[p. 301]
[Wat een onbekommerde]
Wat een onbekommerde
huzarensalade, en wat een
onvergeeflijke bergtochten
zijn dit niet geweest.
Wat een wegzijn
van de pijlstaart
in november.
En wat een onvergetelijke zee
had het niet kunnen worden,
leeglopend in steeds langere
reeksen van al maar trager
wordende schokken.