terug  begin  verderprepost

91.
Brief
.

Arch.Zilverdistel M.M.W.

24 Augs.'12.

Noordwijk a.Zee.

 

Waarde Van Eyck,

Vandaag corrigeer ik twee kleinere gedichten die in De Beweging komen.278 Of de Bouwval wordt opgenomen is onzeker. Het ligt in mijn bedoeling, maar ik stel het afhankelijk van de ruimte in Octr.of Novr.nr. Verder wordt er van Het Eigen Rijk niets afzonderlijk uitgegeven. Met de zending van het hs. heb ik geen haast gemaakt (en moet het ook nu nog eenige dagen houden), omdat sommige van mijn bezoekers en gasten er prijs op stellen het een of ander te hooren voorgelezen. Intusschen kan met den drukker worden overeen gekomen. Ik kies de letter die hierbij past. Schuin kapitaal moet in het boek niet gebruikt worden, behalve alleen voor het woord Inhoud

[p. 161]

(De inhoudsopgaaf een afzonderlijk titelblad). De titels van de reeksen in klein kapitaal boven de bladzijden (zie de Lage Landen). Maat de op de proef door je aangegeven: 17½ x 23½ cm. Het aantal Exx.zal zeker afhangen van de lijst, hoe groot die is. Ik zal de adressen die nog invallen opschrijven en ze 't zij hierbij voegen of later sturen.

Wat de zetvorm betreft houd ik nu voor afgesproken 5 strofen van 4 regels (aanhef van 3 met titel). Holl.papier, waarvan ik eerst staal zie. Omslag? Alle papier-omslagen zijn een behulp, maar ik voel dan nog het meest voor wit. Als dan de titel op rug en vlak staat, en het werk van de Enschedé's op het vlak in rood, dan is er een goed uiterlijk.279 (Zie de zeven wijze mannen).280

Dank voor je moeite betreffende Landor.281 Wolfskehl was verbaasd dat de 7e Folge van de Bl.weg was, maar wat de portretten betreft hoef je niet te treuren. Mooi is het blad niet. Alleen de naaste vrienden bezitten het, maar het werd nooit bijgeleverd. Maximin koste oorspr.25 Mk., maar nu antiquarisch 80.282 Van Fortunat is misschien nog wel een Ex.te krijgen door Gundolf zelf.283 Ik vraag daar later wel eens naar. Bij de vertaling van Oedipus (de vertaler wil, hoewel 't er niet staat, in 't hs. Oidipous lezen) is geen haast. De vertaling is als klankvolle beweging èn als ongedwongen Nederlandsch doorgaans goed, en daarom m.i.als Nederl.vertolking van een Grieksch stuk niet alleen nieuw, maar van de soort die ik wensch. De vraag is of niet door 't invoeren van ongrieksche beeldspraak hier en daar (zie de kruisjes) èn door slappe regels gezondigd is.

Geef mij dienaangaande je onafhankelijke oordeel. Waar de hoofdzaak er m.i. is, zou ik graag alle moeite besteed zien aan 't kennen, en dientengevolge zoo mogelijk verbeteren (door den auteur doen verbeteren) van het bijkomstige. Bij voorbaat mijn dank.

Hartelijk gegroet
je A.V.

[p. 162]

Een belangrijk punt vergeet ik nog. Het is goed dat ik de verzen hier hield. Bij herlezen en nadenken is mijn keus totaal veranderd. Ik kies de kleinere gedichten, niet omdat de grootere niet goed zijn, maar omdat een langer gedicht in dergelijke 4-regelige strofen estetisch noodzakelijk aan de Sterren herinnert, - en bovendien omdat ik, afgescheiden daarvan, een grooteren indruk voor je verwacht van de verscheidenheid in de kleinere. Ik houd dus Zomerregen, Wel zijt gij ver, Middag, Avondlied uit de Verte, - een mooie bijdrage. -284

Om de verzending niet langer uittestellen stuur ik de vertaling Maandag. Deze brief is alles wat ik vandaag heb kunnen schrijven. Vanmiddag was Van der Leeuw hier en las kostelijke verzen voor.

278Dat waren Zij Beiden en Runen. De Beweging VIII (1912), 3; pp. 312-315. De Bouwval werd niet in het tijdschrift opgenomen.
279De uitvoering werd anders. Een donkergroene band, goud gestempeld, op de rugzijde de titel en de naam van de dichter ook in goud en dan nog goud op de zeven ‘ribben’. Goud op snee rondom. Gemarmerd, verguld papier tegen de binnenkant van de platten. De schutbladen zijn van 't zelfde materiaal.
280van den VII vroeden binnen Rome, een verzameling van middeleeuwse verhalen, vermoedelijk naar Franse modellen in proza rijmend verwerkt. In 1898 verscheen een herdruk van het volksboek door A.J. Botermans, waarnaar Verwey verwijst.
281Zie nr. 90; noot 272.
282Maximin was de naam waaronder de door Stefan George gevierde, bijna aanbeden Maximilian Kronberger (1888-1904) befaamd werd. In 1902 ontmoette George hem voor het eerst. De vroege dood van deze jongen zal de verering begunstigd en de mythevorming versterkt hebben. In 1906 verscheen Maximin, ein Gedenkbuch in een oplaag van 200 exx. Daarin werd een cultisch beeld gegeven van de ‘in mensengestalte (en) geschouwde God’. George zelf vergeleek hem in de inleiding met Alexander de Grote en met de twaalfjarige Jezus in de tempel.
283 Fortunatus was een graag gelezen volksboek in de 16e en 17e eeuw. Nog in 1882 verscheen daarvan een bewerking in het Nederlands door J.J.A. Goeverneur en in 1910 verhaalde Nienke van Hichtum dezelfde geschiedenis onder de titel Amleth. Zie noot 275.
284In het januarinummer van De Beweging 1913 zijn opgenomen: Bede, Middag, Avondlied uit de verte, Vereeniging (in de brief naar het eerste vers genoemd: ‘Wel zijt gij ver’) op de pp. 73-78. Zomerregen werd met De verlatene, Eenzaamheid en Belofte geplaatst in Jan Greshoffs Muzenalmanak: Het jaar der dichters 1913 (pp. 85-97). Deze gedichten waren bestemd voor de bundel Het ronde perk , die in 1913 zou verschijnen, maar pas in 1917 het licht zag, samen met Lichtende golven onder de samenvattende titel Gedichten.
prepostterug  begin  verder