terug  begin  verderprepost

Ende quam in Waes (a 2257)

Als Bruun in ‘Waes’ aankomt, dan is het duidelijk dat hij niet belandt op een welbepaalde plek, maar dat hij komt in een streek die de naam ‘Waes’ draagt. Het is dan ook fout te spreken van het Land van Waas, zoals men spreekt van het Land van Beveren, het Land van Hulst, het Land van Maas en Waal. Wij moeten deze regio benoemen als het Waasland, verwijzend naar een kwaliteit van de streek, en

illustratie

[p. 29]

afstappen van het gallicisme ‘Land van Waas’, een al te letterlijke vertaling van ‘le Pays de Waes’. Het spreekt vanzelf dat de historisch gegroeide benaming ‘Land van Waes’ (‘Lande van Waes’) in de titulatuur van tal van verenigingen en publikaties onaanvechtbaar blijft en bestaansrecht heeft verworven. Omwille van de eenvormigheid echter, grijpen wij naar Waasland, zoals Kempenland, Hageland, Meetjesland.

De etymologie van ‘waas’ is een druk bestudeerd onderwerp geweest. Van deze studie maakte M. Gysseling al in 1946 in de Annalen van de Koninklijke Oudheidkundige Kring van het Land van Waas een goede synthese. Het zou ons te ver leiden het hele onderzoek te herhalen of een opsomming te geven van de onderzoekers die zich met het probleem bezighielden. De rode draad door de meeste etymologieën is ‘waze’: slijk, woest land, mistig land, onbewoonde plaats, vochtige streek. Dit wordt perfect samengevat in de verklaring van Jozef de Wilde: Waas is het land der wazen, waarbij wazen gelijkgesteld moet worden met schorren. Hij legt meteen de link met 16de-eeuwse excerpten waarin wazen synoniem zijn van schorren. Gysseling beaamt dit en bewijst het met een wetenschappelijke verklaring.

De oudste vermelding uit 868 in een cartularium van de abdij van Lobbes luidt: ‘in Wasia.’ Sindsdien is de lijn in de vermeldingen continu. Gysseling citeert ook een reeks samenstellingen met en afleidingen van ‘waas’, waarvan de belangrijkste voor de Wase geschiedenis zijn:

-forestum Wasda (969), een zeer aangevochten toponiem, wat afgeleid van Wasdu, via waswidu, zou betekenen: ‘moerasbos’.
-Vuasmonasterium (1019-30), Waasmunster, het klooster in Waas, het klooster in het sompige land.

Gysseling besluit: ‘In verband met de hele woordfamilie dient als oorspronkelijke betekenis vooropgesteld te worden: “vocht in de bodem, vochtige bodem”. Natuurlijk al vrij spoedig een bepaalde soort van vochtige bodem: slijkige grond. De aanduiding van een hele landstreek door het woord Waas vindt een interessante parallel in het Middelnederlandse ven, venne, Frans fange: de Hoge Venen, la Haute Fagne.’

prepostterug  begin  verder