[p. 37]
Gij weet niet...
Gij weet niet, wat een mensch vermag
Met zijn roode bloed,
Met zijn kloeke handen.
Hij kan met één vermetelen slag,
Hij kan ten uitverkoren dag
Met hart en moed
Het Noodlot wenden.
Gij weet niet, wat een mensch vermag.
Bogislav von Selchow