terug  begin  verderprepost

50

Luxembourg Belge

Mont-lez-Houffalize

27 Oktober '88

 

Amice,

Le Rêve, jawel hoor, ik heb 'et te pakken.119 Ik heb er al vier foliobladzijden over af. Le Rêve heeft me een aandoening gegeven van een zoo violente intensiteit, dat ik geloof dat die aandoening er een van een hoogere soort zelfs was, dan die ik tot nog toe kende. Ik voelde, - dit is geen fantazie, maar direkte fyzieke waarneming - mijn heele lichaam als in een gloeyend waas, als-of de ‘geest-drift’ mijn heele vel had doortrokken. Daarin heb ik veertig uur voortgeleefd. Ik heb trouwens die lichamelijke emotie precies beschreven in mijn artikel.120 En het werk als werk, - ja, goeye morgen, daar is mijn emotie al weêr, daar is geen analyzeerend ontkomen aan. Je bent door den bliksem getroffen of je bent 'et niet, hoeveel scherpzinnige gedachten over elektriciteit of je ook in je kop heb.

 

Juffrouw Lina, van Emants,121 heb ik ook gelezen; nu ja, dat was natuurlijk een niet-wijs-vrijster-ondernemen van me na pas Le Rêve in me te hebben; maar toch, dat ik, in deze omstandigheden, het boek heelemaal uit heb kunnen lezen,... ja, ik vind Juffrouw Lina een zeer verdienstelijk boek, het beste in zeker opzicht van Emants; hij heeft ook, ofschoon zijn ‘stijl’ anders leelijk is, moderne elementen hierin gebracht, dat heel aardig is voor een auteur, die al veertig jaar is.

[p. 85]


illustratie
Albert Verwey in 1888

[p. 86]


illustratie
Handschrift van het Opdracht-sonnet dat slechts in een beperkt aantal exemplaren van Albert Verwey's ‘Van het Leven’ werd afgedrukt. Zie noot 124

[p. 87]

Krijg ik nu je ‘geen kunst, maar toch heel openhartig’. Ik verlang er zeer naar.

 

tt

Karel Alb. Thijm

119Op 25 oktober 1888 legde Van Deyssel in zijn dagboek vast: ‘Hevig geëmotionneerd door Le Rêve’. Op 24 oktober had hij Le Rêve in éen ruk gelezen, van tien uur 's morgens tot zes uur 's avonds.
120Van Deyssels bespreking van Le Rêve opende, onder de titel Zolaas nieuwe boek, De Nieuwe Gids, vierde jrg., deel I, aflev. 2, december 1888, p. 147-156; voor de eerste maal herdrukt in Verzamelde Opstellen, Amsterdam, 1894, p. 255-265.
121Marcellus Emants, Juffrouw Lina. Een portret, 's-Gravenhage, 1888, werd door Van Deyssel in dezelfde aflevering (p. 253-256) besproken; voor de eerste maal herdrukt in Verzamelde Opstellen, Amsterdam, 1894, p. 277-280, minus de eerste alinea: ‘Ik ben met veel genoegen bezig aan een eenigszins uitvoerig artikel over den heer Emants prozaïst, een der beste Nederlandsche auteurs, dat ik den N. Gids hoop aan te bieden. Men zij zoo goed dit stukje als een aanloop tot dat meer uitgebreid artikel te begrijpen.’
prepostterug  begin  verder