
Am., Saturdag 7 Aug. '86.
N.Z. Voorbw. 161.
Amice,
Gisteren om half zeven van het zwemmen70 te-rugkeerende, zag ik je hand voor het venster bewegen en konkludeerde daaruit tot je aanwezigheid.
Maar toen ik mij om half acht aanmeldde, was je uitgegaan.
Eergister-avond biljartte ik met Bie,71 toen je aan mijn deur waart.
Zoû ik het voorrecht mogen hebben je vanavond op een kopje thee bij mij te zien? Maar kom dan asjeblieft zoo vroeg mogelijk, en vooral niet later dan half zeven. Zoû ik daarop mogen hopen?
t.t.
Karel Alb. Thijm.
Dringend verontschuldiging voor slordig schrift.