Terug in de auto rijden we tot de eerste weg rechts: de Jef de Pauwstraat. Het zeshoekig wegwijzertje ‘Schelderoute’ gehoorzamen en deze straat volgen. Jef de Pauw was een Wase landschapsschilder (1880-1930). In de bossen tegenover de Heikapel woont vandaag nog een bekend schilder, fauvist Gaby de Pauw. Op de hoek een eenvoudig boomkapelletje van Sint-Amelberga. De Jef de Pauwstraat is rustig, boomrijk en ten dele residentiestraat. Waar ze overgaat in de Heistraat steken wij de Barbierbeek (grens tussen Sint-Niklaas en Temse) over, hier nog vrij smal en bijna onooglijk. Deze beek ontspringt in Elversele en heet daar Jachtbeek. Door akkers en weiden slingert ze zich naar de Schelde (Kruibeke). Je zou je nu al kunnen vergewissen of deze waterloop nog zuiver is, want er mag niet geloosd worden. Achter nr. 28 waakt Canteclaer in een klein dreefje. Weldra een kruispunt van vijf wegen, met rechts de Sint-Jozefkerk van de Velle (een gehucht van Temse). Recht voor ons rijden we de Veldstraat in die nog enigszins bewijst dat ze het woord ‘veld’ waardig is, voor zover de huidige bouwwoede dit mooie stukje natuur her en der nog niet heeft aangetast. Rustig en groen. Over de E 17. Bij het kapelletje, rechts houden. Je passeert ook de zeer mooie oude hoeve van Jan van Bogaert uit 1755; tegen de zijgevel een knus H. Hartkapelletje. Wij rijden de Houtbriel voorbij en worden geleidelijk gewaar dat we de Wase cuesta afdalen, het Scheldedal in. Wie een stafkaart bij de hand heeft zal rechts van de Veldstraat de opeengehoopte bundel hoogtelijnen zien. Meedraaien naar de spoorweg toe en weldra de Spoorweglaan in. Links wordt weer je Reynaertverbeelding gekitteld, je leest de straatnaam Kattebrug en je moet misschien meteen aan Tibeert denken en zijn burchtelijke verblijfplaats. Als je het toch niet laten kunt, loop dan even die Kattebrug in, eigenlijk een kronkelende maar geasfalteerde wandelweg tussen nieuwe huizen, klimmend naar een bebouwde heuvel. Je passeert dan rechts een nogal gedrongen villa: Huize Kattebrug. Bedenk intussen dat je aan het rondzwerven bent doorheen de voormalige heerlijkheid van Cattebrugghe, een van de zes hoofdlenen die deel uitmaakten van de heerlijkheid Steenbrugge, met andere woorden, adellijk genoeg.