terug  begin  verderprepost

E 25

briefkaart zonder gedrukt briefhoofd

 

poststempel:

Golders Green, N.W. 11

1.30 P.M.

21 APR

1930

Mr. Aart van der Leeuw.

Westeinde 140.

Voorburg.

Holland

Z.H.

bij Den Haag

 

B.v.d. Leeuw, Hartelijk dank voor je dubbel welkome brief. Ik ben bezig

[p. 178]

de laatste hand aan 't hoofdstuk over Verwey te leggen, dan nog een paar boekbesprekingen.417 Daarna schrijf ik je uitvoerig. Nu dit: zend mij per omgaande dat eerste hoofdstuk van je maar toe, dat hartelijk welkom is. Ik zou deze maand met een verhaal van Nine begonnen zijn: De Uitvinder (waarschijnl. 3 afl.) Ik kan echter eerst jouw hoofdstuk nemen, en dan de 2o helft v.d. jaargang aan Nine besteden.418 Ik ben voor de eerste jaargang wat proza betreft dan binnen. Fijn!! Het gaat net nog en ik ben alleen daarom al blij, dat ik je geschreven heb. Van harte geluk gewenscht met dit nieuwe werk. Ga je weer naar N.e.v.D. Laat je de Meezen niet nog een profiteeren? Je zult minstens zoo voordeeling bij hen terecht kunnen en zij zijn tot op de laatste penning te vertrouwen. Ik gun het hen te meer, daar zij niet je rendabelste boeken hebben uitgegeven.419 Duid mij de aanbeveling niet ten kwade. Ik denk ook naar hen over te gaan420 en zou het mooi vinden, wanneer de uitgever van het tijdschrift ook de voornaamste medewerkers centraliseerde. Hart. gr. ook aan je vrouw en van de mijne

 

je

VanEyck

417Van Eyck heeft in het mei-nummer geen boekbespreking geplaatst.
418Zo heeft Van Eyck het ook gedaan. Voor het verhaal De uitvinder van Nine van der Schaaf waren echter vier afleveringen nodig: het slot verscheen in het januari-nummer van 1931.
419Bij C.A. Mees heeft Van der Leeuw laten uitgeven: Opvluchten, De gezegenden (samen met De Sikkel te Antwerpen) en Het aardsche paradijs .
420Mees heeft echter nooit enig werk van Van Eyck uitgegeven. Zie ook Van Eycks brief van 22 maart 1927.
prepostterug  begin  verder