[f. 86 v°] [LXII] REFREYN
- LUstige amoreuse weluarende ioncxkens
- vaet die meninge die hier begrepen is;
- ghi die ontsteken sijt in Venus voncxkens
- die v verhanct eer ghi weet watter teten is, vs. 4
- 5
- noyt stael oft yser so sceerp gheslepen is
- als Venus strael die si den iongers geuen, vs. 6
- so moeten si danssen so hem ghepepen is,
- claghen, steenen, van anxte beuen
- oft hem die liefste mocht begheuen
- 10
- die therte bedwongen heeft in Venus schrijnen,
- deerlic suchtende, half doot half leuende,
|
vs. 4 teten: te eten (maar onzuiver rijm!).
vs. 6 die si ... geuen? wsch. corrupt.
|
[p. 117]
-
- *
- dus moghen si wel seggen als dolende swijnen:
- bedwanck van liefden is grote pijne.
-
- Noyt man so wijs te gheender plecken
- 15
- die amoreus was tot sinen lieue
- die hem conste wachten voor Venus kecken vs. 16
- hi en was ghesact, het sijn haer brieuen.
- . . . . . . . . . . . . . . . . .
- eedel, oneedel, hoe groot zijn macht is,
- elcken ghenuechtse met haren gherieuen,
- 20
- niemant ontsietse hoe groot sijn cracht is.
- daerom wacht v dier noch niet toebracht is
- [f. 87 r°] want noyt en proefdic sulcken brijne vs. 22
- als liefde bedwanc daerse sterck verpacht is. vs. 23
- ic seg v onthout die woorden mijne
- 25
- bedwanck van liefde is grote pijne.
-
- Bedwanc van liefde hebben menigen bedwongen vs. 26
- eer hi sinen wille al conste verweruen. vs. 27
- Sampson heeft bedwanc van liefden gesongen, vs. 28
- si schoer sijn haer af doen moest hi steruen;
- 30
- Aristotiles, eer hi sijn lief mocht eruen,
- liet hem bedwinghen ghelijc eenen peerde,
- Vergilius begecken, Salomons bederuen,
- ende noch menich so ons scriftuere vercleerde.
- waer vantmen oyt meerder liefde op deerde
- 35
- dan Troylus op Breseda seer loos van schijne,
- en Blanceflour, die Floris bloet verteerde:
- si mosten wel singhen mits haren verdwijne:
- bedwanck van liefde is grote pijne.
-
-
- Prince
- Bedwanck van liefde die seer groot is,
- 40
- te volle en cant niemant verhalen.
|
* 17. HA.: Hy en was geschaect hoe groot sijn macht is.
vs. 16 kecken: streken; zie b.v. nog ABN. XXI, c, 3; Hand. d. Amour. Bb. 2 v°. vs. 16 is wsch. corrupt; de tweede helft is misschien een stuk van het ontbrekende vers; geschaect in de var. beteekent: te schande gemaakt.
vs. 22 sulcken brijne: iets zoo bitters.
vs. 23 als gedwarsboomde liefde waar deze diep geworteld is.
vs. 26 hebben: lees wsch. heeft.
vs. 27 en moet zijn eer (drukfout in mijn tekst).
|
[p. 118]
-
- Prince, ic segge dat hi leuende doot is
- die te rechte ghequelt is van deser qualen
- [f. 87 v°] Prince, al waer een herte van stalen
- ghemaect en dooghen claer van Robinen,
- 45
- Prince, so en sal ic een woort niet meer falen,
- ic en sal volghen die rechte lijne:
- bedwanck van lieue is grote pijne.
[houtsnede]
|