Tekst en melodie.
Lootens et Feys, Chants populaires flamands, 1879, nr. 12, bl. 20. De melodie herinnert aan het terzet uit het vierde bedrijf van Rossini's Il barbiere di Seviglia (Rome, 1816), waar Almaviva zingt:
Zit - ti, zit - ti, pia - no, pia - - no,
non fac - cia - mo con - fu - sio - - ne,
Aanvang die, zooals W. Tappert, Wandernde Melodien, 2de uitg. 1890, bl. 34, doet opmerken, op zijne beurt herinnert aan het lied van Simon uit Haydn's Jahreszeiten (1801):
Schon ei - let froh der A - ckers-mann
zur Ar - beit auf das Feld.