihisa/Yoshinisa*
81,14 vreemd!,/vreemd!
81,18 familie-aangelegenheden/familie aangelegenheden
82,4 nieuwe/nieuw
82,20 zoû/zou
83,7 weêr/wêer
83,20/21 En pic-nicken/Een picnick-je
84,5 naar...-/naar...
84,11 hôtel/hotel
84,14 hôtel/hotel
85,11 weêr/weer

[p. 235]

86,14/15 opwachtten/opwachten*
86,15 neêrviel/neerviel
86,33 verscheurt.’/verscheurt.*
87,5 “paratyfus”’/“paratyfus”
88,29 opnemen...’/opnemen...*
90,10 fladderend/fladderen
91,20/21 maag. [alinea] - Ik/maag. - Ik
91,28 weêr/weer
92,9 knaagde/klaagde
92,14 schreeuwende/schreeuwde
92,23 zoû/zou
93,5 dat hem dat/dat hem
93,16 hun/zijn
93,18 niet meer/niet
94,10 ‘nurse’/‘Nurse’
95,8 zoû/zou (ontbreekt h)
95,23 Zoû/Zou
96,20 hoû/hou
98,29 Polyneziërs/Polynezieërs
99,31 jassen/jasseen
101,5 Pruisisch/Pruissisch
101,7 Pruisische/Pruissische*
101,12 Japanners/Japanneers
102,29 weêr/weer
103,27 wordt/worden
104,15 spikkelkimono's/spikkel kimono's
104,16 achteraan/achterna
104,29 Onishiki/Onishuki
105,20 neêr/neer
105,21 elkaâr/elkaar
106,8 synthetiesch/synthethiesch
106,12 Valleitje/valleitje
106,33 jiu-ji-zu/jui-ji-tsu
107,13 bedekking/bedekking,
107,17 aesthetiek/aesthethiek

[p. 236]

107,27 heen, /heen
107,30 khaki-gedost/kaki-gedost*
107,31 er, gedrild/er gedrild,
108,32 wind-opgeblazen,/wind-opgeblazen
109,27 en-/en
112,28 - Wij/Wij
113,15 pelgrimstocht/pelgrimstoocht
115,1 perfekt,/perfekt
115,19 neêrdaalde/neerdaalde
115,20 Apsara/Aspara
115,23 veêren/veeren
115,25 vogelwiekjes-sieraden/vogel-wiekjes-sieraden
116,2 rok’/rok
116,4 Aardemenschen/Aarde menschen
116,29 Zaken,/Zaken
117,2/3 een boot/eee boot
117,13 weêr,/weêr-
118,19 geel-en-zwartkleurige/geel-en zwartkleurige
119,11 dwergboompje/dwergboompjes
119,23 zoû/zou
120,8 hebben,/hebben
120,15/16 gevonden. [alinea] - Business/gevonden. - Business
121,13 paulownia-hout/panlonia-hout
121,18 ‘Kawamoto’/‘Kawamoto
123,10 Wat/Wat,
124,14 couranten/conranten
124,19 kleêrmaker/kleermaker
125,28 Juni,/Juni
126,14/15 kersen- of andere boomen/kersen - of andere boomen-
126,16/17 anders zeker lieflijk ware toegeschenen, tegenvalt/ anders zekers lieflijk ware toe geschenen, tegen- zeker lieflijk ware toegeschenen, tegenvalt
127,4 juiste,/juiste
127,7 elkaâr/elkaar

[p. 237]

128,14 opengeplooid,/opengeplooid
129,5 onrecht/onrecht,
129,7 wilde ganzen/wilde-ganzen
130,2 Kunst/kunst
130,8 zoû/zou
130,16 maal,/maal
131,6 British Museum/Britsch Muzeum
131,19 aannam/aannamen
131,29 British Museum/Britisch Muzeum
131,29 zoû/zou
132,14 meê/mêe
132,28 Japansche-kunstbeschrijvingen/Japansche kunst-beschijvingen
133,14 in/en
133,15 Horiuji/Horuiji
134,13 vergezelden/veregezelden
134,17/18 tempel - dicht bij/tempel, dicht-bij
134,25 te zelfder/ter zelfde
134,26/27 breede gebaren den hemel beschermen tegen booze duivels en wier breede voeten/breede voeten
135,1 Enriuhon-Yen-Li-Pen/Euriuhon-Yen-Li-Pen
135,2 na Tang-periode/na-Tang periode
135,14 gediadeemde/godiadeemde
135,23 Tang-periode/Tang periode
136,21 Siddhârta/Sidoharto
136,28 Nami-Ko/Nami-Kò
137,22 oorlogsmaterieel/oorlogsmateriaal
138,8 litteraire psychologie/litteraire-psychologie
138,27 weêrgegeven/weergegeven
139,29 beven/leven
139,31 echter/chter
140,2 vooral/ooral
141,11/12 van elkaâr/van elkaar
142,16 licht golvende/lichte, golvende
143,5 stand,/stand

[p. 238]

143,15 in./in
145,22 eerste/tweede
146,3 lange/lang
147,2 Japansch,/Japansch
147,8 uitdrukking./uitdrukking:
147,11 dat ‘Ah!’/dat ‘Ah!
147,24-26 bij de allerkortste Japansche versvormen. Het is al als een luid klinkende klok, vergeleken bij de tinkelende/bij de tinkelende
147,31 eeuwen/eeeuwen
148,9 geraffineerde/gerafineerde
149,10 hof-arbiters/hof-arbeiters
149,22 Imperial-Hôtel/Imperial-Hotel
151,12 elkaâr/elkaar
151,15 jassen/jasen
151,23 meê/mee
152,4 Fenollosa/Fenellosa
152,13 Tokùgawa-Shogun/Tokùgama-Shogun
152,16 neêr/neer
154,2 Asakusa-Kwannon/Asakusa-Kwammon
155,13 overdakking/overdekking
155,25 Samurai/Sanurai
160,21 kunnen/kennen*
160,24 van/na
161,1 gepozeerde/geponeerde
161,17 plattelands-huisjes/plattelandshuisjes
161,29/30 plattelands-huisjes/platte-landshuisjes
162,27 paulownia-boomen/pauwlonia-boomen
164,2 elkaâr/elkaar
165,20/21 authentiek/authenthiek
166,1 hevige/heviger
166,28/29 Go-Nai-Naijin/Go-Nai Naijin
167,3 vereeren?’/vereeren?
169,11 kluizenaar/kuizenaar
169,30 Ama-no-Hashidate/Ama-No-Hashidate

