[p. 80]
Altijd weer...
Altijd weder houden eens de raven
Óp de stille nachten te verstoren:
Als ziels krachten ons bijna begaven,
Wij de wanhoop niet meer kunnen smoren
Om dier spitse kreten eeuwigen keer.
Altijd weer.
Altijd weder zullen moeders klagen,
Dat men voor den Grooten Wereld-Richter
Op het schild haar eenling heeft gedragen.
Altijd weder boet een jonge dichter
Met den dood zijn helle zangers-eer.
Altijd weer.
Altijd weder wordt een Albrecht Dürer
En een Maarten Luther hergeboren.
Alle duizend jaren staat een Führer
Op uit 't Volk, door God-zelf uitverkoren -,
Daalt een Held uit 't Duitsch Verlangen neer.
Altijd weer.
Ilse Ringler-Kellner