
1, 1. sic, Een dev.; tekst: Ons naket een. - 2, 3. t.: een sone in ons. - 3, 4. geen and'. - 3, 5. t.: mocht. - 8, 2. meere = mare, tijding. - 11, 4. ende bijgev. naar Een dev. - 12, 1-5. Vgl. hiervoren nr. 525, bl. 2026, str. 2 en de varianten. - 14, 1. sic, Een dev.; tekst: Joseph die. - 14, 2. sijnder moed'. - 15, 1. sic, Een dev.; tekst: wi tkindeken.
Dit is een suverlijc boecxken, Antw. 1508, bl. 33 vo, ‘op die wise: ‘Ick weet noch eenen acker breyt’, hierboven weergegeven; - Een dev. enĚ„ prof. boecxken, Antw. 1539, nr. 98, uitg. D.F. Scheurleer, bl. 125, aant. bl. 332, zelfde tekst met enkele varianten; - Het hofken der geest. liedekens, Loven 1577, bl. 72.
Een dev., t.a.p.; zie het wereldlijke lied: ‘Ic weet noch enen acker breit’, I, nr. 37, bl. 207, hiervoren.