Het geregeld contact van SK. met Gosler stelde hem in staat de moeilijkheden over het kopyrecht van Monaco op te lossen. - De bijdrage in Nederland waarvan hier sprake is, vindt men in de jaargang 1886 van het tijdschrift, dl III blz. 1-19, onder de titel Een Stierengevecht, het is een fragment van Uit Spanje (zie ook brief van 25 september 1886). In 1886 is deze bijdrage aan Nederland voor zover bekend inderdaad de enige medewerking door E. aan een tijdschrift verleend. Maar in 1885 en '87 werkte hij meerdere malen mee aan de Ned. Spectator. - Bij W. Cremer liet E. vijf werken verschijnen. Behalve Uit Spanje, Jonge Harten (1888), Juffrouw Lina (id.), Adolf van Gelre (id.) en Haar Zuster (1890). - Wat zijn deficitaire rekening courant betreft, wanneer E. hier inderdaad alle honoraria opsomt, die hij tot dan toe voor zijn boeken ontving, kan men slechts constateren dat hij voor de eerste vier boeken, Juliaan de Afvallige (1874), Op reis door Zweden (1877), Monaco (1878), Een drietal novellen (1879) helemaal geen
honorarium kreeg, evenmin als voor de eerste druk van Lilith (1879), dat zoals alle hieraan voorafgaande werken bij W.C. de Graaff in Haarlem verscheen. Gezien de koppeling van Godenschemering aan Lilith in deze brief, is het waarschijnlijk dat E. hier het oog heeft op de 2e druk, die evenals de beide eerste drukken van Godenschemering, bij H. Pyttersen Tzn in Sneek het licht zag.
s Gravenhage 9 Juli 1886
Amice,
Ontvang mijn dank voor je bemoeingen in zake Monaco's kopyrecht. Het deed mij genoegen te vernemen, dat je nu, betrekkelijk naar je zin, in Maarssen ingekwartierd bent. Van harte hoop ik, dat je van de kinderen veel genoegen moogt beleven en zelf rustig naar hartelust in je landelijke omgeving zult kunnen werken. Of ik in het najaar in Holland zal wezen en gelegenheid hebben je te bezoeken is nog erg onzeker en minder van mijn lust afhankelijk dan je wel meent. Op je uitdrukkelijk herhaald verzoek stuur ik je nevensgaand een bijdrage voor Nederland. Je honorarium van ƒ30 per vel neem ik aan, en ik hoor dan wel eens wanneer en hoe dit wordt uitbetaald. Bedenk nu echter, dat dit fragment in het najaar verschijnen zal in een reisbeschrijving van ± 12 vel.
Daar ik vertrek naar de Vogesen is het raadzaam, dat ge zelf de proeven verbetert. Aan alle andere tijdschrift-redacteurs weigerde ik steeds stukken te leveren op grond, dat ik mij zelven voor een ondeugdelijk medewerker houd. Zeg dus - des gevorderd - steeds de waarheid nl. dat ik je dit fragment uit vriendschap op je bepaald verzoek afsta.
Een enkel woord, de goede ontvangst van het manuscript vermeldend, zal mij zeer aangenaam wezen.
Denk er bij uw berekeningen aan dat mijn handschriften altijd liederlijk uitdijen. Ik ga weer een jongen uitgever helpen, dezen keer W Cremer, een besten vent Op die manier zal de schrijverij mij wel nooit rijk maken.
Ziehier mijn rekening courant over mijn geheele leven:
| Jong Holland | ƒ1000 | |
| Goudakker's Illusiën | 150 | |
| Langs den Nijl | 25(!) | |
| Godenschemering | } | |
| Lilith | } | 300 |
| ______ | ||
| 1475 | ||
| Af faillissement de Graaff | 2000 | |
| ______ | ||
| Nadeelig saldo | 525 |
Gelukkig dat ik er niet van moet leven. Maar als zij nu nog vertellen dat ik duur ben en niet onder de ƒ50 per vel wil werken, dan word ik helsch.
Intusschen steeds,
tt
Marcellus Emants
