Terug naar de spoorweg, die we oversteken en rechtdoor de Nieuwemolenstraat in. Het landschap bekoort, jonge knotwilgen omzomen de weg en soms noodt een of andere zijweg (de Peerdendreef bijvoorbeeld) tot een korte wandeling. We rijden de Nieuwemolenstraat uit nabij een partijtje wegwijzers. Wij negeren Laarne, Kalken en Overmere en rijden rechts de Beerveldestraat in. Even later wordt die de Toleindestraat en zo komen we de nog wat ouderwetse gemeente Beervelde binnen. Heel wat ingrediënten van het vooroorlogse dorp zijn er nog: de donkere en rechte kasteeldreef tussen twee ietwat sombere huizen met aristocratische allure, de overwegend lage woningen, soms in het wit, de stoere boom midden het zogenaamde marktplein dat niet meer is dan een verbreding van de weg, het kerkje met spitse naald en daarachter het kerkhof, de dorpsherberg De bonte koe en de taverne 't Krielken. Even een verpozing waard. Voorbij de dorpskom wordt Beervelde-Dorp Haanhoutstraat en hier moeten wij aandachtig de huisnummers links in het oog houden. Nabij nr. 83 houden wij halt. Een aardeweg links naast het huis loopt naar de velden achterin. Waar de weg begint, treffen wij rechts een verloederde betonnen paal aan, waaraan ooit een plankje vastgezeten heeft met de volgende tekst:
Manpertus dus of Malpertuus waar Reynaert met Hermeline en zijn welpen verbleef toen hij tot driemaal toe werd gedaagd. In die ‘haghedochte’ vermoordde hij na zijn vrijspraak ook Cuwaert de haas. Pastoor De Wilde snuffelde onvermoeid in allerlei archieven en verkavelingen tot hij in
Beervelde (vroeger grondgebied Destelbergen) in de wijk Haanhout hier links van de weg het goed Maperteeus ontdekte (kaart uit de Sint-Pietersabdij en bewaard in het Rijksarchief Gent). In zijn boek Van den vos Keynaerde ontsluierd (p. 40-52) gaat hij op deze vondst ruimschoots in en beweert met klem dat dit goed moet geïdentificeerd worden met het Malpertuus van de Reynaert. En met deze bewering staat hij niet alleen, hoewel er ook vele sceptici zijn. Alle argumenten hier te berde brengen, is niet de bedoeling van deze gids. Geïnteresseerden kunnen wij alleen verwijzen naar het geciteerde boek. Laten wij beter even de aardeweg inwandelen tot het veld zich opent en dan maar dromen of er het jouwe van denken. Rond 1200 en later strekte zich hier een echte ‘wildernisse’ uit, maar vossesporen moet je er nu niet meer zoeken.