Van Hamel is vermoedelijk dr. A.G. van Hamel die redacteur was van De Gids, waarin Te Laat verscheen, 1890 III blz. 512. - J.C. de Vos stichtte in 1890 met W. van Korlaar de Tivoli-Schouwburg in Rotterdam. Hij bracht in dit eerste jaar Fatsoen van E., echter zonder Te Laat, zoals deze gehoopt had.
5 Oct. 1890 den Haag.
Amice,
Hoe komt Anna er toch aan te denken, dat ik den draak met haar zou steken of wel van de hoogte af op haar neerzien?
Aan het eerste heb ik geen oogenblik gedacht en dan die hoogte, waarop ik zou staan ... te goed om te mislukken en niet goed genoeg om te gelukken, ziedaar mijn eigen oordeel. Vertel haar eens, dat van Hamel mij over Te laat schreef: ‘met het slot kan ik 't niet vinden, omdat alles bij het oude blijft. (N.B. dat heb ik juist gewild). De dialoog is weer allergemakkelijkst en alleraangenaamst’.
Dus precies het tegendeel. Zoo gaat het nu altijd.
't Is mij aangenaam te weten wat de Vos aan jelui heeft gezegd.
Aan mij zei hij:
‘Ik vind het beter Te laat niet met Fatsoen samen te laten gaan, omdat beide stukken lang zijn en de pauze midden in Fatsoen zou moeten vallen. Staat u er echter op, dan doen wij 't toch’.
En vroeger schreef hij: ‘gaarne wil ik Te laat lezen. Ik ben er à priori volstrekt niet tegen twee stukken van een zelfden auteur achter elkander te geven’.
Ergo de Vos is een diplomaatje, die argumenten vooropschuift om tot zijn doel te komen.
Ik vermoedde 't; nu weet ik het.
Over Zuid-Duitschland bezit [ik] noch een Baedeker, noch eenig ander reisboek. Nevensgaand het schrijven van je zoon terug. Ik begrijp van die affaire niemendal. Misschien brengt Eva mij wat licht mede.
Intusschen ... ga er maar eens uit en neem wat afleiding. Later krijg ik dan wel eens mondelinge ophelderingen over al wat mij nog duister is.
vr. g.
Marc. Emants