[p. 239]

170,4 Iemitsu/Iesemitsu
170,25 Iemitsu/Ieseitsu
172,23 schaûw/schaôw
173,3 eischende/eischen
175,33 eigenlijk/eigelijk
176,15 ‘shikimi’,/‘shikimi’
176,31 uitleggen/uitlegt
177,3 rickshaw/rikshaw
177,8 rustig/rustigs
177,19/20 allerbeminnelijkste/allerbeminnnelijkste
181,3 Boeddha/Boedha
181,6 blijve/blijven
184,27 historie/historie-
185,15 zonde-in-voorbestaan/zonde-in voorbestaan
191,25 - Kent/‘Kent
191,32 weêrspiegeld/weerspiegeld
192,4 prinses en/prinses een
194,15 lezen./lezen:
195,17 zoû/zou
196,8 Nô-maskers/Nômaskers
196,32 vreemd/vreemd,
197,18/19 ‘in het ootje nemen’/in het ootje nemen
197,21 ‘uitgevonden’/uitgevonden’
198,6 Intusschen,/Intusschen
199,1 meê/mêe
199,27/28 kuruma-mannen/kuruma-mannnen
201,6 bovenkimono,/bovenkimono
201,26/27 branie-gekheid/branie gekheid*
201,28 groote/groot
202,17 groote-steenenpad/groote steenen pad
202,28 zenuwachtiger/zenuwachtig
202,33 in/en
203,23 zelfs/zelf
204,1 O/‘O
205,9 ellende,/ellende

[p. 240]

205,27 daarna/daaraan
206,6 sleepende/sleepen, de
206,10 maakte/maakten
206,21 schip,/schip
207,21 O-mon/O-man
207,29 gelijk;/gelijk in
208,6 ‘joro’/‘jorol’
208,22/23 was. [alinea] Zooveel/was. [witregel] Zooveel
208,24 ‘futons’/‘futans’
209,28 eeuwen/eeuween
209,30 weemakende/weêmakende
210,28 op te eten/te eten
211,3 Onderwijl/onderwijl
211,6 meêgekomen/meegekomen
211,24 courtizane,/courtizane
214,2 Dai-Nippon/Dai Nippon
214,10/11 Kamakura;/Kamakura,
214,19 wereld,/wereld
214,21 zoû/zou
215,28 plattelands-hôtels/platte-lands hôtels
216,13 voetkruizing/voetkruizig
217,14 doomden/droomden
218,7 20.000/20,000
218,18 zelfs/Zelfs
218,29 monsterstaart;/monsterstaart,

Varianten

De tijdschriftversie van Nippon vertoont ten opzichte van de gedeeltelijk overgeleverde handschriftversie de hieronder volgende woordvarianten. Na het paginacijfer en het regelnummer wordt eerst de lezing van de tijdschriftversie vermeld; na het ‘ontstaan-uit-teken’ (<) volgt de vroegere handschriftversie.14

[p. 241]

48,30 Ge moet u haasten < Ge moet maken
50,5 Die tijd is < Het is
50,6/7 zich. En alle huisraad en mat < zich en elke meubel en mat
50,19 de hooge vaak heel oude boomen < de hooge boomen
50,20 de Betuwe < onze Betuwe
50,22 zij hebben < hebben
50,26 bierflesschen < bierflesch,
50,27 ben < ben ook
50,30 gaf weêr < teekende
50,31 tot onderschrift < een onderschrift
50,32 saké, te veel < sake
51,5 een artistiek < artistiek
51,8 papieren < papier
51,11 sluiting [...] is < sluitingen [...] zijn
51,11 de < die
51,14 gespleten < gespleten, gevoerde
51,15/16 hooghakkig - naar gelang van schoone of modder-straten-, < hooghakkig-
51,26 de ijsbeer < een ijsbeer
52,12 kersenbongerds en < kersenbongerds,
52,19 ook den gids < den gids ook
52,20 wil doorgaan, < door wil gaan;
52,24 vernieuwd. < vernieuwd. Nieuwe matten ruiken bijna als kersenbloesems.
53,3 kerseboomen < boomen
53,7 Daarbij moet ge < Daarbij, ge moet
53,13 bloemen worden geschikt < bloemen
53,14 die worden gebrand als wierook - < die men brandt,
53,19 die < die toen
53,25 wazemde kronkelend zijn blauwe < wazemde blauwen
53,26/27 theepoeiers < poeiers
53,28 de < die

[p. 242]

53,31/32 theepoeier < thee-mélange
54,18 opeten < eten
54,24-27 beroemd onder [...] vreemdelingen. < beroemd en traditioneel in Kyoto.
54,29 golf < binnen[?] golf
55,2 maar < en
55,3 einden in den ether < einden
55,4 den zomer < de lente
55,6 en < of
55,9 Miyajima. < Miyajima.
Ik heb het Trio, dat verspreidt [lees: verspreid] in Japan ligt, nog niet in zijn drie details gezien. Ik zag het nu in de decoratie's van het ballet. Deze decoratie's veranderden bij open doek, zeer kunstig en het verschijnen of verdwijnen van tempels en paleizen deed aan goochelen met verlakte doozen denken. Ik vond het een mooi nummer - het ballet duurde slechts eén uur - voor een revue in Londen en Parijs maar had gehoopt in Kyoto iets meer authentieks te zien. De dansen, die ik te Solo en in Bali gezien had, waren duizend maal mooier dan deze wel lieve en weelderige geisha-vertooning. De muziek der links en rechts in open zijvleugels gezeten zangeresjes en ivoren luiten tokkelende speelsters was voor een Westersch oor wat primitief en eentonig. Eene soliste had een zeer omvangrijke altstem. Zij werd luid door de Japanner geapplaudisseerd.
55,12 namen waren vermeld < namen - vermelden
55,19 strooien koord < koord
55,19 koorden < koorden van touwwerk
55,25 weldra te zien hoop < hoop weldra te zien
55,29 zoo repareert < repareert
56,5 de < deze
56,6 lak < ivoor
56,6 de < deze

