terug  begin  verderprepost

15 juli 1890

Het hier bedoelde artikel van Netscher is te vinden in Nederland 1890 I blz. 339 e.v. Het gaat niet over E., maar over I. Esser (en diens onder pseudoniem Terburch verschenen roman Willem Norèl) en over twee boeken van Maurits (P.A. Daum). In een preliminaire beschouwing spreekt hij over E. als over een voor-

[p. 72]



illustratie
Frans Netscher

loper van '80. - De roman van J.E. Sachse is Een verloving, verschenen te Leiden in 1890 onder het pseudoniem Rana Neida. Het boek kreeg een gunstig onthaal van Van Deyssel. - Collega en concurrente Anna slaat op het feit dat Anna Fastré, de latere mevrouw Smit Kleine, eveneens schreef, onder verscheidene pseudoniemen, en met name toneel onder de schuilnaam Banner. E. doelt vooral op dit laatste omdat zowel hijzelf als zij zich op dit tijdstip met toneel bezighielden. E. publiceerde dit jaar drie toneelstukken: in De Gids: Te laat (III blz. 512-541), bij W. Cremer, Den Haag, Haar Zuster, en Fatsoen bij L.J. Veen, Amsterdam. Uit een brief van SK. aan I. Esser weten we dat Anne Fastré einde '89 aan een ‘comédie de moeurs’ Nieuwerwetsch werkte. - E.'s vrouw was op dit tijdstip 29 jaar; wellicht overwoog hij voor haar een lijfrente te kopen.

 

15 Juli 1890 den Haag

 

Amice,

 

Van Netschers artikel wist ik niets. Ik ben naar de Witte gegaan, vond daar de afl. Mei, Juni, Juli, waarin het niet staat; maar vond April niet, daar deze afl. uitgeleend was. Ik berust er nu in het stuk niet te kennen.

Netschers oordeel is mij niet geheel en al onverschillig; maar sinds ik in 't algemeen weet hoe hij over mij denkt, intrigeert het mij weinig zijn oordeel in elk bijzonder geval te leeren kennen. Alleen zou ik willen weten, wat hij nu van mij te pakken heeft gekregen. Een verklaring van't geen jij noemt zijn onhebbelijkheid zullen velen zoeken - en misschien terecht - in de omstandigheid, dat ik hem geld heb geleend. Ik beschouw hem een beetje anders. Al wat Netscher heet is ongeloofelijk

[p. 73]

eigen-wijs. Elke Netscher heeft de waarheid in pacht en dus kunnen twee Netschers elkander nooit uitstaan. Frans is in zijn particuliere leven altijd even grof onhebbelijk geweest als hij in zijn publieke schrijverij teer fijngevoelig wil zijn. Voor mij ligt hierin een groote mate van ploertigheid. Toch verbeeldt hij zich oprecht te zijn. Wat hij tegen mij zegt is ongetwijfeld waar gemeend; maar de woorden hebben voor hem een anderen klank dan voor gewone menschen. Wat voor hem karakteriseeren is noemt een ander al licht uitschelden. Dat is natuurlijk een quaestie van opvatting. Van mij is hij - dat spreekt van zelf - jaloersch. Ik bedoel niet van mijn schrijven; maar van mijn financiën. Die jaloezie is ook weer erfelijk in de Netschers. Bijgevolg is 't dubbel onaangenaam voor hem bij mij in het krijt te moeten staan. Indertijd gaf ik hem dit geld (een schijnleening natuurlijk) om hem te bevrijden van de meid, waardoor hij zich liet onderhouden. Nu laat hij zich al weer mainteneeren door dezelfde of door een andere, die voor ƒ1 's avonds in een café-concert optreedt. Concludeer zelf. Wat hij zeker bezit en wat tegenwoordig niet iedereen heeft, is energie.

__________

Wat was 't jammer, dat jelui ons verleden Zaterdag niet kondet hebben. Wij hebben nu voor 1 Aug. nog wel eens een dag vrij, maar met de kinderen zou de conversatie toch al licht iets minder-prettig-gedwongens krijgen. Dus dan maar tot het najaar.

Stam schijnt het met Carlsbad niet goed te kunnen vinden. Zou hij suikerziekte hebben? Je moet 't hem natuurlijk niet vragen; maar ik denk het soms.

Je weet zeker, dat Sachse een roman heeft geschreven. Elk vel moet ik nazien en met aanmerkingen voorzien. Misschien krijg jij ook de vellen wel ter inzage. Mijns inziens is dit zeer subjectieve boek de uiting van een zeer hysterische natuur, wiens lustjes (bloedelooze aanvechtinkjes, die voor passie worden gehouden) in strijd komen met de behoefte aan frissche lucht en kalmte, waardoor het zwakke lichaam zich op de been tracht te houden. Er spreekt een goede jongen uit, die graag wat modern pervers zou wezen; maar veel te alledaagsche en gezonde voorouders heeft gehad om zich die weelde te kunnen veroorloven. Het tusschendoor zeilen met een oude schrijfwijze links en een nieuwe rechts is al even half in de uitvoering als de inhoud door het boven aangeduide. (Die zin is verdomd slecht en onduidelijk; maar ik heb geen lust er aan te peuteren)

Eva heeft weer eens wat koorts. Ik hoop, dat het betere weer haar op zal knappen. Vele groeten aan collega en concurrente Anna.

Tot later

 

tt

Marcellus Emants

 

Ken je ook een soliede Maatschappij van lijfrenten en tegen hoeveel percent plaatst men daar geld op het leven van iemand, die ± 30 is?

prepostterug  begin  verder