[p. 25]
V Jalouzie
- Gevloekte slang! aan gloênde harten knagend,
- De zoete trouw der minne boos belagend!
- Ik heb den knik des maak'laars wel gezien!
- Hij greep haar hand en lonkte bovendien.
-
- Ja! op haar voet heeft hij getrapt, de snoode!
- Ik had het diepe bukken niet van noode:
- Ik zag het, zij liet toe... O, wreede smart!
- Hij trapte op haren voet, zij op mijn hart.
-
- Zou 't waar zijn? Heer! verlicht mijn wankle schreden,
- Eer 'k mijn geluk voor immer ga vertreden!-
- Zoo ze om des maak'laars wille mij verliet...
- Ik zou haar kunnen... Neen! dát nooit, dát niet!
-
- Neen! 'k zal geduldig zijn en Gode zwijgen,
- En mocht die man-dien ik veracht-haar krijgen...
- Ik zal mij bloedend werpen aan haar voet:
- Haar stervend zeeg'nen, als een Christen doet.
|