[p. 243]

56,6 deze stad < Kyoto
56,24 van < der
56,31 zal binnen slepen < binnen zal slepen
57,3 litterair getinte < litterair-gezinde
57,9 zichzelve < zichzelve dus
57,10 je < ge
57,23 elkaâr < op elkaâr
57,31 gestapelde < gepakte
58,15 daarna is < is sedert
58,21 hield steeds < hield
58,21 toch zelve < toch
58,25 ìn en trappen òp < in gaan en trappen op
59,1 exceptie! < exceptie's.
59,6 nu nog < nog
59,9 geplooiden rok-broek < schort-broek
59,9 patroon, wit-blauw, < patroon
59,18 beboscht < beplant
59,20 werkelijk bizonder < werkelijk
59,27 boomen en bloemen niet < maar niet boomen en bloemen
60,1 zijn avondmaal < een avondmaal
60,3 van < voor
60,3 van < voor
60,3 honderden < paar honderd
60,5 Zij gaan eindelijk weg en laten ons de trappen < Zij laten ons eindelijk weg en trappen vrij
60,15 als levende < levende
60,17 kruislings, wijd de knieën in < wijdbeens, kruislings, in
60,28 voldoende eerbiedwekkend < genoeg
60,28/29 andere hand < andere
61,14 het [...] terras < de [...] terrassen
61,18 hebben < zijn
61,20 die geweldige < de immense
61,21 maar met een horizontale balk gegongd wordt <

[p. 244]

  maar meer geslagen als een gong
61,25 cederplanken vloer kraakt < cederplanken kraken
61,26 zingt < zingen
63,10 nu maar <u nu
63,23 niet meer over < over
63,30 gidsboek < uitstekende gidsboek
64,29 Zij < Maar zij
64,29 stevig, rustiek < zoo stevig
64,30 in Japan < hier
65,32/33 en bloedspoor < en ronddwalen met zijn oude wortels langs wegen en velden en bloedspoor
66,6 in < er
66,11 dames en heeren < heeren en dames
66,20/21 dat als [...] mij, < als [...] mij dat
66,29 rijstvelden < velden
67,14 niet < niet meer
67,28 reukorgaan < neusorgaan
68,28 de < die
69,12 greep < had
69,20 eenige < eerste
69,26/27 aanhangers van den < dien den
69,30 burgeroorlog < burgerstrijd
70,3 spoedig, in 1603, < spoedig (1603)
70,5 houden < hebben
70,12 het < de
70,16/17 steenen lantarens < lantarens
70,24 troonzalen < tooverzalen
70,30 den < die
71,5 of < en
71,6 door de < in door[?]
71,22 deze tempels < die tempels
71,26 pijnnaalden < pijnbladeren
71,26 eschbladeren < eschloover
72,6 gouden < papieren gouden
72,6 die < dat

[p. 245]

72,10 deurposten < -deuren
72,11 platen < plakkaten
72,13 lange < lage
72,16 lagere gedeelte < lagere
72,19/20 breede, lage < breede
72,22 ornamentatie < ordonnantie
72,26 achter < over
72,27 maar niet < niet maar
72,29 Shôguns [...] zetelden < Shogun [...] zetelde
72,29 hun < zijn
73,10 hun < thans hun
73,27 vermorst. < vermorst.
De gouden zalen schakelen zich aan elkaâr. Er zijn er zeer beroemde bij, beroemd geworden vooral door een zeker poëtiesch sentimentalisme, dat den Japansche ziel aankleeft. Hier is, bij voorbeeld, de Zaal der Beide Slapende Muschjes. Op het gouden fond is een sneeuwlandschap geschilderd, zeer mooi de donzige sneeuw op het doffe goud en op een besneeuwden tak van den omdonsden boom zitten twee slapende muschjes tegen elkaâr, dicht in de veêren. Het is alleraardigst zoo een minutieus detail, zoo een klein, klein motiefje als van die twee vogeltjes in die groòte statiezaal van goud en het sentiment er om en de betiteling er van schijnt mij innig Japansch te zijn. De slapende muschjes domineeren de geheele zaal en trekken telkens uw blik weêr en het zijn twee nietsjes, twee grauwe, bijna uitgewischte vlekjes. Maar wees verzekerd, dat zij en zij alleen dit vertrek zijne beroemdheid heeft [lees: hebben] gegeven. Zoo is er ook de Zaal van de Natte Reiger op de Voorplecht van een Boot, geschilderd door Naonobu. Uitgewischt zijn de kleuren. Nu ge, om den naam weet, dat de reiger uitdruipt op de heel vaag zich schetsende voorplecht, ziet ge de droppels van zijn hals en vlerken neêr parelen: ge zoudt

[p. 246]

  anders die fijne stralen water wellicht niet zien. Zoo zijn er de kamers van de Twee Adelaren: zij zitten, elk, aan het einde der gouden wand, waarover een pijnboom zich kronkelt en schijnen te waken: zoo is er de kamer van Waaiers en Chrysantemums, de kamer der Wilde Ganzen. Alle deze zalen en kamers zijn door beroemde schilders gedecoreerd, meest allen door volgelingen van de Kano-School.
Thans ziet ge, tusschen de Togukawa-wapens ook het Wapen van den Mikado, de zestienbladige chrysantemum stralen.
73,32 roept op < evoceert
74,16 prinsen < prinsjes
74,31 nooit < die nooit
75,3 bracht < kwam brengen
75,9 landen < landen en eeuwen
75,19 twee < de twee
76,3 plek < plaats
76,3 identiek herbouwd < herbouwd
76,7 naar het < tot het
76,12 het < de
76,13 door te maken < door te komen
76,14 den < deze
76,17 buitenlui van Kyoto, < buitenlui
76,23 kabeltouw-vlechten < kabeltouwmassa's
76,28 Foei, dat te gelooven! < Foei!!
76,30 u < u reeds
77,9 gebogen < ronden
78,17 eerzuchtige hertogen < een eerzuchtige hertog15
78,24 groot < zoo groot
78,28 hielden < hulden

