
Men vind dit zinnebeeld mede by den Ridder
J.
Kats
, met dit duitze vaarsje, en dit opschrift.
Men behoeft verder niet veel bewys redenen hier toe, de
rede en ondervinding leert genoegzaam dat het hart alleen in
de Liefde word gekwetzt; en de onnoozele Dorinda zei met
rede tegens Silvio: Past. Fid. att. 2. sc. 3. dat zy alleen in het
hart was getroffen,
En schoon het lighaam zomtijds ook door de Liefde ver-
kwynt, lyt egter het hart het meeste, en word ook het eer-
ste getroffen: derhalven word in dit Zinnebeeld de Liefde
heel wel by een blikzem vergeleeken, die de zelve kragt
heeft om iets van binnen te beschadigen, zonder het van
buiten te treffen, en deeze gelykenis is niet nieuw:
Johannes
Secundus
zegt, eleg. 2. lib. 1. dat de Liefde onder anderen
hem voorzei wanneer hy nog naawelyks geboren was: dat
,,hy haar menigmaal uit de heldere oogen van zyn schoo-
,,ne, met verwondering, verborge vlammen in zyn hart
,,zou zien schieten, en doodelyke schigten van een bedek-
,,te boog hem in't hart zenden, even eens als de blikzem
,,komt zonder dat men weet door wat wegen.
Honore d'Urfe voert een Nimph, die in een minne-spel de
blikzem verbeelde, in het 3. deel en 3. boek van zyne Aftrea,
dus spreekende in.
Met dezelve gedagten spreekt Celadon in het 1. deel 12. boek
van 't zelve werk, wanneer hy, de Liefde gevraagt hebben-
de waarom het kruit op de komst van zyne Astrea, die hy
by een zon geleek, mede niet verdorde, gelyk het in't heet-
ste van de zomer door de natuurlyke zon verdroogt, dus
zig zelve beantwoord.