terug  begin  verderprepost

13.
Brief
.

U.B.A. Verwey X.52

Noordwijk a/Zee
29 Octr 07.

Waarde Heer Van Eyck,

De dialoog is goed36. Dat de kleine gedichten er bij zijn heeft mij nog bijzonder genoegen gedaan37. Zij laten mij weer een anderen kant van uw talent zien. Vooral het

[p. 40]

Celloconcert. Daar hangt geur in. Ik denk erover, juist terwille van de verscheidenheid, eerste die kleine gedichten te drukken, en eerst later het tweede gesprek38. Ik zeg dit evenwel nog niet zeker. Als het tijd is hoort u wel.

de Uwe
Albert Verwey

36Zie de voorgaande nrs. 11 en 12.
37Dat waren Celloconcert van Lalo (De Getooide Doolhof, 1909, pp. 9-11; Ed. 1911, pp. 31-32); Chopin (De Getooide Doolhof, 1911, p. 13;); Charles Baudelaire (De Getooide Doolhof, 1909, p. 16; Ed. 1911, p. 21; V.W., 1, p. 24); Avondgang (De Getooide Doolhof, 1909, pp. 12-15; Ed. 1911, pp. 33-35; V.W., 1, p. 28-30) samen opgenomen in De Beweging IV [1908]. 3; pp. 40-47.
38Het ‘tweegesprek’ werd evenwel éerst opgenomen in De Beweging IV (1908), 1; pp. 295-303.
prepostterug  begin  verder