[p. 247]

79,7 half verteerd < verteerd
79,24/25 en maken als een vierkant langwerpige fondament < als twee vierkant langwerpige vakken
80,18 met een < een
80,31 hoe < dat
81,3 treffend < zulk een
81,10 midden van den vloer, < midden
81,11 bronzen ketel < ketel
81,12 aesthetisch. < aesthetiesch want alles geschiedde in dit eenvoudige pavillioentje aesthetiesch.
81,13 duurde vaak < duurde
81,21 geschud en < gemengd,
81,21 en < aan
81,22/23 thee, rhythmisch kloppend, te doen schuimen < thee te mengen
81,29 bereidde < mengde en zette
81,30 eener < van een
82,19 zoudt < zoudt u
82,21 kakemono's < kimono's
82,29/30 plaatsen in het jaar < in het jaar plaatsen
83,9 voordeed. < voordeed. Zoû hij misschien ziek zijn geworden?
83,17 Wij < Wel, wij
83,17 te gaan < heen te gaan
83,19/20 per auto afdoen < auto's nemen
83,20 dus maar per spoor er heen gaan < er dus maar per spoor gaan
83,22 gids < gids Ijoji
83,25 niet op deze lijn < niet
83,34/84,1 voor ons < ons
84,4 u < ge
84,11 bevloeien < besproeien
84,13 lunchmandje < onaangetast lunchmandje
84,16 gehad. Maar het lunchmandje < gehad en lunchmandje

[p. 248]

84,17 kamer < kamer neêr
84,17 lezen... < lezen. En bereken even, dat wij ±ƒ12 aan auto's hebben weggesmeten, dat mij als zuinige jongen, die ik ben, woedend maakt. En zoo hebben wij Nara, beste lezer, het beroemde [xxx], niet gezien... en zullen het ook wel nimmer zien.
Zijn er geen brieven gekomen? Neen, er zijn geen brieven gekomen. Japan is een land zonder posterijen. Ik krijg geen enkelen brief (dit is op twee uitzonderingen wáar.) terwijl ik brieven verwacht uit Holland en Indië. Ik ontvang nooit en nimmer een nummer van de Haagsche Post. Ik vermoed, dat er ergens een post-beambte schuilt, die Hollandsch wil lezen uit de Haagsche Post en die dweept met de Haagsche Post en ze mij niet verder op zendt. Laat mij nog eens herhalen: zoo lang ik reisde in het Uiterste Oosten, ontving ik per post nimmer eén nummer van de Haagsche Post. Soms ontmoet ik barmhartige Hollanders, abonné's op de Haagsche Post en die wel eens een nummer krijgen. Zij toonen het mij en ik kijk naar mijn artikel, als of het het eerste stukje proza was, dat ik schreef. Ik mag het zelfs hoùden! Dank u wel!! Ik heb ook waarachtig een nummer van de Haagsche Post bemachtigd, mèt een van mijn artikels, maar... niet langs den weg van Japansche Posterijen. Enfin, ik zal verdacht[?] zijn. Men zal mijn correspondentie achterbaks houden. Hoorde ik niet, dat in de Hôtels de boy's en de grumpjes allemaal spionnen zijn, die koffers en brieven van vreemdelingen doorzien? Ik weet het niet, lezer, maar dat ik nimmer een brief van u ontvang is mij... een deceptie!
O, ik heb er meerderen! Ik heb er vooral eén heel erge! Ik voel mij zoo rillerig, terwijl ik aan u zit te schrijven en ik zeg het nòg niet aan mijn vrouw.
85,1 die niemand wist precies < die, niemand wist hier,

[p. 249]

85,2 mij nu < nu
85,5 Thans < Tevens
85,6 opteekent < beteekent
85,12 en het < het
86,12 Den < Dien
86,14/15 opwachtten en ik op < opwachtten, en waar ik in een snikbui - te veel was van mijn krachten gevergd - op
86,18 weêr af < af
86,21 wel < nu wel
86,30/31 land, [...] bralt? < land? Helaas, reis mijlen ver: iets zal er altijd zijn, dat de goden u onthouden; het geheim is alleen dankbaar te zijn voor wat zij u gunnen. Zij gunden mij de kersenbloesems.
Die zijn uitgebloeid en uitbeschreven...
86,33 mij met < met zijn
87,3 bezeten wordt door een vos < door een vos wordt bezeten
87,18 gespleten < met spleet
87,19 teenen, en < teenen in
87,20 Duitsch. < Duitsch. Een Engelsche beschaving is over haar heen gekomen; wat zijn zij Japansch gebleven.
87,21 den kamer-boy < de boy's
87,21/22 Handa-san en Araya-san genoemd: < genoemd Han-da-San en Arya-San
87,26-28 maar eigenlijk vindt zij al die bonte lappen maar lastig. Zij geeft niet om opschik, zij draagt < maar zij haat al die bonte lappen. Zij draagt
87,29/30 iedere ‘nurse’ < elke nurse
87,30 schijnt te moeten hebben < moet hebben
87,30/31 Haar bruine handen < Hare handjes
87,31/32 een beetje jongensachtige, < mannelijke
87,32 zeer moederlijk < moederlijk
88,5/6 zooals zij mij dat zeide < zoo als zij zeide
88,10 moest < mocht
88,13 worden < wilde worden

[p. 250]

