[p. 99]
De wacht
Eenzaam staat hij in den nacht
Met den heiligen last beladen
En denkt het verleden: de wacht
Der doode kameraden.
Hij ervaart hoe iemand hem tegentreedt:
Een soldaat in den dood ontweken,
Eén, die het wrangste doorleed.
En zacht hoort hij spreken:
Kameraad!
Slechts dit klein woord alleen.
Zij zwijgen en staren.
Eerst bij het morgen-waren
Glijdt de doode - een schaduw - heen.
Herbert Menzel