terug  begin  verderprepost

89

Amice, Wees zoo goed te verontschuldigen, dat mijn komen-bij-je,233 door het schijnbaar koketteeren dat ik er meê doe, een soort van valsche belangrijk-

[p. 148]

heid krijgt. Ik ben nu weêr ziek aan Influenza en lig sinds tien dagen te bed.234 Ik weet er dus op 't oogenblik niets van te zeggen en hoop je te bekwamer tijd op nieuw een schrijven dienaangaande toe te richten.

 

tt

K. Alb. Thijm

Bergen-Op-Zoom, 26 Mei '91.

233Dit moet Van Deyssel andermaal aan Verwey in het vooruitzicht hebben gesteld in een op 20 mei 1891 aan Verwey verzonden en niet teruggevonden poststuk.
234Inderdaad was Van Deyssel op vrijdag 22 mei 1891 ‘te bed gebleven wegens Influenza. Donderdag 28 mei weêr voor 't eerst opgekomen. Die dag en Vrijdag nog koortsig, zwak, ziekig, pijn in den rug, enz., Zaterdag 30 Mei koortsig, hetgeen het werken zeer bemoeilijkt; Zondag 31 mei een groote rijtoer gemaakt van 12 u. 30 tot 7 uur; Maandag 1 Juni eene groote wandeling gemaakt van 11 u. 30 tot 8 u. avond; Dinsdag 2 Juni den heelen dag ziek geweest ten gevolge der wandeling van den vorigen dag: katterig van heidelucht-dronkenschap, uitgeput van te veel loopen.’
prepostterug  begin  verder