88,21 ken < gekend heb
88,28 een poeier < je poeier
88,33 rijst en die van tijd tot tijd verdwijnt < rijst, die verdwijnt
89,27 veel < wel
90,7 na te denken < te denken
90,20 bij < met
91,1 over de witte vlakte woei < de witte vlokken woei
91,6 het theewater < theewater
91,23 de < die
91,25 Zijn oogen < Zijne oogen ook
91,30 ben zelf < ben
92,3 en laklijsten < in laklijsten
92,5 doodsbleek. < doodsbleek. Ik voelde mijn bleekte als een kleur van den dood over mijn wangen huiveren.
92,17 sneeuwjacht < sneeuwnacht
92,21 glipt weg bijna < glipt bijna weg
92,30/31 den bezetene met vurige kolen < met vurige kolen den bezetene
92,34 toch ook < toch nog
93,23 klein meisje < meisje
93,27 in. < in. Ik geloof niet aan God en goden. Toch... toèn... geloofde ik het van mijn neef, dat hij bezeten was.
- En nu?
- Nu geloof ik alleen, dat hij zich heeft aangesteld, of eenvoudig ‘nervous’ was, als wij in het Engelsch zeggen en als de Westerlingen zoo heel erg zijn. Vooral ‘artisten’! lacht zij. Ik moet je temperatuur opnemen...
Zij schrikt[?] en neemt de thermometer.
- Je hebt toch geen meerdere verhoging van mijn vosse verhaal?
Dat schikt nog al.
93,33/34 open geschoven < op een kier
94,9 de zelfde < precies de zelfde

[p. 251]

94,14 Intusschen < Onderwijl
94,18 observeeren... < te observeeren!!
94,19 heeft ook gezegd, dat zij niet < heeft gezegd, dat zij ook niet
94,26 er mij < mij er
95,4 misschien < misschien wel
95,8 zoû worden < werd
95,14 daaronder hebben < hebben daaronder
95,19 dien vos < de vos
95,20-24 vrouw: zij [...] tablet. Araya komt binnen. Ik word < vrouw, Arya komt; zij [...] tablet. Ik word
95,24 als < en ben als
96,6 Hongkong en < Hongkong,
96,15 na den trein te hebben doen < die den trein doen
96,27 ongestoord Peking < ongestoord in [xxx] bij Shanghai, Peking
96,32 volk < menschen
96,32 sympathieker < sympathiek
97,4 mij sympathiesch < sympathiesch
97,13 de eeuwen door < sedert eeuwen
97,14 de generaals < die generaals
97,17/18 Muur te gaan < Muur
97,23 achttien < zestien
97,29/30 wil ik toch < wil zich
97,31 achttien < zestien
98,17 De < Alle
99,1 en markiezen < als markiezen
99,1/2 kamer-boy < boy
99,9 schimpwoord < scheldwoord
99,15 paddestoel gelijkende < paddestoel-gelijken
99,19 Het < Dat
99,28 zoû worden verzorgd < verzorgd zoû worden
100,6 leidde. < leidde. Het Oosten is nauwlijks democratiesch.
100,6 machine, het vliegtuig < modernste machine, vliegtuig

[p. 252]

100,7/8 een aanstaande hel. < aanstaande hel; hare tandknarsingen zullen dan gelijk zijn aan die de geheele menschheid zal doen hooren als zij tot bewustheid wierd[?]. De geniaalste duivelen zijn er op bedacht geweest ons ten onder te brengen en zij zijn geslaagd. Geluk, edel, groot geluk van volkeren en menschheid, is niet meer van deze ongelukkige aarde, die zich niemand weet waarheen beweegt langs haar tijdelijke spiraal door de eeuwige ruimte, tot zij uit elkander zal barsten.
100,9 ga nu < ga
100,12 bouwen; waarom veredelen < bouwen, vermoedelijk onder Europeesch toezicht. Waarom veredelden
100,13 maar < o neen, maar
100,20 gaatjes < en gaatjes
100,20 niet wat aan < niet, aan
100,23/24 inrichtingen, overstelpend < inrichting is overstelpt
100,27 onze < de onze
100,34 toe. < toe.
Er is altijd gezegd, dat wij Westerlingen het Oosten niet steeds kunnen begrijpen, dat het eén groot Mysterie voor ons is. Ik geloof dat ook. Maar... begrijpen de Oosterlingen, in dit geval de Japanners, ons Westen? In allen gevalle nemen zij er van over alleen wat uiterlijk is en praktiesch materialistiesch. Wat goed is in ons Westen, begrijpen zij dat. Begrijpen zij onze manieren, al zetten zij hun hooge hoed op? Het trof mij telkens, dat een Japanner, die ons wel eens bezoeken kwam, in het hôtel het eérste zitten ging op de beste plaats - sofa of divan - zonder mijn vrouw daar toe gelegenheid te laten. De zelfde Japanner dineerde bij ons en zonder te wachten tot wij hem offreerden, nam hij zelve het (Amerikaansche) menu ter hand en bestelde wat hem toelokte, den boy. Begreep hij geen

[p. 253]

  oogenblik, dat ons deze manieren choqueerden al verontschuldigden wij ze? Begrijpen zij onze muziek, onze Kunst, onze litteratuur? O, dit alles - het beste van ons - moet voor hen een even gesloten boek zijn als de Oostersche ziel dan [lees: dat] wel eens voor den Westerling is. Wij echter, de edelsten onder ons, pógen te begrijpen, steken onze voelhorens uit: doen zij dat??
101,3 deze < die
101,4 ik < ik nu
101,6/7 den Japanner < de Japanners
101,9/10 beekje, in een even arme, op < beekje even arm, als Duitsche, op
101,15 na-ge-aapte < nagedane, na-ge-aapte
101,16 land, < land en
101,16 teleurstelling < deceptie
101,16/17 reist, hier verblijft, hier woont < reist en woont
101,18 meer en meer < steeds meer
101,18 geworden < gebleven
101,18 spreek < praat
101,21/22 hun drie immense < hunne immense
101,23 plaats < plaats, die wij niet aandeden
101,31 woord < oordeel
102,6 geen < geen een
103,6 bed < bedje
103,8 gekomen < getogen
103,11 een oogenblik bij den wedstrijd < er een oogenblik
103,23/24 wordt deze gecombineerde herinnering als een beeld dezer monstermannen. < kan ik deze monstermannen bijna vergelijken met deze beelden...
103,32 vroeg < voren
104,1 hier een eitje, wit < hier wat rijst met omelet, wit
104,2 groens, iets < groens en
104,3/4 tusschen, op een onderlaag van blank gekookte rijst < tusschen

