terug  begin  verderprepost
[p. 168]

L 30

Voorburg 18 November '29

 

Beste vanEyck

Dank je voor je brief met al het bijbehooren. Ten eerste het vers.395 Wat keurig heeft je zoontje dat gedaan. Wie weet of daar niet een beroemde private press uit groeit. Ook het vers zelf is heel mooi, bizonder ook de twee laatste regels. Iets stoorde in het eerste couplet de twee ‘zijn’s onder elkaar ‘zijn handen’ en ‘zijn plotseling’, misschien de handen beter, de twee ‘de’s hinderen niet zoo. Maar verder weer een warm mooi gedicht.

Ook de gehoorinstrument prospectussen lazen [w]e met aandacht door. Ik ga er nu zeker toe over. Maar ik ga eerst nog een prof. (Zwaardemaker in Utrecht)396 raadplegen, om te weten wat voor mijn soort doofheid het geschiktste apparaat is. Dat schijnt verschillend te zijn, maar wat je er van hoort schijnt alles van Siemens en Halske wel het beste te zijn. Het zou heerlijk zijn om weer andere dan zelf gespeelde muziek te kunnen hooren. Voor viool bestaat er dunkt me niets mooiers dan de oud-Italianen za. Corelli Vivaldi Veracini enz., maar je gaat je daar te veel op vastzetten. Ik zal je schrijven als ik met een sonomax of midget fortiphone voorzien ben.

Ik vind je voorgestelde veranderingen in mijn Traherne stuk best, ook de titel. Ook die weglating van pantheistisch. Ik ben zelf een groot vereerder van Spinoza, om van Goethe dan nog niet te spreken, maar op dat oogenblik dacht ik uitsluitend aan Walt Whitman397 en zijn navolgers:

 
Niets is dat niet goddelijk is
 
Daarom wil ik niets uitzonderen398
[p. 169]


illustratie
Bladzijde uit de bundel ‘Herwaarts’ (1939) door P.N. van Eyck met potloodaantekeningen door de dichter

[p. 170]

en je krijgt dan tenslotte het boordeknoopje van een kelner te genieten. Het is oo[k]een feit dat er altijd een beetje van de misbruiken die in naam van een begrip gemaakt worden, op dat begrip zelf terugvalt, bv. ook bij Christelijk. Maar ik geef je toe dat dit oppervlakkig is, en ik juich dus de doorschrapping toe. Is het je misschien ook opgevallen dat ik zeg ‘want niet alleen zijn het de Duitsche mystici...’ Is dat wel duidelijk? In de eerste plaats bedoel ik de middeleeuwsche, want anders zou je natuurlijk kunnen zeggen ‘en de Spaansche?’ maar in de Middeleeuwen had je ook Ruusbroek, [S]aint Bernard, de monniken van Saint Victor etc. Toch heeft iemand die van Middeleeuwsche mystiek spreekt alleen den groep Eckhart Tauler Seuse Mechtild op het oog. Hinderde het je niet dan kan het blijven staan.

Een jaar of wat geleden was ik het nog heelemaal eens met den grens die Traherne trok, ook ik beschouwde het maatschappelijk deel van mijn bestaan volkomen als niet zijnde, en daarom ook voor mijn kunst niet te gebruiken. Toen zag ik een film. Nu ben ik heelemaal niet gesteld op filmen, die ik zag kan ik zoowat op mijn tien vingers aftellen. Zelfs van Chaplin had ik nog nooit iets gezien. Toen werd ik toevallig voor ‘Circus’ van Chaplin gezet. Dat trof me geweldig. Zoo'n schepping rechtvaardigt het heele bestaan van de cino. Bovendien herkende ik een stuk van mezelf en begreep ik dat ook van het schutterig door de samenleving rondstumperen iets schoons is te maken.399 In ‘Opdracht’ is het dan ook niet alléen de droom die verbeeld wordt maar ook dat, wat door Traherne de schijnwereld wordt genoemd. Ik ben verbazend verlangend om nog meer van Chaplin te zien, maar na Circus is hier nooit meer een reprise van vorig werk gegeven. Voel je ook voor hem?

Ik begrijp dat je het druk hebt, met het in orde brengen van je eerste nummer, toch is het een prettige drukte en wordt er een wensch van jaren door vervuld. Zal het een tweemaandelijksch tijdschrift wezen?

De Duitsche prospectus stuur ik hierbij terug. Aan mevr. Huszar heb ik je boodschap over gebracht.

Ons beider hartelijke groeten ook aan je vrouw

 

je

AartvdL

395Van Eyck heeft Van der Leeuw een produkt gestuurd van het drukpersje, ‘Eikelpersje’ genaamd, van zijn oudste zoon. Dit nieuwe vers is ‘In memoriam’, voor het eerst gepubliceerd in Herwaarts, Haarlem, 1939; VW 2, p. 34. Van Eyck heeft de door Van der Leeuw voorgestelde verandering overgenomen. De eerste strofe luidt:
 
In liefde volgde ik de onrust van zijn tochten
 
De wereld door, en, door zijn eigen hart.
 
De handen, die het zoetst der zonden zochten,
 
Zijn plotseling in hun laatste greep verstard.
396Hendrik Zwaardemaker, 1857-1930. Van 1897 tot 1928 hoogleraar in de fysiologie te Utrecht. Samen met L.P.H. Eijkman publiceerde hij in 1928 Leerboek der phonetiek .
397Walt Whitman, 1819-1892. Amerikaans dichter. Zijn bundel Leaves of Grass (eerste uitgave 1855) betekende een ommekeer in de Amerikaanse poëzie. Whitman legde zich geen beperkingen op wat betreft vorm en onderwerp van dichten. Hem werd dan ook ‘formlessness’ en ‘sensuality’ verweten. De laatste strofe van het gedicht One's-Self I sing luidt:
 
Of Life immense in passion, pulse, and power,
 
Cheerful, for freest action form'd under the laws divine,
 
The Modern Man I sing.
398Dit zijn de beginregels van Narrenwijsheid, waarmee de gelijknamige dichtbundel (1925) van J.C. van Schagen opent.
399De film Circus dateert van 1928. De hoofdfiguur ervan wordt opgepakt wegens diefstal, maar ontsnapt en vlucht een circus binnen. Bij vergissing komt hij in de piste terecht en brengt het publiek aan het lachen. Hij wordt daarop aangenomen als klown en raakt verliefd op een kunstrijdster. Door toedoen van zijn rivaal wordt hij ontslagen en blijft na vertrek van het circus bedroefd in het zaagsel achter.
prepostterug  begin  verder