terug  begin  verderprepost
[p. 182]

Temse-Rupelmonde

 
Met Syrapeel datsi ghinghen
 
Ende maecten pays van allen dinghen. (A 3468-69)

We verlaten Temse via de Fonteinstraat en betreden het ‘Schousselbroekpad’. Bij het begin van de Fonteinstraat, een oud hoevetje, het woonhuisatelier van Karel Aubroeck (links) en de merkwaardige Amelbergakapel. Na een poosje rechts de eerste aardeweg inslaan (en de hogergelegen weg opgaan) om zo de Scheldedijk te bereiken, die we links volgen. Aan onze linkerzijde ligt het Schousselbroek. Stilte en vogels, enkele welen met vissershutjes. Na een tijdje bereiken we links nabij enkele visputten een brede

[p. 183]



illustratie

weg, die een lange, rechte dreef wordt. We kunnen deze kaarsrechte weg aflopen om zo de Scouselestraat te bereiken, maar we kunnen ook de dijk blijven volgen tot in Steendorp. Beide stukjes zijn pareltjes. Wij verkiezen de dijk met een imposant Scheldezicht, de Notelaer en de dorpen Steendorp en Rupelmonde. Op het einde van de dijk, kan wie even links terugkeert, naar het Fort van Steendorp (zie p. 135). Een niet te missen tocht. Nadien terug naar de Warandestraat.

We lopen voorbij de steenbakkerij om zo het centrum van Steendorp te bereiken (Warandestraat). Hier is weerom een dubbele mogelijkheid.

Wie het rustig aan wil doen of wie kleine kinderen begeleidt, zoekt de geasfalteerde dijk op en kuiert langs de

[p. 184]



illustratie
Scheldezicht vanaf graventoren

Schelde; de andere wandelaars mogen de gelaagputtenkant van het ‘Vuurkouterpad’ (VVV Temse) niet missen. Wij trekken te voet de Gelaagstraat in en klimmen tot een eind voorbij de kerk. Boven op de cuesta nemen we rechts de Oeverdam. Vrij ving wordt deze Oeverdam een aardeweg, die ons leidt naar de gelaagputten met een rijke flora en fauna. Het is geen gemakkelijk pad en als het geregend heeft, is men beter dubbel voorzichtig. We volgen het pad en blijven steeds zo dicht mogelijk bij de putten. Even voor de asfaltweg slaan we rechts af en we blijven zo dicht mogelijk bij de afsluiting. We draaien rond de visvijvers en komen op een asfaltweg die we rechts inlopen. Op het einde draaien we rechtsaf tussen een rij platanen en we volgen de wegwijzer naar de reuzegrote ‘Reinaert met de raap’. Van het beeld gaan we rechtdoor naar de Schelde en we volgen de Gelaagstraat tot aan Scaldiana, ooit het toeristische pronkstuk van de Scheldekant, later een ruïne en nu terug taverne met een hemels terras.

Wie te Steendorp de Scheldedijk verkoos, volgt de dijk tot het eind en draait dan rond de scheepswerf, waar hij ook het Reynaertbeeld ontmoet, tot hij weer aan de Schelde komt.

We volgen nu een smal pad langs de Schelde tot aan het ‘Redt de Schelde’-beeld van pastoor Gielliet (herinner je Meerdonk). We betreden de visserswijk Schelleke, een schilderachtig kwartier, waar een kleine rondwandeling zeker de moeite loont, net als een uitstap naar het hogergelegen marktpleintje van Rupelmonde met Mercator en de O.-L.-Vrouwekerk. Bij het water zien we nu de Watermolen en de Graventoren staan. Het einde van de tocht is in zicht (tenzij je het onvergeeflijk zou vinden als je het mooie Bazel overslaat met Wissekerke waar Tiecelijn op de galg zit en Reynaert en zijn Malpertuus te zien zijn; zie

[p. 185]

VVV-kantoor op het Mercatoreiland, of de wandeling p. 143-144). We lopen de Nederstraat door en draaien rechts op het Mercatoreiland. We bezoeken de watermolen met het Reynaertmuseum, het plein, de Scheldedijk, de Reynaertmuur en we beklimmen de Graventoren. Het grootse vergezicht op de machtige Schelde is een passend hoogtepunt van onze lange Reynaerttocht. Van Temse tot Rupelmonde stapten we ongeveer 7,4 km.



illustratie
Opening Reynaertroute 1991.

prepostterug  begin  verder