[p. 254]

104,11/12 gebonden op gebogen rug < op haar gebogen rug
104,15 patroon en model < model en patroon
104,16 verkouden-neuzige < snotneuzige
104,18 naar den leeftijd dempt < naarmate de leeftijd stijgt dempt
104,26 zijn ongeduld < hun ongeduld
104,26 schreeuwen en stampen < stampen en schreeuwen
105,4 naar < van
105,15/16 schuin nijdig in de oogen < nijdig in de blikken
105,18 moeten < mogen
105,22 te leggen < leggen
105,28 overwinnen zal < overwinnaar zal zijn
105,31 de medicijn-fleschjes < medicijnfleschjes
105,32/33 en alle deze voorwerpen krijgt hij < en krijgt deze voorwerpen
106,15 humor of < humor en
106,16/17 dadelijk daarbij < dadelijk
106,33 Daimyo's < daimyo's (prinsen)
107,11 gecapitonneerd en < gecapitonneerd,
107,12 aan < om[?]
108,7 ongeveer van < van ongeveer
108,10 doch < maar
108,19 rood en geel < blauw en rood
108,24 bamboe-paal < paal
108,26/27 zwermen en zwemmen daar < zwermen daar en zwemmen
108,28 gegeven wordt < gegeven
108,31 een < de
109,2 en energiek < van energie
109,4/5 nog vele andere geschenken < geschenken
109,13 opengeschoven < weggeschoven
109,17/18 Zij oók hebben haar feest, maar dan in April; dan krijgen zij ook hare poppen < Zij deelen mede in het poppenfeest: zij hebben oòk hare poppen gekregen
109,27 ‘nurses’, ‘sister’ < ‘sister’, ‘nurses’

[p. 255]

110,1 toch < wel
110,6 heeren-kleeding, comfort van < heeren kleeding comfort, met
110,11 onzen < onzen nieuwen
110,11/12 Saga Kawamoto, Yamashiro, Kyoto < Saga, Yamashiro
110,15/16 auto om te vertrekken < automobiel
110,18 consul < Nederlandsche Consul
110,22 aan < van
110,26 en tevens < en
111,6/7 niet mijn levensdagen heb behoeven < niet had mijn levensdagen hoeven
111,7 iets wat < iets, dat
111,12/13 aanwiegelen < aan gevaren
111,15 thee. Export. < thee.
111,21 zie ik < zien wij
111,26 verlaten heeft < heeft verlaten
111,27 is < is er
111,30 dien < wien
112,8 vaak < wel eens
112,11 mooiste < schoonst
112,20 vergoddelijkten < Goddelijken
113,3 Hij < Het
113,24 oude kunst < kunst
114,5 in < tegen[?]
114,7 het stof < de stof
114,7 ongeplaveide wegen < wegen
114,11/12 duizenden Japanners < duizende Japansche boeren
114,14 moderne < modernste
114,22/23 is van zijn land < van zijn land is
114,24 soms wèl < wèl eens
114,33 zoo < nog[?]
116,13 een < en
116,14 wat immers < wat
117,4/5 de aanmaning < het verzoek

[p. 256]

117,20 voor Japan goed < goed voor Japan
117,30 van < na
117,33 geel; geel < rood - rood
118,4/5 kamer met eigen glazen verandah ziet < kamer en verandah zien
118,14 leidt hij < leidt
118,21/22 in mij < mij in
118,27 laatste gewaad < laatste
118,27 vereischt. Zelfs in een kamer, louter < vereischt in de buitenlucht, louter
119,12 bessen < besjes
119,16 u dan < u
119,22 dat < het
120,29 later ook nog, < later
120,30/31 restauratie in 1868 < Restauratie, 1868
120,31/32 een Tokugawa < Tokùgawa
121,1 vrienden en verwanten < verwanten en vrienden
121,13 ge < u
121,17 Hollandsch boek < Hollandsche dictionnaire
121,17 dat < dit
121,23 midden < water[?]
122,8 op < en steeds op
122,9/10 met wat < vol, oud
122,13 geven < gooien
122,19 doen < laten
122,20 ik tot < ik
124,19 alleen, o heeren, kunt ge u goed < alleen kunt gij u, o heeren, goed
124,25 een beleefdheidsvorm < soms beleefdheid, om niet te snel te praten
125,18 maar wij lèven < maar wij, wij leven
125,32/33 En dan de chrysanten kolossaal - maar in serres - < En dat de Chrysantemums dan - maar in serres - kolossaal
125,34 je < ge
126,2 uit < met

[p. 257]

126,5 zag uit < zag
126,12 Zijn < Staan
126,13 Dat < Dit
126,16 anders zeker < zeker anders
126,22 eens < eens meer
126,27 kersebloesems < kersenboomen
128,35 er op < er meê
129,27 zijn moet < moet zijn
130,6 invloeden < voorbeelden
130,14 hoeft < hebt
130,17 Nara of Kyoto < Kyoto1)
[noot:] 1. Het muzeum te Nara kon ik door een samenloop van omstandigheden niet bezoeken.
130,26 een < dit
130,26 zien wij < ziet men er
131,7/8 belangrijk werk < belangrijk boek
131,8 Het werk < Dit boek
131,17 opgenomen < aangenomen
131,18 bestaat, vooral < bestaat, nadat zij eeuwen bestaan heeft en de Kano-school vormde; bestaat, vooral
131,22 schoonheid < schoonheden
131,34 in < te
132,29 trouw < vroom
133,7 òf... in < of te
133,8 om < aan
133,34 priester-beeldhouwer < priester
134,17 in < van[?]
134,32 heerschende < overheerschende
134,33 Maar < Want
135,5 de < zeer
135,7/8 eene opvatting des schilders < een voorstelling
135,14 gediadeemde < gediadeemde, aardsche
137,1 geeft < geeft mij
137,1/2 zeggen wil < te zeggen heb
137,3 tijdens den < in de

