Den Weled. geb.Heer, den Heer Alb.Verwey
Noordwijk
[Ongedateerd.]
Hooggeachte Heer,
Met groote blijdschap ontving ik Uw schrijven. Ik dank U voor Uw opmerking over mijn dictie, ik hoop haar te benutten.161 Ik wilde U even iets vragen. Uit Antwerpen kreeg ik de uitnoodiging een lezing te houden over George en Hofmannsthal (naar ik meen twee namen voor ongeveer denzelfden geest in de verbeelding der uitnoodigers.) voor de vereenig. v. oud-leden v.'t Athenaeum.162 Nu wilde ik mij gaarne op de hoogte stellen van Friedrich Wolters, Herrschaft und Dienst, waarvan ik in het Jahrboek [sic] der Geist.Bewegung las.163 Noch ik, noch mijn boekhandelaars kunnen mij echter den uitgever zeggen. Zoudt U mij daarmede misschien kunnen helpen, alsmede met de opgave v.d. prijs? Of is 't een Sonderausgabe geweest? Zoo U zoo vriendelijk wildet zijn, mij hieromtrent in te lichten, dan zou ik U zeer dankbaar zijn. Ik bied U wel mijn verontschuldiging aan voor het tijdverlies, dat ik U op deze wijze bezorg. Na bel.gr. Hoogachtend
Uw dw.
P.N. v.Eyck
Columbusstr. 223.