terug  begin  verder

[p. 258]

[Het ochtendveulen uit zijn ijs-]

 
Het ochtendveulen uit zijn ijs-
 
schaal breekt; de Sporaden zich
 
opgebleekt en verstrooid.
 
 
 
En hoe kort maar gestampvoet.
 
 
 
En hoe het voorjaar wordt.
 
De nacht- of avondmerrie.
 
De adem noodt; het avondroodt.

terug  begin  verder