[p. 258]

137,21 levert deze heer < leveren deze heren
137,22 steekt < steken
137,22 zijn < hun
137,26 eenmaal < eenmaal in Japan
137,27 en zij < en
137,28 van < aan
138,2 iedereen < allen
139,4 gekeken < gezien[?]
140,5 afgeluisterd < opgevangen
140,12/13 Nami-Ko, langzamerhand, schijnt < Nami-Ko echter schijnt
140,14 ziekte < ongesteldheid
140,26 is heen < heen is
140,27 die < de
140,28 misschien < wellicht
140,30/31 ingewijde < toegewijde
141,14 verplegen < gaan verplegen
141,26 Enkele < Ik heb deze passage niet kunnen waardeeren, maar zij is toch opmerkelijk in een Japansche, realistische roman. Onhandig bijgebracht als deze Christelijke-Japansche bijfiguur is, completeert zij toch wel des schrijvers serie van realistische portretten. Veel invloed op het wegkwijnende heldinnetje heeft de Christin echter niet. [alinea] Enkele
142,3 Takeo < haar Takeo
142,14 levens, in < levens, op
142,17 teeder < even
142,18 wat < even wat
143,22 kritiek < keuze en kritiek
143,26 uit < in
144,1 om mode, of < òf om mode, òf
144,2 in staat < bekwaam[?]
144,8 schrijven < maken
144,32 in de < de
145,8 in zijn < in de

[p. 259]

145,11 zond < vond
145,11 vergeving kreeg < vergeven werd
145,17 de keizer hem < hem de keizer
146,3 in < naar
146,17 helpen < helpen langzamerhand
146,22 allerkortste < kortste
146,29 zegt u van < zegt u
147,4 simpele < bijna simpele
147,11 dat < dit
147,29 Wij < Wij, wij
147,30 van < zij van
148,12 neêr zweefde < zweefde
148,14 van < voor
148,14/15 beseffen < voelen
148,23 is het < is dit
149,3 taal en idee en gevoel < taal, en ideeën en gevoelen
149,3/4 begrijpen. < begrijpen. Het zal ons steeds zijn, als een bries, die ons langs het voorhoofd strijkt en nauwlijks een geur achterlaat...
149,7 in driehonderd < driehonderd
149,15 bosch, < sombere bosch naar
155,24 Gaan wij < Gaat
155,24 zeven-en-dertig < zeven-en-veertig
155,33 zeven-en-dertig < zeven-en-veertig
156,10 dien < wien
157,10 meester < meester Asano,
157,27/28 vlam, en de stokjes telkens < vlam en telkens
157,28 witte < dikke
158,8 die stoffige < deze stoffige
158,14/15 gelukkig niet < niet
158,15/16 Parasols < Je parasols
158,17 te Parijs < in Parijs
158,18 parasol terug < parasol - er was zon maar regen dreigde - terug
158,20 Ingang. < Ingang. En horden, horden Japanners

[p. 260]

  Europeesch of Japansch gekleed kochten er kimono, jam of tandenborstel en waren blijde met hun Westersch waren huis, à l'instar van Louvre - nu meer in de magazijnen - of Bon Marché in Parijs en Harrod's in London.
158,25 zeu < ze
158,32 zich er < er zich
159,2 gevonden < geoordeeld
159,8 den keizerlijken < een keizerlijken
159,13 Er < Dan
159,14 Chineesch, < Chineesch, en
159,16 autoriteiten < persoonlijkheden
159,26 heerschen. < heerschen.
  In de courant lezen wij, dat er tusschen de vele leelijke standbeelden in Tokio wordt opgericht een Boeddhistiesch gedacht monument voor alle ganzen en eenden, dat jaar of meerdere jaren in Tokio ter verorbering geslacht. Die eenden en ganzen waren misschien wel aanstaande Boeddha's.
159,33 zomermaanden < maanden
160,4 openbaring < uiting
160,17/18 gezichten < smoelen
160,18 tandartsen < dentisten
160,22 Yankees < Yankee
160,24 of Oceaan < Oceaan
161,9 sentimentaliteit < dwepende sentimentaliteit
199,3 zeg < antwoord
199,12 stukje < stuk
199,20 en verder < in verder
199,31 aan < om
199,32 met vele lichten < het vele licht
200,1/2 die niet altijd opengeschoven worden < der niet altijd opengeschoven wanden
200,3 broos, die huizen < broos
200,17 dan < als

[p. 261]

200,18 geschikt geheel < gerangschikt zijn geheel
200,21 wij < wij nog
200,24 bloemenvazen; < bloemenvaasjes
202,19 in < van
202,22 met < van[?]
202,24 voorouders < voorvaders
202,27 overschreden < overtreden
203,6 bleef < bleef staan
203,18 bewaard < gehouden
203,21 dan tot < dan
204,12 dwong < dwong haar
204,33 regeering? Het < regeering? In dezen trant had reeds deze waard gesproken met velen zijner collega's en zij waren het wel met hem eens. Zij waren allen gesteld op orde, toezicht, regelmatig[?], discipline, deze brave mannen, al waren zij maar waarden van publieke huizen. [alinea] Het
204,34/35 raadslieden. < raadslieden. Er ging een licht voor hen op. Er was iets voor te zeggen: het nachtleven niet bandeloos te laten voortwoekeren in alle mogelijke wijken, maar een zoogenaamde Nachtlooze Stad te stichten, waar de waarden pleizier van hun werk zouden beleven onder toezicht der overheid. Vele contracten zouden elk detail van den toestand regelen, vele papieren, héel lange contracten, ook met de belang hebbende vrouwen zelve, die, arme, niets geen verstand hadden van paperassen en wier zegels - iedere Japanner heeft zijn zegel, dat zijn handteekening is - meestal door tooverij verdwenen uit haar laadje, waar het achteloos bij haar blanketsel lag, zoodra zij haar contract, dat zij nauwlijks verstaan had, gezegeld had. Het verdwenen zegel stempelde dan wel spoedig... een ander, nòg langer contract.
205,1/2 twee [...] beschouwd < die twee [...] beschouwd werd

