40. Willem van Hildegaersberch, Gedichten; Dirc Potter, Der minnen loepWillem van Hildegaersberch, Gedichten; Spreuken; Dirc Potter, Der minnen loep, Holland, ca. 1480.Papier; 5 + 195 + 2 bll.; blad 281 × 203 mm; moderne potloodfoliëring. Twee gedeelten. Eerste gedeelte (fol. 1-130): bladspiegel 215 × ca. 155 mm; 2 kol., 41 rr. per kol. Oude foliëring met zwarte Romeinse cijfers van vj tot Cxxxvi (de eerste vijf bladen uitgescheurd). Eén hand (littera bastarda). Rode lombarden, titels en paragraaftekens; beginletters van de verzen niet uitstaand en elk afzonderlijk rood doorstreept. Tweede gedeelte (fol. 131-195): bladspiegel 210 à 215 × ca. 150 mm; 2 kol., 43 à 46 rr. per kol. Achttiende- of negentiende-eeuwse foliëring met zwarte inkt van 1 tot 62 (= fol. 131-192). Eén hand (littera bastarda). Twee rode initialen; een opengewerkte rode initiaal; een rode initiaal met zwart penwerk; rode lombarden; beginletters van de verzen niet uitstaand, maar doorlopend rood doorstreept; eigennamen rood onderstreept. Oorspronkelijke bruin kalfsleren band op eiken borden; voor- en achterplat met drievoudige filets versierd; twee gedreven koperen sloten, waaraan de sluithaken ontbreken; rug en hoeken vernieuwd.
's-Gravenhage, Koninklijke Bibliotheek, 128 E 6.
Dit handschrift bestaat uit twee gedeelten. Het eerste gedeelte (fol. 1-130) bevat, behalve 180 tweeregelige spreuken, de gedichten van Willem van Hildegaersberch; evenwel ontbreken de eerste drie gedichten, samen 492 verzen, en de eerste 322 verzen van het vierde gedicht, daar de eerste vijf bladen uit het handschrift zijn gescheurd. Willem van Hildegaersberch († waarschijnlijk 1409) was een sprookspreker, die aan hoven en in steden zijn gedichten
voordroeg en herhaaldelijk aan het grafelijk hof te 's-Gravenhage optrad. Van hem zijn 120 gedichten, samen ruim 22.500 verzen, bewaard gebleven. Die gedichten kan men in verschillende rubrieken indelen: godsdienstige en zedenkundige bespiegelingen, politieke gedichten, geschiedkundige sproken, hekeldichten, dierfabels en boerden. Behalve in het boven beschreven handschrift zijn de gedichten van Willem van Hildegaersberch in hs. Brussel, Koninklijke Bibliotheek, 15.659-61 overgeleverd; fragmenten van een derde handschrift worden in hs. Rostock, Universiteitsbibliotheek, Ms. philol. 84 bewaard. Twee gedichten Enen honts bete en Sente ghetruden minne ende sente jans vrienscap die deen vrient den andren geeft bevinden zich ook in hs. Brussel, Koninklijke Bibliotheek, 15.589-623; het gedicht Vanden goeden vrouwen komt eveneens voor in hs. 's-Gravenhage, Koninklijke Bibliotheek, 75 H 57. Het tweede gedeelte van het hier besproken handschrift (fol. 131-195) bevat Der minnen loep van Dirc Potter (ca. 1370-1428), baljuw van 's-Gravenhage, secretaris van Albrecht van Beieren, Willem VI en Jacoba van Beieren. Der minnen loep, geschreven in 1411-1412, is een leerdicht in vier boeken van resp. 3282, 4268, 1264 en 2324 verzen, handelend over de verschillende soorten van liefde. Als toelichting van de leer komen er 57 liefdesgeschiedenissen in voor, die grotendeels aan de Heroides en de Metamorphoses van Ovidius en aan de H. Schrift zijn ontleend. Behalve in het hier besproken handschrift is Der minnen loep nog in hs. Leiden, Bibliotheek der Rijksuniversiteit, Letterk. 205 bewaard gebleven. Het hier besproken handschrift is omstreeks 1480 in Holland tot stand gekomen. Daniel van Alphen (1651-1733), raad en burgemeester der stad Leiden, die het in 1717 toevallig ontdekt had, ontving het in 1721 van de ‘Heren Meesteren van de Catharinae ende Caeciliae gasthuisen’ te Leiden ten geschenke. Later kwam het in het bezit van J.A. Clignett (1756-1827). In 1828 werd het op de veiling-J.A. Clignett door de Koninklijke Bibliotheek te 's-Gravenhage gekocht.
J.C. de Jonge, Verhandeling over den oorsprong der Hoeksche en Kabeljaauwsche twisten, ontleend uit echte, meest onbekende gedenkstukken, Leiden, 1817, p. XXX-XXXII en 269-280; J.A. Clignett, Bydragen tot de oude Nederlandsche letterkunde, 's-Gravenhage, 1819, p. XXVIII-XLIV en 381-411; Cat.-J.A. Clignett, 's-Gravenhage, 1828, p. 8, nr. 76; Van den Sacramente van Amsterdam. Gedicht van Willem van Hillegaersberch. Met ophelderende aanteekeningen uitgegeven door
P. Leendertz, Wz., Sneek, 1845; Der minnen loep, door Dirc Potter. Uitgegeven door P. Leendertz, Wz., Leiden, 1845-1847, 2 dln.; M. de Vries, Spreuken, Verslagen en Berigten uitgegeven door de Vereeniging ter bevordering der oude Nederlandsche Letterkunde, 4 (1847), p. 29-41; Dit sijn x goede boerden, uitgegeven en toegelicht door E. Verwijs, 's-Gravenhage, 1861, p. 25-32; Gedichten van Willem van Hildegaersberch, uitgegeven door W. Bisschop en E. Verwijs, 's-Gravenhage, 1870; De Middelnederlandse boerden. Voor het eerst verzameld uitgegeven door C. Kruyskamp, 's-Gravenhage, 1957, p. 64-79; T. Brandis, Mittelhochdeutsche, mittelniederdeutsche und mittelniederländische Minnereden. Verzeichnis der Handschriften und Drucke, München, 1968, p. 232-233 (Münchener Texte und Untersuchungen zur deutschen Literatur des Mittelalters, 25). |