U.B.A. Verwey X.52
Aan den Weled.geb.Heer, den Heer Albert Verwey,
Noordwijk aan Zee.
Zeer geachte Heer,
Onmiddellijk na de ontvangst van Uw schrijven39, wil ik U even de ontvangst daarvan melden. Met hoeveel vreugde ik Uw brief kreeg, -U zult het begrijpen kunnen. Het is heerlijk bij de eerste stappen reeds in de literatuur zulk een voorspoed te hebben.
Mag ik U nog één ding vragen? Naar ik meen, worden de kleinere verzen in de Beweging doorgedrukt40. Is dit een vaste regel? Zou er geen mogelijkheid zijn, dat dit niet gebeurde, - met berekening overigens, voor zaken, waarbij het noodig is, alsof ze wèl doorgedrukt waren? Ik geloof, dat het mooier is, en ook beter wellicht, met het oog juist op de verscheidenheid ook tusschen 2 aan 2 van deze verzen, wanneer men niet plotseling b.v. van Baudelaire op Lalo valt. Wanneer er evenwel van de - gewoonte? nooit afgeweken wordt, dan spreekt het vanzelf, dat ik mij gaarne onderwerp.
Met de meeste Hoogachting en beleefde groeten,
Uw dw.
P.N. van
Eyck
30 October '07
's-Gravenhage.

‘Maîtresse’, ets door Louis Legrand,
1904.

‘Maîtresse’, door P.N. van Eyck, zoals afgedrukt
in De getooide doolhof. Tweede vermeerderde
druk, Amsterdam, 1911, p. 38 en 39.
