emendaties Opschrift ontbreekt in het Hs. Het Register van het Hs., fol. 141, vermeldt: den 79 psalm in dicht gestelt per crul. De nummering 79 is klaarblijkelijk een schrijffout voor 77.
paleografische / codicologische opmerkingen Het woord Prologhe is in rode letters evenals het eerste woord en het hele laatste vers van elke strofe. De S van Suldy in vs. 1 is een rode Gothische initiaal, die de hoogte bezit van zes verzen, met zwarte versieringen. In de tekst staan een aantal, blijkbaar willekeurig gekozen woorden, in rode inkt.
paleografische / codicologische opmerkingen Psalm 79 in rode letters. De cursief gezette versdelen zijn in het handschrift rood onderlijnd. M in vs. 61 in de aard van de S van vs. 1.
80Ic dincke: Ik denk aan; wel: goed, diep, ernstig; al: alles, allemaal.
83Versta: Indien ik vertrouwen had in al Uw handelingen.
paleografische / codicologische opmerkingen Vs. 99 was oorspronkelijk vergeten en werd achteraf door de copiist van het gedicht in de rand bijgeschreven.
108zwancheyt: zwakheid, ziekte. De Canisius-vertaling van de H. Schrift vertaalt vers 11 van Ps. 77 als volgt: Maar ik sprak: Neen, dit werp ik van mij af, / Dat de hand van den Allerhoogste veranderd zou zijn! en verklaart in voetnoot: ‘Met kleine wijziging van de grondtekst’. Deze luidt: ‘Dit is mijn ziekte: dat de hand van den Allerhoogste is veranderd’; hetgeen vals is, en in tegenspraak met het volgende’.
120vercort: ingekort. Het vers betekent: Gods macht is nog niet verminderd. De uitdrukking is volgens S.J. Lenselink, Cornelis Crul's Bewerking ..., blz. 143, ontleend aan Bugenhagen's Interpretatio.