terug  begin  verderprepost

16 mei 1893

Mr. C. Stemberg, oud-kantonrechter, was de eerste directeur van het in 1869 opgerichte dagblad Het Vaderland. Hij bleef dat tot 1879. Het Dagblad is het Dagblad van Zuid-Holland en 's-Gravenhage dat in 1900 aan de concurrentie met Het Vaderland bezweek. Het Nieuws is Het Nieuws van den Dag, waaraan SK. medewerkte en waarvan P.H. Ritter Sr. van 1890-1906 hoofdredacteur was. - Van Bylandt was destijds Nederland's gezant in Tokio. - Netschers roman Egoïsme verscheen in 1893 in twee delen, het thema van het boek is, met de woorden van Netscher zelf: ‘Een jong, mooi vrouwtje - trouwt met een succesman - heeft allerlei teleurstellingen - en komt tot deze conclusie: dat je 't in je zelf moet zoeken’ (E. d'Oliveira Jr. De Mannen van '80 aan het woord, A'dam z.j. blz. 108). Een sleutelroman met betrekking tot Eva of/en Marcellus E. is er niet in te zien. - Deze brief is geschreven op papier van het hotel en het briefhoofd - behalve de datum - niet geschreven maar gedrukt.

 

16 Mei 1893

 

,

Amice,

 

Het kletsregent. De gelegenheid is dus gunstig om een paar brieven te schrijven. Evenwel ... wij zitten hier hoog in de bergen en ik heb dus je laatsten brief niet bij me om dien te kunnen beantwoorden. Gelukkig herinner ik me daaruit ééne phrase, waarin het woord bezopen voorkomt en het volgende heb ik daarop te

[p. 79]



illustratie

[p. 80]

zeggen. Tot 1875 las ik nooit couranten. Toen begon Stemberg mij het Vaderland gratis toe te zenden, en omdat ik niet velen kan, dat er een courant of tijdschrift in mijn huis komt, die ik niet lees, daarom ben ik dit Vaderland tamelijk trouw gaan lezen. Maar ook daarom heb ik het aantal tijdschriften en couranten, dat mijn drempel overschrijdt, steeds zeer beperkt. Wil ik iets van een vriend lezen, dan staat immers voor dat geval de Witte voor mij open. Op het Dagblad ben ik niet geabonneerd; maar dat belet niet, dat ik zeer dikwijls de critieken lees van van den Tol. Had ik nu geweten, dat mijn abonnement op het Zondagsblad van het Nieuws voor jou - met Ritter heb ik niets te maken - van eenig belang kon zijn, dan had ik reeds lang op dat blad ingeteekend. Thans ben ik je dankbaar me gemeld te hebben, dat de prijs ƒ2 is, wat ik niet wist. - Om nog eventjes op To terug te komen, het schijnt dat zijn beoordeelingen in den smaak vallen. Waarschijnlijk, omdat het geachte publiek er zijn eigen gedachten (?) in terugvindt. - En nu zitten jelui al weer hoog en droog in Haarlem. Hoe bevalt het je daar op den duur? Ik ben zeer benieuwd daaromtrent eens iets naders te vernemen. Wat ons aangaat, wij hebben 't in Japan zeer goed gehad en zeer aangenaam; maar nu heb ik toch weer genoeg van dit land en dit volk. Beiden vind ik interessant en aardig, maar de opinie dat Japan een vlekkeloos aardsch paradijs zou wezen, kan ik in de verste verte niet deelen. Wij hebben er anders heel wat meer van gezien dan de meeste toeristen. Wij hebben namelijk een viertal Japanners te pakken gekregen en dezen niet losgelaten eer zij ons het merkwaardigste hadden getoond van hun huiselijk leven, hun zeden en gewoonten. Om zoo iets te kunnen doen moet men eigenlijk zeer onbescheiden te werk gaan; maar dat wordt men op reis. De gedachte: morgen ga ik weer heen, dan wil ik zoveel mogelijk gezien hebben en dan kan 't mij weinig schelen hoe jelui over me denkt, heeft dit noodlottig ten gevolge. Wij hebben dus herhaaldelijk op zijn Japansch in een Japansch huis gegeten, met Japanners tooneelvoorstellingen bijgewoond, bij Japanners de theeceremonie, het bloemenschikken en duizenderlei andere eigenaardigheden gezien; wij hebben zoowel met mindere lui als met groote heeren kennis gemaakt, wij hebben bals en tuinfeesten bijgewoond bij ministers en ceremoniemeesters van den Mikado, wij hebben een uitnoodiging voor het keizerlijk bloemenfeest gehad, dat evenwel door den regen in het water is gevallen en wij hebben zelfs iets aanschouwd, dat volgens van Bylandt nagenoeg geen Europeaan ooit heeft gezien. Dit laatste is het maken van landschappen op lak door middel van zand, steentjes, veertjes enz. een tamelijk onnoozel ding, dat hier echter een ‘kunst’ heet, nog slechts door een tiental oude daimio's wordt uitgevoerd en liever niet aan Europeanen getoond. Toen ik hoorde, dat het iets zeldzaams was, dacht ik, dat moeten wij hebben en ... wij hebben 't gehad. Nu rest ons alleen nog Amerika door te trekken en ongelukkig heb ik in dit laatste deel der reis niet veel trek. Ik denk, dat Amerika mij erg tegen zal staan en dat ik dit land vervelend zal vinden. 't Is waar, wij gaan eerst nog naar de Sandwich eilanden, maar daar blijven wij slechts 30 uren. Zoo mogelijk bezoek ik de koningin. - Ziehier nu weer eenig nieuws, dat wij later mondeling hopen uit te werken. Vermoedelijk komen wij in de tien eerste Augustus dagen terug. Zend

[p. 81]



illustratie
Emants in zijn werkkamer

[p. 82]

mij dus eerst nog eens wat geschrijf toe naar Amerika. Daar ik je adres nog altijd niet weet moet ik dezen wederom naar Maarssen zenden. Van Eva vele groeten en ons beider groeten aan Anna. Alles wel? Ik hoop 't en blijf intusschen steeds,

 

tt

Marc. Emants

 

N.B. Heeft Netscher in Egoïsme ons beiden te pakken of Eva alleen?

prepostterug  begin  verder