Gedichtjes voor kinderen


auteur: Prudens van Duyse


bron: Prudens van Duyse, Gedichtjes voor kinderen. Busscher Frères, Gent 1849  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. π1r]



illustratie

[p. π2v]



illustratie

Dat u allen reeds hier loven
Met erkentelyk gemoed,
Even als het ginder boven
Ieder biddende Engel doet.


[p. I]

[Voorrede]

De naem van volksdichter moge vleijend zyn, die van kinderdichter heeft voor 't vaderharte geene mindere waerde.

Schryvers, die opzettelyk voor kinderen gedicht hebben, leverde België tot dus verre niet op; schoon er enkele stukjes, in Zuid-Nederland geschreven, veel van dit vloeijende, bevallige en ligt verstaenbare bezitten, dat ze aentrekkelyk maekt voor kinderen van eenige meergevorderde jaren dan die, op welke ik, over 't algemeen, 't oog had by het samenstellen van dit letterkransje voor de lieve kleinen.

[p. II]

‘Sint Niklaes’ werd voor myn vierjarig zoontje vervaerdigd. Ten behoeve van zoo jonge, en, ja, meer gevorderde kinderen, schynen my dergelyke verdichtseltjes geschikt.

Van Alphen, zoo hy verklaert, schreef zyne kleine gedichten voor kinderen van vyf tot tien jaren. My dunkt, dat zulks ook op de myne kan toegepast worden.

Weinige stukjes van den Hollandschen Kinderdichter zyn ondoelmatig; de meeste zyn meesterstukjes: te regte werden zy dan ook in 't Hoogduitsch en in 't Fransch evergebragt.

Ik had my (ik gevoel 't) wel de moeite mogen sparen in zyn, met zoo veel roem, vooral met zoo veel nut, betreden voetspoor te stappen: maer, hoe, ook na Van Alphen, voor hen niet gezongen, gedicht of gerymd (men verkieze), die men hartelyk bemint, en die onder uwe oogen, stof opleveren om de pen in hand te nemen?

De Grieken vingen de opvoeding, of, wil men bepaeldelyker, 't onderwys aen door 't van buiten leeren van dichtstukken; ook by de Romeinen gold

[p. III]

dit stelsel: de Dichter plooide (volgens Horatius gezegde) den teederen mond des kinds. Inderdaed, de vorming van 't harte en de versterking des geheugens dient, naer den wil der natuer, de ontwikkeling van den kindergeest vooraf te gaen. Tot beide einden is de Poëzy hoogst geschikt. In onze gewoone Dichtkunst komt, boven de maet, het rym ten mnemotechnieken middel voor.

De kinderen beminnen voor alles vertellingen: het dramatieke werkt op hunne jonge verbeelding. Vertellingen, in den zinnelyken vorm der verzen voorgedragen, prenten zich onuitwischbaer in hun zinlyk brein. Ook heb ik meest stukjes in den verhalenden trant opgesteld; ondertusschen heb ik my wel gewacht aen den indrukvollen geest der kleinen schokken toe te brengen, gelyk het sommige bloedige fantastieke vertellingskens van Perault doen. Wy hebben de bron des geheugens liever in het harte, dan in de overspannen verbeelding geplaetst: 't Savoir par coeur der Franschen heeft een diepen zin.

In een werk van dezen aerd meende ik in de

[p. IV]

afdruksels voor België bestemd, de spelling der koninglyke Commissie, of, nauwkeuriger, degene door de meeste Vlaemsche Letterkundigen gebruikt, te moeten aenwenden. Myn wensch roept den tyd in van eene en zelfde Nederlandsche spelling voor eene en zelfde Nederlandsche tale.