[p. 262]

205,3 steeds < steeds bijna
205,6 schildpadden pinnen < schildpadden
206,5 lang < allen lang
206,9 stralenkrans < vooral stralenkrans
206,16 gloeien < gloeien en er is een atmosfeer van gezelligheid
206,18 kan blijven < blijven kan
206,23 van den < bij den
206,27 wrong < kronen
207,11 dat < dit dat
207,14 vluchtig < vlug
207,24 verloren < verloren gegaan
208,3 of < en
208,31 zouden willen vrij koopen, < vrij zouden willen koopen
209,10 zusjes-in-leed alleen < zusjes-in-leed
209,20 Israëliet < Israelieten
209,32/210,1 met treurige blikken starende < wat treurig blikkende
210,14 of Londen < en London
210,20/21 op een groot feest te Kyoto. Ge < in een groote schare te Kyoto, in het ballet, dat Cherry Blossom-Dance door de Amerikanen wordt geheten. Ge16
211,7 het Westersch < haar
211,11 de geisha dan < dan de geisha
211,21 dat < het
211,29/30 het vreeslijke schrikbeeld < het Schrikbeeld, het vreeslijke Schrikbeeld
212,8 neemt < heeft
212,13 vreemde bloem, die niet is wat zij schijnt < vreemden bloem

[p. 263]

213,6/7 landmacht met lauweren bekroond < landmacht, vol lauweren
213,25/26 aan den < voor een
213,26 Haagsche < de Haagsche
213,27/214,1 onderhandeling < onderhandelingen
214,12 nam < toen nam
214,22 in China < van China
214,23 in Japan < van Japan
214,23 Java en Sumatra < Sumatra en Java
214,24 in < om
214,25 in < om
214,33 Maar ook < Maar
215,24 ontziet < aarzelt
216,16 kunstvoorwerp < kunstwerk
216,22 hoog, < duur
216,28 zulk een < zulk
216,29 voor < van
217,14 laag, wit < wit, laag
217,21 tegen < op
217,33 ons zeer < ons eerst
218,4 van allerlei < allerlei
218,4 door < met
218,12 meander < meanders
218,18 mocht ik boete moeten betalen < moet ik boete betalen
218,28 slingerde hij < slingerde hij zijn
218,31 vernielde < vernietigde
218,33 eerst op < eerst
219,1 bleek < scheen
219,3 ontketende < de ontketende
219,18 achter < na

[p. 264]

Afbrekingstekens

In deze uitgave van Nippon moeten de volgende afbrekingstekens als een koppelteken gelezen worden:

7,25 patio-
11,2 Tao-
11,19 of-
11,27 Chen-
12,4 Hindoe-
17,8 Yang-
17,13 Yu-
22,28 eerste-
25,14 Shinto-
25,22 Shinto-
35,29 ge-
39,13 Ainu-
42,5 bamboe-
48,16 ge-
50,21 balé-
51,21 roze-
53,18 arbiters-
53,20 thee-
53,30 zwane-
54,8 kimono-
54,34 Ladder-
56,7 Oostersch-
56,22 san-
58,12 Zen-
60,18 Shogun-
70,8 ‘vaste-
76,12 ‘sight-
77,4 Awata-
80,10 despote-
83,20 pic-
87,14 Kwannon-
94,21 schoonheids-
94,33 bij-
95,19 ge-
99,1 kamer-
103,14 massa-
103,32 lunch-
104,4 saké-
106,17 Lieflijk-
111,21 thee-
113,7 ultra-
114,14 na-
117,5 Kobe-
117,17 zes-
120,22 Oost-
121,24 blauw-
133,19 god-
135,10 de-
135,20 Wu-
136,6 kakemono-
137,11 Nami-
140,22 Yalu-
150,12 eerste-
153,4 Shiba-
155,18 Shinto-
156,28 Ro-
158,10 trottoir-
159,19 thee-
165,5 Shogun-
166,11 ge-
166,28 Nai-
167,5 Nai-
170,28 Taki-
170,33 Taki-

[p. 265]

171,12 cederkoepel-
172,22 cryptomeria-
177,11 Inari-
179,26 Iizo-
185,6 Nô-
185,17 Mysterie-
190,15 Jizo-
191,27 Toba-
192,24 assimilatie-
194,30 plus-
204,33 principe-
205,7 lang-
206,30 groene-
206,32 stilzwijgend-
208,1 je-
209,1 kimono-
215,6 luxe-
218,33 twintig-
242,26 ge-

Op. p. 8, 46, 65, 100, 105, 125, 131, 139, 146, 164, 179, 185, 192, 194, 204, 206, 211 valt het einde van de pagina samen met een witregel.

 

* Voor de bibliografische gegevens werd onder meer gebruik gemaakt van het Bibliografisch Repertorium Louis Couperus, een door zwo gesubsidieerd project, onder redactie van G. Borgers, E. Braches, K. Reijnders, uitgevoerd door Marijke Stapert-Eggen.

Zie voor de editieprincipes van de Volledige Werken Louis Couperus: Algemene verantwoording van de Volledige Werken Louis Couperus. Utrecht/Antwerpen, 1987. De editieprincipes zijn vastgesteld door Ernst Braches, Jan Fontijn, Karel Reijnders, Marijke Stapert-Eggen en H.T.M. van Vliet.